RIJNWOUDE - Rijnwoude moet wellicht een deel van de 1,2 miljoen euro terugstorten die de gemeente van de rijksoverheid ontving voor het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG). Rijnwoude opent in maart een dergelijk centrum in Hazerswoude-Dorp. Dat had echter al vóór 1 januari moeten gebeuren.
Het was minister Rouvoet die in 2008 alle gemeenten verplichtte een CJG te openen. Een consultatiebureau, maar dan niet alleen voor vragen en hulp met betrekking tot baby’s en peuters, maar ook voor jongeren tot 23 jaar. Voor het opzetten van een CJG kregen de gemeenten tussen 2008 en 2011 behoorlijke bedragen; Leiden acht miljoen, Alphen vijf miljoen en het veel kleinere Rijnwoude nog altijd 1,2 miljoen.
Enkele gemeenten probeerden in de afgelopen drie jaar onder de verplichting uit te komen. Door bijvoorbeeld alleen een ’virtueel CJG’ op internet te openen of door met een buurgemeente één gezamenlijk centrum te plannen. Die ideeën werden door het toenmalige ministerie voor Jeugd en Gezin afgekeurd. Wie vóór 1 januari 2012 geen ’fysiek CJG’ binnen de gemeentegrenzen had geopend, kon rekenen op een stevige strafkorting. Met als gevolg dat vrijwel alle plaatsen, soms met enige haast, alsnog een ruimte voor het centrum regelden.
Rijnwoude vormt daarop een uitzondering. Pas in maart van dit jaar wordt het plaatselijke consultatiebureau voor jeugd en jongeren geopend in het voormalige gebouw van het Groene Hart College in Hazerswoude-Dorp. Desondanks verwacht de gemeente Rijnwoude, zo laat een woordvoerster weten, geen financiële gevolgen. Immers, er waren al twee consultatiebureaus - een in Benthuizen en een in Ridderhof in Koudekerk - die feitelijk als CJG dienst deden. Buiten schot
Volgens een woordvoerder van het ministerie van VWS, dat tegenwoordig over de centra voor jeugd en gezin gaat, is het nog geen uitgemaakte zaak dat Rijnwoude buiten schot blijft. ,,Alle gemeenten moeten een eindverantwoording inleveren over hoe zij het geld hebben uitgegeven. Als daaruit onverhoopt blijkt dat - een deel van - het geld niet of onvoldoende op de juiste wijze is besteed, kan de situatie ontstaan dat de gemeente een deel van dit voorgefinancierde geld moet teruggeven.’’
Het ministerie verwacht daar komend voorjaar uitsluitsel over te geven.