Lokale bestuurders volgen elkaar als een kudde lemmingen naar de afgrond die gemeentelijke fusie heet. Dat is de overtuiging van VVD-raadslid Vincent Smit uit Noordwijkerhout, die de elfde bijdrage levert aan het grote bollenstreekdebat. Noordwijk, Teylingen, Noordwijkerhout, Lisse en Hillegom moeten fuseren tot één gemeente Bollenstreek. Dat is de inzet van het debat dat elke vrijdag op deze plek door voor- en tegenstanders wordt gevoerd. Opiniemakers uit de streek wordt om een bijdrage gevraagd, maar spontane inzendingen van rond de 500 woorden zijn uiteraard ook welkom (mail die naar bollenstreek@leidschdagblad.nl). Hieronder de bijdrage van Vincent Smit. Hij is tegen een fusie.
Al geruime tijd vindt er in de noordelijke Bollenstreek een discussie plaats rondom de meest effectieve inrichting van het lokaal bestuur. Het afgelopen jaar is deze discussie in een stroomversnelling geraakt en heeft het zijn eigen dynamiek genomen, waarbij met name een aantal bestuurders een uitgesproken mening ventileert zonder dat rationele en inhoudelijke argumenten naar voren worden gebracht die worden onderbouwd met harde gegevens en cijfers.
Zij voelen zich hierin gesteund door een tweetal recent uitgebrachte onderzoeksrapporten van Ernst & Young, waarin meerdere samenwerkingsvormen en fusievarianten worden beschreven met als kernboodschap dat onze regio het best is gediend met op termijn, één krachtdadig bestuur voor de vijf bollengemeenten (Hillegom, Lisse, Teylingen, Noordwijk, Noordwijkerhout). In deze rapporten ontbreekt echter iedere inhoudelijke argumentatie en is geenszins sprake van enige vorm van 'evidence-based' wetenschappelijke onderbouwing.
De burgemeesters van Hillegom, Teylingen en Noordwijk (Mans, Schelberg en Groen) alsmede de verantwoordelijke wethouder van Lisse (Brekelmans) spreken, weliswaar op persoonlijke titel, ook hun duidelijke voorkeur uit voor deze bestuurlijke variant. Of de inwoners van de individuele gemeenten beter af zijn met een dergelijk dagelijks bestuur dat op grotere afstand komt te staan, is nog maar zeer de vraag. Wel is duidelijk dat met een dergelijke opschaling het voor de bestuurders een stuk eenvoudiger wordt. Er hoeft immers minder te worden overlegd en onderlinge afstemming om eensgezind de regionale belangen in groter verband (lees: provincie en Holland Rijnland) te behartigen, is niet meer nodig.
De optimale schaalgrootte van individuele gemeenten is mijns inziens een balans tussen enerzijds voldoende herkenbaarheid, betrokkenheid en verbondenheid van bestuurders met hun inwoners en anderzijds een zekere bestuurlijke invloed en slagvaardigheid. Deze invloed en slagvaardigheid wordt helaas in bestuurlijk Nederland vaak niet bepaald door inhoudelijke argumenten, maar slechts door een stemaandeel gekoppeld aan gemeentelijke schaalgrootte; hoe groter de gemeente, hoe meer bestuurlijke invloed.
Het optimum hierbij laat zich niet eenvoudig vaststellen en wordt bepaald door vele factoren. Belangrijkste factor is mijns inziens de kwaliteit van de lokale bestuurders zelf. Als zij in staat zijn om met constructief overleg gezamenlijk op te trekken om vooral de regionale belangen van onze streek te behartigen, is opschaling in het geheel niet nodig. Echter, zwakke bestuurders, gekenmerkt door het alleen oog hebben voor lokale belangen, en het niet in staat zijn om acceptabele compromissen te sluiten met hun omgeving, maken het zichzelf erg moeilijk. Roepen om bestuurlijke opschaling is voor hen dan de meest effectieve oplossing.
Helaas wordt op dit moment de streek gekenmerkt door dergelijke zwakke bestuurders waarmee de dynamiek rondom bestuurlijke herindeling door henzelf wordt versterkt. Als een groep lemmingen volgen zij hun suïcidale instinct door met elkaar naar de 'klif' te rennen die de individuele gemeenten in een fusie-zee zal storten. Dit proces lijkt niet meer te kunnen worden gestopt en een ieder die zich hier kritisch over uitlaat wordt dwarsigheid en halsstarrigheid verweten en beschouwd als non-realist. Het is ook jammer dat deze bestuurders tijdens hun gezamenlijke trektocht naar de 'klif' niet willen luisteren naar hun inwoners, van wie het merendeel absoluut niet zit te wachten op opschaling.
Toch is er hoop. De wetenschap dat lemmingen niet kunnen zwemmen en snel zullen verdrinken na het springen in deze zee, geeft ruimte aan nieuwe, meer krachtdadige bestuurders, die wél in staat zijn om de juiste balans te vinden tussen voldoende betrokken- en verbondenheid met hun burgers en bestuurlijke slagvaardigheid. Indien deze bestuurders zich op tijd aandienen, kan bovengenoemde gemeentelijke herindeling wellicht nog worden voorkomen.
Vincent Smit
VVD-raadslid Noordwijkerhout
(op persoonlijke titel)
Lees meer in het Leidsch Dagblad, editie Duin- en Bollenstreek, van vrijdag.


