Koningin Beatrix opende zaterdagmiddag in De Lakenhal de expositie ’Lucas van Leyden en de Renaissance’. Ze liet zich rondleiden door conservator Christiaan Vogelaar. Ze sprak daarbij openlijk haar bewondering uit voor de gravures, schilderijen en altaarstukken van de Leidse meester (ca. 1494 -1544) die weer een groot voorbeeld was voor zijn latere stadgenoot Rembrandt van Rhijn.
Voorafgaande aan de opening zette de priester en kunsthistoricus Antoine Bodar in een gevatte toespraak de tijd van Lucas in perspectief en verzekerde burgemeester Lenferink nogmaals dat zijn stad niet zal bezuinigen op cultuur. Onder de genodigden waren de in Leiden wonende minister Schultz, kunstgoeroe Rudi Fuchs, directeur Taco Dibbits van het Rijksmuseum en de Commissaris van de koningin in Zuid-Holland. Het Egidius Kwartet ’zong’ de middag aan elkaar.
