Van Beek aast op beroep na verlies epo-zaak

Thom van Beek.© Archieffoto SOENAR CHAMID

Robbert Minkhorst
Stompwijk

Schaatser Thom van Beek is definitief voor vier jaar geschorst vanwege een positieve dopingtest. De Commissie van Beroep van de KNSB verklaart het beroep gegrond dat de Nederlandse Dopingautoriteit en de KNSB hadden aangespannen tegen een uitspraak van de tuchtcommissie.

De zaak is het eerste epo-geval in de Nederlandse schaatswereld. Stompwijker Van Beek (28) werd in januari 2016 positief getest op synthetische epo, een stof die niet van nature in het lichaam voorkomt.

Lees hier: Alsnog schorsing oud-schaatser Van Beek

Ook de B-staal bleek positief. Die test kostte de gelauwerde marathonschaatser een contract bij Lotto-Jumbo.

De schorsing geldt met terugwerkende kracht vanaf 11 februari 2016. Dat betekent dat hij nog tot 2020 niet mag sporten. Van Beek, die in 2016 op het punt stond zijn rentree in het langebaanschaatsen te maken, is intussen al gestopt.

Niettemin overweegt hij serieus om het verzet tegen zijn veroordeling voort te zetten. Zowel een gang naar de burgerrechter als het sporttribunaal CAS behoort tot de mogelijkheden, zegt zijn advocaat Remco Wortel.

„Dit is een zeer zware schorsing. In feite betekent dit een beroepsverbod. De mogelijkheid voor Thom om zijn onschuld aan te tonen, is minimaal.”

„Ik maak mij oprecht zorgen over de rechtspositie van sporters die geconfronteerd worden met een positieve test en als gevolg van de regelgeving geen kans krijgen om een fatsoenlijk verweer te voeren”, laat de oud-schaatser in een verklaring weten. „Mijn wens is dat de rechtspositie van sporters verbeterd wordt en hiervoor zal ik blijven vechten.”

Van Beek heeft de uitkomst van de dopingtest altijd betwist. Aanvankelijk boekte hij een overwinning bij de tuchtcommissie van de KNSB, die oordeelde dat de schaatsbond en de Nederlandse Dopingautoriteit moesten meewerken aan de eis van Van Beek om extra informatie te verstrekken.

Omdat die dat weigerden, vond de tuchtcommissie dat de schaatser vrijgesproken moest worden. Daartegen tekende zowel de KNSB als de Dopingautoriteit beroep aan. De tuchtcommissie wilde bovendien een onafhankelijk expert inschakelen.

„Wij hebben aangetoond dat de test onjuist is uitgevoerd”, licht Van Beeks advocaat toe. „Op basis van de gegevens die wij hebben, is de uitkomst van de test niet te herleiden tot de urine van Thom.”

Juist daarom ook eiste de verdediging inzage in de rapportages van de Dopingautoriteit. „Nu kunnen we niet zoveel”, zegt Wortel. „Dat betekent de facto dat een sporter zijn beroep niet meer kan uitoefenen. Daar zit voor ons de crux.” Hij ziet aanknopingspunten in het Europees recht.

De Commissie van Beroep concludeert dat er binnen de huidige regelgeving geen grond is om de Dopingautoriteit en de KNSB te verplichten mee te werken aan het verzoek van Van Beek. „Ik vind dat onbegrijpelijk”, zegt de oud-schaatser. „Ik ben zeer teleurgesteld in de uitslag.”

Directeur Herman Ram van de Dopingautoriteit constateert dat zijn organisatie ’op alle punten in het gelijk is gesteld’. „Het beginsel van ’fair trial’, een eerlijk proces, is niet geschonden. Het heeft uitzonderlijk lang geduurd voordat in deze zaak definitief uitspraak is gedaan. Maar het is goed dat die uitspraak er eindelijk is”, meldt hij.

Meer nieuws uit Sport Regionaal

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.