Ronald da Costa en de gave des woords

Aad Rietveld
Oegstgeest

Ronald da Costa is dan wel met emeritaat, maar een dominee gaat eigenlijk nooit met pensioen. Hij preekt nog her en der en als hij zijn neus buiten de deur steekt, wordt hij altijd nog aangeschoten. Want als je meer dan dertig jaar op de kansel staat en ’overal’ je gezicht laat zien, ben je op z’n minst een Bekende Oegstgeestenaar.

Los daarvan is hij bepaald geen onbekende in de wereld van de poëzie en literatuur. Da Costa was regelmatig met zijn columns op de radio te horen en heeft twintig publicaties op zijn naam staan.

De 21ste komt dezer dagen uit: een novelle over de onderduiktijd van zijn vader en de deportatie van zijn tante en haar gezin.

’Ook zeventig jaar na die Tweede Wereldoorlog lijkt vrede een illusie. Mensen doen elkaar nog steeds het ergste aan uit naam van een politieke of religieuze macht’, redeneert de predikant, die door puur toeval – hij vond een aantal brieven – tot het onderwerp van zijn nieuwste uitgave werd geïnspireerd.

Dat boekje is de aanleiding voor het interview, maar ik ben natuurlijk benieuwd naar ’de man achter’ die bekende streekgenoot.

Ronald da Costa: een tengere man, die gevoelig en dus kwetsbaar oogt. Een gesprek met een man die ’de gave van het woord’ heeft en zich wil openstellen, is als een warm bad. Verkwikt en verfrist neem ik een paar uur later afscheid van hem.

Meer nieuws uit Leiden

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.