*

Leidsch Dagblad - Gerrit Komrij: gevreesd dichter en criticus
Volg ons op:





Follow Me on Pinterest



Bron: ANP Gepubliceerd 6 juli 2012 4:12 | Laatste update 6 juli 2012 4:17

RIJSWIJK - Gerrit Komrij komt tijdens een luchtaanval op 30 maart 1944 in een kippenhok in Winterswijk te wereld. Hij blijft hangen in Amsterdam, na een niet afgemaakte studie neerlandistiek en algemene en vergelijkende West-Europese literatuurwetenschap, samen met zijn levenspartner Charles Hofman.

Tegen die tijd heeft hij al enige faam verworven als dichter, essayist, romanschrijver en gevreesd criticus. Zijn eerste publicatie verschijnt in 1968: Maagdenburgse halve bollen en andere gedichten. Na zijn literair debuut volgen ontelbare dichtbundels zoals De os op de klokketoren en Alle gedichten tot gisteren. Voor zijn essaybundel Papieren Tijgers kreeg hij de Busken Huetprijs in 1979.

Tot zijn bekendste romans behoren het autobiografische Verwoest Arcadië, Over de Bergen, De Klopgeest en Hercules. Verder schrijft Komrij onder meer recensies en later ook zijn serie Teringstein voor Vrij Nederland en televisiekritieken en columns voor NRC/Handelsblad. Voor de VPRO verzorgt hij een show over televisie in Nederland. In zijn televisiekritieken verzint hij het woord 'treurbuis' om de treurnis op de Nederlandse televisie aan te duiden. Hij ontvlucht Amsterdam in 1984 en gaat in Portugal wonen.

Zijn hele leven lang uit hij nimmer aflatende kritiek op het werk van zijn mede-dichters en schrijvers. Maar ook televisiemakers, architecten, de Scientology Church en het Koninklijk Huis fungeren regelmatig als schietschijf. Ondanks zijn voortdurende kritiek op Nederland, dat hij doorgaans Absurdistan noemt, en zijn inwoners, wordt hij in 2000 toch verkozen tot dichter des vaderlands. De afspraak is dat hij minstens vier keer per jaar een gedicht schrijft over belangrijke gebeurtenissen in Nederland. Komrij houdt woord en schrijft onder meer over de ramp in Enschede en prins Claus, maar maakt zijn termijn als vaderlands dichter van 4 jaar niet vol.

Voor zijn werk krijgt de voormalige dichter des vaderlands talloze prijzen, zoals de Poezieprijs van de stad Amsterdam in 1971 voor zijn dichtbundel Alle vlees is als gras of Het knekelhuis op de dodenakker, de Herman Gorterprijs in 1982 voor De Os op de klokketoren, de P.C. Hooftprijs in 1993 voor beschouwend proza en de Gouden Uil Literatuurprijs in 1998 voor de poëzie-bloemlezing In Liefde Bloeyende.

Over al deze loftuitingen zei hij ooit in een interview: ,,Ik wil helemaal geen prijzen winnen. Elke Nederlandse schrijver krijgt, als hij maar lang genoeg leeft en niet al te stom is, gewoon alle prijzen. Het zijn namelijk schaamprijzen: nu kunnen we niet meer om hem heen. Die moet ook eens een prijs.''

Meer nieuws
Meest gelezen
Laatste reacties