Werkstraf geëist tegen botsende schipper

Aad Rietveld
Leiden

Tegen de Leidse schipper Paul G. (58) is voor de rechtbank een werkstraf geëist van 120 uur en een boete van 450 euro voor het veroorzaken van drie gevaarlijke aanvaringen op de Stille Rijn, op 6 juli vorig jaar tijdens het muziekfestival Woodstock on Water. G. is, zei hij voor de rechtbank, zich van geen kwaad bewust. ,,Het is een hetze.’’

De schipper sleepte die zaterdagmiddag een dekschuit naar Valkenburg, toen hij na het passeren van de Visbrug in Leiden in een enorme drukte terecht kwam. Volgens slachtoffers en getuigen raakte hij met zijn sleep de rubberboot van een 14-jarige jongen en kwam hij zo hard tegen een blauwe motorsloep dat die bijna op de kade werd getild. Mensen schreeuwden, maar de schipper voer door. ,,Ik heb niets gehoord en ik heb geen rubberboot gezien’’, zei de verdachte. ,,Het was schreeuwend druk en er was een kakofonie van geluid.’’

Volgens de officier van justitie - die zich baseert op getuigenverklaringen - heeft de schipper onverantwoord hard gevaren in de drukte en heeft hij bewust het risico aanvaard dat hij ongelukken zou veroorzaken. ,,Het was levensgevaarlijk, maar de verdachte haalde de schouders op en voer verder. Het had helemaal mis kunnen gaan met die jongen in het rubberbootje.’’

Volgens de officier had G. kunnen weten dat het druk zou zijn op het water, omdat er een muziekfestival was. Maar de verdachte zei dat hij pas bij het passeren van de Koornbrug merkte dat het op het water drukker was dan anders. ,,Dat evenement werd voor de eerste keer gehouden. Ik was daar niet van op de hoogte.’’

De schipper ontkent niet dat de dekschuit misschien tegen andere boten is gebotst. Op het moment dat hij onder de Visbrug vandaan kwam, moest hij door de drukte een vreemde manoeuvre maken. ,,En daardoor zwaaide de dekschuit uit.’’ Op de vraag van de rechtbankpresident of hij schepen had willen aanvaren, reageerde hij verontwaardigd. ,,Natuurlijk niet! Je wilt veilig en fatsoenlijk varen.’’

De officier van justitie hechtte duidelijk weinig waarde aan die woorden. Zij eiste ook vier maanden werkstraf voorwaardelijk, als stok achter de deur, omdat zij de kans op herhaling groot acht.

De advocaat van G. vroeg vrijspraak. In de vergunning voor Woodstock on Water stond volgens hem, dat beroepsvaart ongehinderde doorvaart moest krijgen. ,,En die heeft mijn cliënt niet gehad.’’

Meer nieuws uit Leiden

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.