Op jacht naar zeeprik en wolhandkrab

Op jacht naar zeeprik en wolhandkrab
Aaf Verkade, in het kroos aan de ’koude kant’ bij de Uniper Centrale.
© Foto Taco van der Eb
Leiden

Eerst moeten we door een dikke laag kroos, een brei die grote hoeveelheden afval aan het zicht onttrekt. Het lijkt wel het afvalputje van de Leidse grachten. Veel plastic, maar ook dingen waarvan de herkomst niet meteen duidelijk is. Het zicht onder de dikke laag kroos en prut en afval is tamelijk belabberd. Pas achter de balk, in de nauwe strook water bij het inlaatrooster van de centrale, wordt het ietsje beter. Wat bezielt een mens om op deze plek te gaan snorkelen?

Bij Aaf Verkade - die als adviseur stadsgrachten een ontheffing heeft om in Leids openbaar water te snorkelen - stonden de ’koude kant’ en vooral ook de ’warme kant’ van de Uniper-centrale hoog op de verlanglijst. Over dit gevaarlijke water bestaan namelijk fantastische verhalen en veel van die verhalen zijn - bewezen - geen verzinsels.

’Piranha’

Zo zijn er beelden van de 32 centimeter lange pirapitinga - familie van de piranha - die in januari 2008 door een reiger uit de Maresingel werd gevist bij de centrale. De piranha-achtige, die door een sportvisser van de reiger werd afgepakt, is indertijd onderdeel geworden van de Naturalis-collectie.

Ooit gehoord van zeeprikken? Dat zijn kaakloze vissen of ook wel rondbekken, langgerekte dieren met een zuigmond waarmee ze zich in de huid van vissen (maar ook van zoogdieren als zeehonden en walvissen) boren om zich te voeden met hun bloed. Deze vissen leven in de zoute kustwateren, maar planten zich voort in zoet water. Op één of andere manier hebben ze kennelijk een voorkeur voor de ’koude’ kant van de Maresingel bij de energiecentrale. De Uniper-medewerkers zien ze geregeld. Zo komen er wel eens dode exemplaren via de grijper in de vuilopvangbakken bij de waterinlaat terecht. En een medewerker zegt dat hij een paar weken geleden nog een leven exemplaar bij het rooster zag zwemmen. ,,Ze zijn niet erg slim. Hij wilde per se een kant op waar hij niet langs kon, hij bleef het maar proberen.’’

Boomstammen

Hij vertelt net als de overburen - bewoners van de Maresingel - dat het met name in de winter nog wel eens wil voorkomen dat de wolhandkrabben die in dit water leven, massaal op de kant kruipen. ,,Soms klimmen ze langs de boomstammen omhoog, een gek gezicht.’’

De medewerker komt kijken als Aaf onderzoek doet bij de centrale. Normaal gesproken is zo’n exercitie onmogelijk en levensgevaarlijk, maar Uniper is momenteel bezig met onderhoudswerkzaamheden. De pompen liggen stil en dat is een buitenkans voor de adviseur stadsgrachten. Ze zat al lang te azen op een mogelijkheid om het onderwaterleven te bekijken op deze plek. Uniper werkt graag mee, maar wil wél met zekerheid vaststellen dat het veilig is om in dit gemeentelijk water rond te zwemmen. Remco van Leeuwen, de coördinator van het onderhoudsteam, komt speciaal naar de waterkant om te vertellen dat echt alles uit staat.

De stadssnorkelaar heeft voor de gelegenheid de verslaggeefster van het Leidsch Dagblad meegevraagd als buddy. De eerste dag nemen we de ’koude kant’ van de dam onder handen. We zwemmen in het kroos, we duiken ook onder de balk door en bekijken de inlaat van de centrale.

Een raar idee, als de pompen aan zouden staan, werden we vastgezogen tegen het rooster. Jammer genoeg maakt geen zeeprik zijn opwachting. We zien alleen wat jong visbroed - voorntjes - en op de houten balk ligt een uitgedroogde brasem. Hoe die daar is gekomen? De waterhoentjes zijn druk op zoek naar iets eetbaars.

Tasjesdief

Aan de kant van de weg hangt een klein snoekje roerloos tussen de stenen. Wolhandkrabben laten zich niet zien. Aan de kant bespreken we de resultaten - niks geks of spannends - als ineens een met algen begroeid tasje boven water ’plopt’. Kennelijk de buit van een tasjesdief. Geld zit er niet meer in, wel een dikke stapel pasjes van een studente criminologie: haar collegekaart, een bankpasje, een identiteitskaart en een ov-kaart.

Eigenlijk verwachten we meer van dag twee, de dag dat we aan de ’warme kant’ een kijkje nemen. Hier zitten regelmatig vissers en ook zijn er vaak jagende reigers en futen te spotten. Da’s vast niet voor niks. Aan deze kant zwom jaren geleden ook de piranha-achtige. Benieuwd of er nog meer zitten. Groot voordeel bovendien: het water is aan de warme kant kroosloos. Aaf Verkade is meteen heel enthousiast over de bodem op dit stuk van de Maresingel. Die is voor een groot deel begroeid met korfmosselen. Deze exotische tweekleppigen filteren het water en het zal daarom zijn dat het zicht aan de warme kant bij lange na niet zo belabberd is als aan de ’koude kant’. Opvallend zijn ook de grillig gevormde groene zoetwatersponzen, die in groten getale tussen de korfmosselen staan. Het lijkt wel een koraalrif. In de beschoeiing aan de kant van de centrale zit om de zoveel meter een overhang. Prima schuilplaats voor allerlei leven.

Aaf vindt al snel een wolhandkrab, die ze meeneemt om bij presentaties te laten zien en meteen ook een naam geeft: Viktor de Tweede. Bij de beschoeiing zwemmen ook veel jonge visjes rond. Met een lamp probeer ik te kijken welke soort. De visjes zijn snel en het is moeilijk focussen. Ineens voel ik een tikje tegen mijn been. Ik draai me om en zie een grote witte vis weg zwemmen. Nee, geen piranha. Maar wat dan wel? Ineens komt opnieuw een flinke witte kop opduiken, eentje met een paar opvallende baarddraden. Een meerval! Een witte meerval! Hij zwemt snel langs me weg, niet een heel groot exemplaar maar toch een flinke.

De rest van onze snorkeltocht proberen we het dier opnieuw te vinden. Nu en dan zien we jonge visjes boven water springen, maar de meerval laat zich helaas niet meer zien. Hoogst waarschijnlijk is dit een exemplaar dat te groot werd voor de iemands vijver. Jammer, hij laat zich niet meer zien.

Aaf Verkade gaat maandag opnieuw proberen het dier te spotten. Renske van de Wetering-Oome van Uniper, die regelde dat de stadssnorkelaar op deze plek te water kon, heeft deze sneeuwwitje een naam gegeven: Valerio of - als het een dame blijkt te zijn - Valerie. En de zeeprikken? Die staan nog steeds hoog op de verlanglijst van de stadssnorkelaar.

Meer nieuws uit Leiden