Het is groffiestijd in de Veen

1 / 4
Annet van Aarsen
Roelofarendsveen

Komkommertijd noemen we deze periode altijd op de redactie: weinig nieuws, de politiek is met reces en iedereen is op vakantie. Komkommertijd? In Roelofarendsveen denken ze daar heel anders over. ,,Het is groffiestijd’’, zeggen ze bij de familie Klein aan de Geestweg in koor. Op het land staan augurken, familie van de komkommer.

De familie Klein bestaat uit de echtelieden René en Mariska, dochter Sabine (14) en zoon Brent (10). René teelt bloemen, maar hij heeft als één van de weinigen in de Veen ook nog een hele regel groffies staan. Elk jaar weer. ,,Heb je navraag gedaan wat groffies zijn’’, vraagt hij lachend. ,,Sabine weet het ook niet meer. Het zijn dus eigenlijk gewoon augurken. De groten waren niet goed voor de inmakerij, die aten we zelf altijd op. Grote augurken: groffies. Daar komt het volgens mij vandaan.’’

In vroeger tijden stond het dorp bekend om de groffies, de ’aarubeien’ en de peultjes, die er op het land stonden. Veenders werden ’bukkers’ genoemd, omdat ze als tuinder altijd gebukt stonden.

De tuinders zitten nu allemaal in de bloemen. De aardbeien en peultjes zijn uit het dorp verdwenen, de augurken komen inmiddels uit Polen en het oosten van Duitsland. Vroeger waren er in het dorp veel conservenfabrieken, nu zijn er nog maar drie. ,,NVR, Volwater en H. van Ruiten’’, dreunt René Klein op.

De groffies zijn al decennia verleden tijd, maar toch: veel Veenders hebben nog steeds twee, drie plantjes in hun moestuin staan, zo verknocht zijn ze eraan. Maar René Klein ruimt nog steeds elk jaar een groter stuk van zijn tuinderij in voor groffies. ,,Voor mezelf en voor de jongens. Kunnen ze een centje verdienen’’, zegt Klein. Het regeltje augurkenplanten staat heel strategisch midden op de tuin. ,,Ik vind ze heerlijk. Goed voor de dorst als je hard aan het werk bent. Ik pluk er regelmatig één voor mezelf.’’

Hij denkt dat het bij elkaar maar twintig planten zijn, maar er komen in een goed jaar kilo’s en kilo’s groffies van af. Doorlopend. Mariska: ,,Wat we teveel hebben, brengen we naar van der Poel, de melkboer. Die verkoopt ze in de winkel en in de wagens.’’ Sabine: ,,Van de week hadden we 42 kilo.’’ Brent: ,,En vorig jaar een keer 98 kilo.’’ De kinderen krijgen bij Van der Poel een euro per kilo. ,,Er gaan denk ik zeven groffies in een kilo. Het is echt heel simpel verdienen. Als het aan mij ligt, hebben we volgend jaar meer planten’’, zegt Sabine. Zij en Brent sparen voor zo’n ander typisch Veens verschijnsel: de kermis, dit jaar van 14 tot 21 september.

Zo’n drie keer in de twee weken moet de familie plukken. ,,Duurt een half uurtje’’, schat Brent, terwijl hij enthousiast tussen de augurkenplanten stapt. Na de goede oogst van vorige week, is het aantal volgroeide groffies nu iets minder. Maar er zitten nog honderden bloemen aan de planten, voor nog vele kilo’s oogst in de toekomst. ,,Zo’n hele witte groffie is bitter. Niet zo lekker’’, zegt Sabine. ,,En deze is eigenlijk weer te groot’’, wijst ze naar een fors exemplaar.

Die bittere groffies zijn waardeloos, weet ook haar vader. Hij heeft wel eens planten gehad waar alleen maar bittere augurken aanzaten. Dat is dit jaar niet het geval. De stekjes had hij van tuincentrum Piet van der Meer, in de volksmond Piet Plantje. ,,In het voorjaar moet je altijd uitkijken, als het hard waait, knakken de plantjes om. Ik heb wel eens gehad dat ik alles opnieuw moest planten’’, zegt Klein. ,,Kijk, ik leg er gronddoek onder. Dan blijven de groffies schoon, ook na een regenbui.’’

Wat een rare stekelige dingen! ,,Dan doe je dus zo’’, zegt de familie in koor, terwijl ze de groffies over de broek wrijven. Stekels eraf en eten maar.

Meer nieuws uit Leiden

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.