Tijdens de oudejaarswisseling 2000-2001 heeft Heleen Westra nachtdienst in het Brandwondencentrum van het Beverwijkse Rode Kruis Ziekenhuis.
Het zal voor haar en de collega’s een gedenkwaardige dienst worden. Want in café Het Hemeltje in Volendam voltrekt zich die nacht een ramp. Veertien jonge mensen komen uiteindelijk om. 180 Anderen raken veelal zwaar gewond.
De grootste confrontatie met het leed volgde eigenlijk iets later, vertelt Heleen (51). ,,Wij zagen die nacht en de dagen erna de ernstig verbrande jongeren. Je weet niet wat je overkomt. Pas later kregen we de foto’s onder ogen over hoe ze ervoor uitzagen. Jonge knappe mensen. Het is zo bitter om te zien hoe die schoonheid beschadigd is. En dan valt gelijk op hoe knap die jongeren er mee om weten te gaan.’’
Gekte
Het werk van een gespecialiseerde brandwondverpleegkundige is werk ’dat er toe doet’. En daarom werkt Heleen al ruim twintig jaar op het brandwondencentrum. Veel van haar collega’s hebben ook lange dienstverbanden. ,,Je bent hier snel weer weg, of je blijft. Een tussenweg lijkt er niet te zijn in dit specialisme.’’ Heeft een beetje met ’gekte’ te maken, probeert ze uit te leggen. Heleen werkte als A-verpleegkundige op diverse chirurgische afdelingen voordat ze een stage ging volgen op het brandwondencentrum. ,,Wonden hebben me altijd al geboeid. Je moet daar in dit werk gewoon affiniteit mee hebben. Iets dat stuk is weer netjes maken. Heel zichtbaar.’’
Frituurpan
Bert de Groot ligt te stralen op zijn bed. Na vijf weken opname mag de 63-jarige Nijkerker weer naar huis. Weliswaar nog steeds met een flink ingepakte linkerhand. Hoe het precies allemaal gebeurde weet hij niet meer volledig door shock. ,,In de schuur bak ik altijd frites voor bij het eten. Ik ben op de een of andere manier uitgegleden en met mijn hand in de kokende frituurpan gevallen. De ziekenbroeders hebben me eerst onder de douche gezet, hoewel ik me daar eerst tegen verzette. Ze hebben me daarna direct hierheen gebracht.´´
Heleen doet de dagelijkse verbandwissel bij De Groot. Alle handelingen worden zorgvuldig en met rust uitgevoerd. De behandeling van brandwonden is een arbeidsintensief proces dat uren aaneen kan duren. Heleen inspecteert de hand waarop donorhuid van het bovenbeen van het slachtoffer is getransplanteerd. Met een pincet verwijdert ze dode huidresten en de gaasjes die de deels verdwenen vingertoppen bedekken.
Disciplines
De behandelend arts en de fysiotherapeut komen ook even kijken. Er zijn veel disciplines betrokken bij de behandeling van brandwonden. Van plastisch chirurg tot psycholoog. Van ergotherapeut tot voedingsdeskundige. En daardoor heen wandelen ook nog onderzoeksartsen. Want het specialisme blijft in beweging. Heleen: ,,We zijn al heel ver in het in leven houden van brandwondpatiënten. Het onderzoek richt zich nu vooral op littekenvorming en bewegingsbeperking. Wereldwijd staat Nederland op onderzoeksgebied vrij hoog op de ladder. Er wordt zelfs door sommigen beweerd dat we internationaal bovenaan staan.’’
Het brandwondencentrum is een beetje een eiland in het RKZ. Dat heeft bijvoorbeeld te maken met het feit dat de behandeling van brandwonden speciale eisen stelt aan hygiëne en op het gebied van klimaatbeheersing. Het personeel werkt er soms uren aaneen onder tropische omstandigheden. Bij de behandeling en verzorging van grote wondoppervlakten dreigt namelijk al snel het gevaar van onderkoeling.
Doorgroeien
Maar ook om andere reden is het centrum een beetje een buitenbeentje. Ze hebben er eigen intensive care-plaatsen en zelfs een operatiekamer. Daarom vind je er ook diverse deskundigheidsniveaus. In de middaguren draaien de gespecialiseerde verpleegkundigen ook mee op de brandwondenpoli. Een A-verpleegkundige met brandwondenspecialisme kan verder bijvoorbeeld, zoals Heleen deed, doorgroeien naar de functie van IC-verpleegkundige. Een uiteindelijk mooie, bovenmodaal betaalde baan.
Campagne
Het aantal brandwondenslachtoffers neemt mede dankzij intensieve campagnes van de Brandwondenstichting jaarlijks af. Alleen verbrandingen door barbecues of campingflessen blijven hardnekkig op een te hoog niveau. Dat geldt ook voor verbranding door heet water bij kinderen. Gebeurt nogal eens in de fase aan het eind van het eerste levensjaar, waarin ze beweeglijk en ondernemend zijn.
De verwachting is dat de expertise van het Beverwijkse brandwondencentrum in de toekomst breder zal worden benut. Bijvoorbeeld bij de behandeling van gecompliceerde wonden die niet door brand zijn veroorzaakt.
jacob van der meulen


