Expertisecentrum moet veen in Groene Hart redden

Expertisecentrum moet veen in Groene Hart redden
De veenbodem klinkt in door ontwatering. Een onderschat gevaar.
© Publiciteitsfoto
Regio

Een expertisecentrum in het Groene Hart om het probleem van bodemdaling nadrukkelijker op de kaart te zetten: dit pleidooi van dijkgraaf Hans Oosters (Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard) kan op steun rekenen van diverse gemeenten in de regio. „Als we het goed organiseren, zit er een verdienmodel in het expertisecentrum”, zegt de Alphense wethouder Kees van Velzen (CDA) desgevraagd.

Meer aandacht voor de problematiek is noodzakelijk. Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) hebben gedeelten van Kaag en Braassem de komende veertig jaar tot wel 120 centimeter aan bodemdaling te verwachten. Het PBL noemt bodemdaling dan ook ’een van de grootste en meest in het oog springende regionale uitdagingen’ van het Groene Hart.

Bodemdaling is een vicieuze cirkel. De bodem van het Groene Hart bestaat voor een groot deel uit laagveen, op sommige plekken meer dan vier meter dik. Deze bodem, die al weinig draagkracht heeft, wordt ontwaterd voor het landgebruik, waardoor het daalt onder zijn eigen gewicht. Daarnaast oxideert het veen, waarna het ontbindt en de bodem verlaat. Het restant wordt samengeperst, wat leidt tot verdere daling. En dan begint de ontwatering weer.

Doordat het Groene Hart steeds lager komt te liggen, stijgt het risico op wateroverlast bij hevige regenval. Duurzaamheidsbureau Metabolic wijst in zijn recent gepubliceerde rapport Het Groene Hart Circulair ook op het gevaar van zoute kwel, een bijproduct van bodemdaling. „Verzilting van landbouwgrond kan leiden tot verminderde gewasopbrengsten en ecologische schade, bijvoorbeeld bij de Greenports”, aldus Metabolic.

Volledig voorkomen van bodemdaling is vrijwel onmogelijk, maar een expertisecentrum kan methoden onderzoeken om het proces af te remmen. Een belangrijke stap is het verminderen van het niveau van ontwatering, oppert Metabolic. „ Als het waterpeil van de gebruikelijke 40 tot 50 centimeter onder het maaiveld naar 25 tot 30 centimeter wordt verhoogd, vermindert de oxidatie van het veen significant – en daarmee de bodemdaling en emissies van broeikasgassen.”

Daarnaast zou de druk op de bodem verlaagd moeten worden.

Hoe precies, dat zou het expertisecentrum moeten onderzoeken. De problematiek is in elk geval aangekaart bij de formatie in Den Haag.

Meer nieuws uit Leiden