Mijn nieuwe, grijze helden

Annelies Karman

Het is 8.38 uur en de trein is heel kort. Nog maar net past iedereen erin. Ik wurm me naar binnen en zoek een zitplekje, tevergeefs. Dan maar staan in het gangpad. Niemand kan meer om mijn zwangere buik heen, want ik ben goed onderweg naar de acht maanden. Iedereen blijft zitten.

Ik kan ook nog best staan, dat kwartiertje naar Leiden houd ik nog wel vol. Het zet me wel aan het denken. Zou je vanwege goed fatsoen op moeten staan voor een zwangere? Ik heb niet veel klachten, maar sommige dames hebben minder geluk.

Opstaan voor iemand is niet vanzelfsprekend. Laatst gaven een collega en ik ons plekje op voor een echtpaar van in de tachtig. Niemand anders in de trein maakte aanstalten. Asociaal vind ik dat. Die collega vond dat ik als zwangere vrouw mijn plaats niet af hoefde te staan, maar ik deed het toch. Om een punt te maken.

Eén groep helden maakt het goed. Het is me een paar keer gebeurd dat iemand wél zijn stoel aan mij aanbood. Nooit was het één van de studenten die de treinen zo massaal bevolken. Nee, het waren stuk voor stuk mannen van in de vijftig. Type gentleman. Grijze haren, nette kleding, dat soort. Ik bleef natuurlijk staan. Maar zo’n aanbod alleen al. Tussen al die studenten die verdiept zijn in hun telefoon... Ik vind dat ontroerend. Het zullen de hormonen wel zijn.

Meer nieuws uit Leiden

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.