Kai Verbij werkt toe naar hét moment

Kai Verbij afgelopen weekend bij een wereldbekerwedstrijd in Berlijn.

Kai Verbij afgelopen weekend bij een wereldbekerwedstrijd in Berlijn.© Foto EPA

Hielke Biemond
Hoogmade

In de wetenschap dat hij nog niet in topvorm is, reisde schaatser Kai Verbij (22) woensdag af naar Zuid-Korea. Daar wil de Europees sprintkampioen uit Hoogmade komende week pieken op de WK Afstanden.

Voelt dit wereldkampioenschap als een olympisch voorproefje?

,,Het is een pre-olympisch seizoen, in dat opzicht wel. Het is allemaal leuk en aardig dat ik dit seizoen goed presteer, maar uiteindelijk telt volgend jaar het meest. Dit soort toernooien, en de kwalificatie daarvoor, zijn goed om de spanning een beetje na te bootsen die daar bij komt kijken.’’

De Olympische Spelen zijn volgend jaar ook in Pyeongchang. Maakt de locatie dit WK speciaal?

,,Dat niet per se. Het is wel leuk om daar een keertje te zijn, maar de sfeer tijdens de Spelen zal anders zijn. Onvergelijkbaar.’’

Dit seizoen is het vaak een tweestrijd tussen jou en Kjeld Nuis. Kunnen we dat in Zuid-Korea ook verwachten?

,,Nee, ik denk niet dat wij daar de dienst gaan uitmaken. Er zijn veel schaatsers die hard kunnen rijden op de 1000 meter. Vlak de Russen en de Amerikanen niet uit.’’

Voelt het tot nu toe wel als een tweestrijd?

,,Dat valt wel mee. Het komt nu net zo uit. Maar we zitten bij verschillende ploegen, dus we leven een beetje langs elkaar heen. We spreken elkaar eigenlijk alleen even rondom wedstrijden. Misschien dat je er onbewust mee bezig bent, maar ik probeer mij daar voor af te sluiten.’’

Het Nederlandse schaatsen heeft een lange geschiedenis van rijders die op hetzelfde moment heel goed zijn. Dat kan elkaar ook versterken. Ervaar jij dat zo?

,,Aan de ene kant is het fijn dat er in Nederland veel concurrentie is. Door die tegenstand blijf je scherp. Tegelijkertijd zorgt het voor extra spanning. Tot nu toe heeft het gelukkig allemaal goed uitgepakt.’’

Sinds de Europese sprinttitel, je eerste internationale succes, zullen concurrenten en volgers anders naar je kijken. Hoe ga je met die nieuwe status om?

,,Ik voel dat eerlijk gezegd niet echt zo. Natuurlijk wordt er meer naar mij gekeken, maar daar probeer ik me niets van aan te trekken. Dat geeft alleen maar druk. Ik weet dat ik op het WK heel hard kan rijden. Maar schaatsen is echt een gevoelssport. Als het in je hoofd klopt, ga je heel hard. Naar zo’n moment probeer ik toe te werken. Dat lukt niet altijd. Voor mij is het belangrijkst dat ik voor mijn gevoel alles eruit haal. Als ik een goede rit rijd en vierde word, kan ik daar mee leven. Als ik een slechte rit rijd en vierde word, niet.’’

Jouw gevoel is dus het hele seizoen al goed?

,,De afgelopen periode heb ik veel in mijn eentje moeten trainen doordat teamgenoten deelnamen aan het NK sprint. Ik rijd nu niet zo goed als in december. Maar op het WK Afstanden en het WK sprint hoop ik die vorm weer te hebben. Het duurt gelukkig nog een tijdje. Ik ben goed genoeg om mee te doen. Voor mijn gevoel kan ik sneller dan ik op dit moment rijd.’’

Je noemde het voorafgaand aan het seizoen ‘een jaar van uitproberen’, met nieuwe schaatsbuizen en een andere trainingsaanpak. Dat is dus wel gelukt.

,,Mijn 1000 meter is echt vooruit gegaan. De 500 meter is af en toe een beetje een vraagteken. Op die afstand had ik iets constanter willen zijn. Buiten dat ben ik tevreden. Dit seizoen is beter dan het vorige. Ik ben goed op weg.’’

Is het dankzij of ondanks de veranderingen een goed seizoen?

,,Het zal een kleine factor zijn. Dit is mijn derde jaar op het hoogste niveau. Mijn lichaam vormt zich steeds meer naar de schema’s van mijn coach Gerard van Velde. Ik heb iets meer op omvang getraind. Iets meer op de 1000 en de 1500 meter, iets minder op de pure sprint. Mijn opening heeft daar wel iets onder te lijden, maar de rondjes zijn dan weer sneller.’’

Was de Europese sprinttitel de bevestiging of wist je toch al dat je het in je hebt?

,,Sprinten is een beetje een loterij. De verschillen zijn heel klein. Ik weet dat ik kan winnen, maar ik weet dat anderen het ook kunnen. En dáár heb ik geen invloed op.’’

We kennen je als zeer zelfkritisch. Is er dit seizoen één moment geweest, of één wedstrijd, waar je echt tevreden over was?

,,Dat was de 1000 meter op de NK Afstanden. Daar reed ik 1.08,22. Dat ik dat kon, had ik niet verwacht. Daarna ben ik niet meer in de buurt gekomen van die tijd. Dat komt ook door het hoge niveau in Nederland. Je wilt eigenlijk pieken op een WK, maar je moet dat ook doen op een kwalificatietoernooi.’’

Meer nieuws uit Sport Regionaal

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.