nairobi -
Gered uit de seksclub, bekeerd en vervolgens weer terug op straat. Dat lot trof de twaalf Keniaanse prostituees die onder de vleugels kwamen van de Leidse pinksterkerk Great Commission Church International (GCCI).
De kerk had grootse plannen met de hoertjes. De Leidenaars zouden de meisjes op weg helpen als model, zangeres of evangeliste zodat ze hun geld op een eerzame manier konden verdienen. Zo belandden ze in een klein paleisje in de duurste wijk van Nairobi. Het was 'één grote familie' maar de plannen stierven een zachte dood. Uiteindelijk bleef ook de maandelijkse toelage achterwege. Rose en Virginia hebben geluk. Ook nadat ze met GCCI braken, bleven ze uit de prostitutie. Virginia en Rose opereren nu vanuit hun 'studio', een kelderruimte ter grootte van een flinke muurkast, volgestouwd met antieke boxen en versterkers. Vanuit hier proberen ze als zanggroep Black Hat een carrière op poten te zetten. Alles is beter dan terug naar hoerenstraat Koinange of een van de zweterige clubs. GCCI zou hun carrière een flinke zet geven. ,,We namen een tape op. Agtereek vertelde ons later dat die in Nederland drie miljoen had opgeleverd. Daarna hoorden we niets meer. Hij betaalde wel onze tickets naar Nederland voor een optreden, maar daarna bleef het maandgeld uit. Het leek wel of hij voor de buitenwereld een show opvoerde om donaties los te krijgen. Er kwam een tweede groep meisjes. Die zijn nu allemaal terug in de prostitutie. Ze hebben ons nu gevraagd opnieuw te beginnen, maar ik zou het nog niet doen als ze me honderdduizend boden, want het zijn leugenaars. Als je over Jezus vertelt die goede dingen doet maar je leeft daar zelf niet naar, wie gelooft je dan nog?''lees meer in het Leidsch Dagblad van zaterdag

