’Goede leerlingen op vmbo vaak vergeten’

Tessa de Wekker
Leiden

Differentiatie in het onderwijs is hot. Iedere leerling op zijn of haar eigen niveau bedienen is het devies. Maar in de praktijk blijkt dat moeilijk, vooral in het vmbo. Een onderzoeksgroep van het ICLON van de Universiteit Leiden gaat vanaf september onderzoek doen naar differentiatie door leraren op het vmbo en de effecten daarvan op leerlingen.

Wilfried Admiraal leidt het onderzoek, dat het ICLON uitvoert met de Technische Universiteit Eindhoven en de Erasmus Universiteit. ,,We richten ons op verschillende vormen van samenwerking tussen docenten, hoe ze daarvan leren voor het differentiëren in hun onderwijs en wat ze uit die samenwerking meenemen naar de klas’’, zegt Admiraal.

Samenwerking docenten

Hij en zijn collega’s gaan drie vormen van samenwerking onderzoeken. Het uitwisselen van ervaringen, het geven van tips en tricks en het samen voorbereiden en evalueren van lessen. ,,We gaan docenten bij elkaar zetten en daarna hun lessen observeren om te meten in hoeverre ze hun onderwijs aanpassen. Die aanpassingen kunnen zitten in het gedrag tijdens de les, de materialen die ze gebruiken en de opdrachten die ze geven. Als laatste stap willen we weten of leerlingen zich beter bediend voelen en wat dat met hun leerresultaten doet.’’

Docenten kunnen op twee vlakken differentiëren. Ten eerste op het cognitieve: de ene leerling is goed in wiskunde en heeft meer uitdaging nodig en een ander heeft moeite en kan extra uitleg gebruiken. Daarnaast zijn er sociaal culturele verschillen tussen leerlingen waar rekening mee moet worden gehouden. Admiraal: ,,Ons onderwijsmateriaal is heel westers georiënteerd. Leerlingen met een andere achtergrond kunnen daar moeite mee hebben. Neem een vak als geschiedenis. Dat wordt heel sterk gekleurd door ons eigen koloniale verleden, maar kinderen met een Antilliaanse achtergrond kijken op een heel andere manier naar bijvoorbeeld de VOC. Maar dit speelt ook bij de exacte vakken. Die worden steeds taliger, waardoor leerlingen met een taalachterstand die op zich geen problemen hebben met scheikunde, toch moeilijkheden ondervinden.’’

Het differentiëren op sociaal culturele achtergronden van leerlingen is een van de redenen waarom Admiraal en zijn collega’s ervoor hebben gekozen om op het vmbo onderzoek te doen. ,,Daar zitten veel leerlingen van verschillende afkomst.’’

Afvoerputje

Bovendien vindt Admiraal dat er veel te weinig aandacht is voor onderzoek naar het vmbo-onderwijs. ,,Het vmbo wordt toch een beetje gezien als het afvoerputje. Zonde, want daar zitten de meeste leerlingen. Bij de universiteit hebben we meer met het vwo en het hoger onderwijs. Wij leiden bij het ICLON eerstegraadsdocenten op. Die komen in de bovenbouw van havo en vwo terecht. Het is dus ook niet zo gek dat daar veel aandacht voor is, maar het is jammer dat het vmbo vaak vergeten wordt.’’

Een onderzoek naar differentiatie in de klas is juist bijzonder nodig in het vmbo, vindt hij. ,,Er gebeurt daar over het algemeen te weinig voor met name de goede leerlingen. Voor zwakke leerlingen zijn er bijlessen en andere faciliteiten, maar voor de goede leerlingen is er vaak niets. Terwijl je die natuurlijk ook hebt op het vmbo. Die zouden veel meer uitgedaagd moeten worden. Ze hebben niet zozeer baat bij meer stof, maar wel bij andere werkvormen. Op het vwo gebeurt dat tegenwoordig wel, maar in het vmbo nog veel te weinig.’’

Binnenkort gaat het ICLON docenten werven die de komende vier jaar willen meedoen aan het onderzoek. Uiteindelijk moet duidelijk worden wat de beste manier is om samen met collega’s tot het beste onderwijs op maat te komen.

Meer nieuws uit Leiden

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.