Column Irene de Bel: Overwerken

Column Irene de Bel: Overwerken
Irene de Bel.
© Archief

In de jaren zestig en zeventig maakten men zich nog zorgen over wat wij in de toekomst met onze vrije tijd zouden moeten doen. Door technologische ontwikkelingen en robotisering, zou ons zo veel werk uit handen worden genomen, dat we nog maar twaalf uur per week hoefden te werken, zo was de gedachte.

En kijk ons nu eens. Gemiddeld werken werknemers drie uur per week over, bleek uit onderzoek van Kantar deze week. Leidinggevenden werken zelfs 6,5 uur per week over en nemen dan nog voor zo’n tien uur werk mee naar huis.

Bovendien zijn we non-stop aangehaakt op de werkmail via onze telefoon. Gek genoeg vinden we dat helemaal niet erg. Slechts een op de twaalf werknemers is ontevreden over die extra uren. Waarom vinden we overwerken zo normaal?

Blijkbaar willen we allemaal heel graag de baas pleasen en onze inzet tonen door zo veel mogelijk uren op kantoor door te brengen. Want je hebt pas écht hart voor de zaak als je er bent. Thuiswerken is toch een soort spijbelen. Want dan ga je natuurlijk ook even een wasje doen tussendoor.

Het tegenovergestelde is waar. Zeker in grote open kantoortuinen is de productiviteit op kantoor juist slecht. Op kantoor word je voortdurend lastig gevallen of afgeleid, bovendien is het rumoer slecht voor de concentratie. Mensen die veel werk mee naar huis nemen, geven dat ook als belangrijke reden aan. Het is voor hen de enige manier om echt dingen gedaan te krijgen.

Als baas zou je dan ook helemaal niet blij moeten met zo’n bedrijfscultuur. Je hebt je zaken slecht voor elkaar als je mensen al die extra uren nodig hebben om het werk af te krijgen. Want wie vallen er als eerste om? Juist die personen die het nodig vinden om elke dag het licht uit te doen.

Het resultaat is ook nog eens slechter. Na zes uur werken daalt de productiviteit dramatisch en gaat de kwaliteit van je werk achteruit. In Zweden liep een tijd lang een experiment waarbij medewerkers nog maar zes in plaats van acht uur per dag hoefden te werken. En dat leverde inderdaad veel positieve resultaten op.

De werknemers hadden minder stress, ze werden minder vaak ziek en presteerden veel beter. Alleen omdat iedereen wel hetzelfde salaris behield, was het een te duur grapje en werd de proef toch weer gestaakt.

Toch zit daar wel een oplossing voor onze tsunami aan burn-outs. Om werkstress te voorkomen is het niet alleen belangrijk voldoende vakantie op te nemen, maar juist ook om tussendoor geregeld een microherstel te nemen.

Alleen zo makkelijk als we die extra werktijd erbij pakken, zo moeilijk vinden we onderwerken. Als je een keer twee uur eerder naar huis wilt, dan voel je je meteen schuldig. Misschien zouden meer bazen het goede voorbeeld kunnen geven, uit hart voor de zaak.

Meer nieuws uit Nieuws