Opening academisch jaar in Leiden: Coronacrisis zet de essentie van de universiteit op het spel

De opening van het academisch jaar in de Leidse Pieterkerk verliep heel anders dan andere jaren.
© Foto Hielco Kuipers
Leiden

Geen ’Io Vivat!’, geen ’Gaudeamus igitur’. De traditionele studentenliederen waarmee de Universiteit Leiden in de Pieterskerk traditiegetrouw het nieuwe academische jaar tegemoet zingt, weerklonken dit jaar niet. In plaats daarvan deed de monumentale kerk eerder denken aan een nachtclub, waar hoogleraren aan tafeltjes zaten, wijd uiteen, met flakkerende kaarsjes en grote waterglazen voor een beetje sfeer.

De strijd van WOinActie, de protestbeweging voor betere arbeidsvoorwaarden die vorig jaar nog zoveel los wist te maken onder academici, deed in de lege kerk opeens gedateerd aan. Een enkel plichtmatig woordje over ’werkdruk’ kon er bij rector magnificus Carel Stolker nog wel vanaf.

De uitbraak van het coronavirus heeft het voortbestaan van de universiteit zelf op het spel gezet. Hoe kan zij ook online een plek zijn waar de geest van nieuwsgierigheid waait en waar ’vragen belangrijker zijn dan antwoorden’?

Over ’blended learning’, wat zoiets betekent als half om half voor een computerscherm en fysiek in de collegezaal, spreken universiteiten al jaren. Onderwijsbestuurders en docenten verwachtten wel dat meer onderwijs online zou gaan. Maar dat een totale universiteit, niet slechts een paar vakken, in een kwestie van dagen die omslag zou maken- nee, daarmee had niemand rekening gehouden.

,,Zelfs de Open Universiteit’’, stelde Stolker met verbazing vast, ,,die toch juist voor afstandsonderwijs is opgericht, wordt nu naar de kroon gestoken door universiteiten die het vóór corona van de collegezaal moesten hebben.’’

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.

Die plotselinge overstap bleek ontzettend stressvol te zijn. Docenten en studenten raakten van de leg.

Docenten keken opeens naar een scherm met tientallen, honderden gezichten en hadden het gevoel dat zij in de leegte praatten. Ze missen de verbinding, zei hoogleraar intellectueel eigendomsrecht Dirk Visser.

,,Tijdens een college voel je wel of je de aandacht van de studenten hebt en wanneer je die dreigt te verliezen, maar je hebt geen flauw idee hoe het in een studentenkamer toegaat.’’ Studenten missen het sociale contact, met hun docenten bij de koffieautomaat en met elkaar, in de studentenvereniging of de kroeg.

De overdracht van kennis blijkt wonderwel te lukken, zei vicevoorzitter Hester Bijl van het Leidse college van bestuur. De slagingspercentages en de aantallen behaalde studiepunten zijn niet lager ’en soms zelfs iets hoger’ dan voor de crisis.Een gouden greep blijkt een lesmethode waarbij een hoorcollege door twee personen wordt gegeven. Terwijl de docent zijn betoog houdt, beheert een moderator de ’chatfunctie’. Hij beantwoordt vragen en kan het college ook kort onderbreken als extra uitleg of verdieping nodig is.

Academische sfeer

Het onderwijs komt dus weer op gang. De grootste opgave blijkt echter het creëren van een academische sfeer te zijn. Docenten klagen: als het zo doorgaat, wat onderscheidt de universiteit dan nog van de LOI?

De universiteit is een ’plaats van ontmoetingen’, zei rector magnificus Stolker. Een ’magische plaats’ waar ’studenten leren om problemen bij de oplossingen te zoeken’ of omgekeerd: waar zij antwoorden vinden op niet-gestelde vragen. Hoe kan de universiteit als ’opleidingsinstituut voor probleemzoekers’ de coronacrisis overleven?

De academische gemeenschap snakt naar ’fysiek onderwijs’ en naar ontmoetingen. ,,Die wereld komt echt terug’’, zegt Stolker. ,,Precies ja, door de wetenschap, door die wereld van voortdurend vragen stellen, van scherp kijken, van twijfel op het randje van de achterdocht, door met elkaar te zijn.’’

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. U heeft hiervoor geen toestemming gegeven.

Meer nieuws uit Leiden

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.