Syrische vluchteling: Geluk, nog niet gelukkig

Saskia Knegtering
Alphen aan den Rijn

"Ik was op zoek naar hoop. Want in ons land, Syrië, is er door de oorlog totaal geen hoop." De 29-jarige Ramez Basheer - groen petje, blauwe bril, kettinkje om de nek - is even stil. Dan zegt hij: "Je had daar twee keuzes: sterven of sterven."

Ramez zit samen met Ahmad el Harafi, Hussam Abdulnabi en Karam Ibraheem aan een picknicktafel voor hun gezamenlijke huurwoning van Horizon Jeugdzorg, naast het Alphense parktheater. Tien maanden zijn de Syrische 'statushouders' nu in Nederland.

In vergelijking met landgenoten die in Nederland terecht zijn gekomen, hebben deze mannen geluk gehad. Ze maken deel uit van theatergroep Fada, die ontstond toen ze in Alphen in de tijdelijke opvang zaten. De gemeente besloot dat ze in de stad mochten blijven, zodat Fada kon blijven bestaan. De binding met Alphen aan den Rijn leverde de groep relatief snel een 'status' op.

Baard

Maar ze zijn hier allemaal zonder familie, ieder met een eigen verhaal. Verhalen die je onmogelijk in enkele zinnen recht kan doen. Neem Karam (25), die voorafgaand aan zijn vlucht uit Syrië zijn baard had laten groeien om de checkpoints van terreurbeweging IS te overleven. "Als ik daar had gelopen in deze korte broek, dan hadden ze me vermoord."

Karam weet wat hij zegt. Eerder werd een medepassagier van hem uit de bus getrokken omdat hij met oordopjes naar 'slechte' muziek luisterde. De jongen werd door IS gedood.

Of neem het verhaal van Hussam (40), wiens vrouw en vijf kinderen nog altijd gevaar lopen in Damascus. Acteur Ahmad (35) heeft nog een vrouw en een 2-jarig dochtertje in Syrië. Zo goed en zo kwaad als het gaat, houden ze telefonisch contact. "Maar vaak is er geen elektriciteit in Damascus en kunnen we niet bellen."

Stiekem getrouwd

Ramez trouwde stiekem met een christelijke vrouw. Ook zij is nog in Syrië. De reis van twee tot drie weken naar het vrije Europa wordt als te gevaarlijk beschouwd voor vrouwen en kinderen.

Via onder meer Ter Apel en Veenhuizen belandden de vier Syriërs in oktober vorig jaar in Alphen. Nederland was een bewuste keuze, vertellen ze. Karam, die vanwege een periode in New York goed Engels spreekt, vertaalt voor zijn vrienden.

Ahmad: "We waren op zoek naar een veilige plek. Nederland is de beste plaats voor vrijheid. Hier kunnen we onze dromen en ambities najagen." Omliggende landen waren geen optie, zegt Karam. "Ik wist dat Nederlanders humaan zijn. Het racisme in Duitsland is extreem. Vorige maand bezocht ik mijn broer daar. Op straat stak een man uit het niets zijn middelvinger naar me op."

De eerste maanden in Nederland verliepen moeizaam. In de opvang in de voormalige gevangenis aan de Eikenlaan pleegde een Iraakse vluchteling zelfmoord. De onderlinge sfeer in het complex was negatief, herinnert Karam zich.

Ahmad en Ramez, die in Syrië in de theater- en filmindustrie zaten, namen zich toen voor hun creativiteit te gebruiken om het negatieve - zelfmoord, onzekerheid, trauma's - om te buigen in iets positiefs. Een stuk of tien Syrische vluchtelingen sloten zich bij hen aan en zo werd in de voormalige gevangenis een theatergroep geboren: Fada. Met hun voorstelling 'Talent op de Vlucht' trekken ze langs theaters, kerken en buurthuizen. Dat de mannen geen Nederlands spreken, maakt niet uit, zegt Ahmad. "Onze taal is emotie."

Een succesverhaal mag de groep zeker worden genoemd. "Hét bewijs dat wij hier onze dromen kunnen waarmaken, is dat we al 26 optredens hebben gedaan'', zegt Ramez. "Een ander bewijs voor ons succes is dat de krant nu bij ons is voor een interview."

Los van de taal en het gemis van hun families, zijn de Syriërs zich snel thuis gaan voelen. Zonder terughoudendheid zegt Karam: "Wij houden van de Nederlanders. We willen ons heel graag inzetten voor deze maatschappij."

Boosheid

Ahmad: "In Nederland mag je zijn wie je wilt zijn. En de mensen hier respecteren de wet en de autoriteiten. In Syrië zijn ze er juist bang voor."

Van vluchtelingenhaat in Nederland hebben ze niets gemerkt. "Wel boosheid over banen en huizen. Maar dat zijn materiële zaken en die kan ik ook begrijpen'', zegt Ahmad. "Haat tegen ons geloof of onze huidskleur zijn we niet tegengekomen."

Hoewel de mannen hun nieuwe leven in Nederland omarmen, is het echte geluk nog niet binnen handbereik. Echt gelukkig zijn ze pas als hun families herenigd zijn en de oorlog in Syrië stopt.

Pas als het zover is, kunnen de grote dromen uit de kast worden gehaald.

Ramez: "Ik wil een echte trouwerij met mijn vrouw. Niet stiekem, zoals in Syrië."

Hussam: "Ik wil mijn kinderen dezelfde veiligheid laten ervaren als die ik nu ervaar."

Karam: "Ik wil hogerop komen als mens, mijn studie vervolgen en muzikant worden."

Ahmad, met een twinkeling in zijn ogen: "Voor mij is ultiem geluk om mijn dochtertje actrice te zien worden."

Meer nieuws uit LD

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.