Studentenverenigingen lopen nog niet warm voor mbo

Nina (17), Nina (18) en Kyra (17): ,,Als het leuke mensen zijn, prima!.’’

Nina (17), Nina (18) en Kyra (17): ,,Als het leuke mensen zijn, prima!.’’

Leiden

Mbo’ers mogen zich sinds medio dit jaar student noemen en vanaf het studiejaar 2020-2021 wordt deze verandering officieel in de wet opgenomen. Minister Ingrid van Engelshoven (D66, onderwijs) riep studentenverenigingen in mei op de deuren ook open te gooien voor het mbo. Hun eerste reactie was toen niet erg enthousiast. Is dat anders nu het nieuwe studiejaar goed en wel op gang is?

Studentenverenigingen richten zich met name op universitaire studenten. Hbo’ers zijn steeds vaker welkom, mbo’ers nog niet. Van de grote Leidse studentenverenigingen laat alleen Catena mbo’ers op dit moment nadrukkelijk binnen, de andere kijken liever de kat uit de boom en wachten af of hun leden erom zullen vragen.

De uitbreiding van de term ’student’ maakt ook nog niet veel los bij de Leidse mbo’ers zelf. Gevraagd naar het wetsvoorstel geven studenten bij Mbo Rijnland bij station Lammenschans reacties als ’we waren toch altijd al gewoon studenten?’, ’het doet me weinig’ en ’we hebben al studenten-OV, meer hoef ik eigenlijk niet’.

Het initiatief om mbo’ers studenten te gaan noemen in plaats van leerlingen kwam vanuit de overheid en de Mbo-raad juicht toe dat hierdoor ’een stijgende waardering voor mbo-studenten te zien’ is. ,,Voor ons zijn het altijd al studenten geweest, maar het is geweldig om te zien dat dit nu ook wettelijk vaststaat’’, aldus een woordvoerder.

Maar veel verder gaat de overheid niet. ,,Het is aan mbo-studenten zelf of ze interesse hebben om zich te willen aansluiten bij bestaande studentenverenigingen. Daar speelt de overheid geen rol in’’, zegt woordvoerder Michiel Hendrikx namens minister van Engelshoven. „De overheid kan verenigingen of bedrijven niet verplichten mbo’ers wel toe te laten of korting te geven.” De minister lijkt er vooral op te vertrouwen dat het nieuwe wetsvoorstel vanzelf effect zal hebben. „Het wordt nu wel een stuk moeilijker om onderscheid te maken tussen studenten aan de universiteit en hogeschool enerzijds en mbo anderzijds.’’

Afwachten

Maar met interesse alleen zijn ze er nog niet. Slechts één van de vijf grote studentenverenigingen laat mbo’ers nu al binnen. Dat is Catena. Voorzitter Koen van Leeuwen: „Catena bestaat grotendeels uit studenten die studeren aan de universiteit of het hbo en jonger zijn dan 30 jaar. Mbo’ers zijn helemaal welkom zolang ze zich thuis kunnen voelen en mee willen doen met de gemeenschap zoals die bij ons samengesteld is.”

Catena-voorzitter Koen van Leeuwen: ,,Bij ons mogen ze in altijd aankloppen.’’

Catena-voorzitter Koen van Leeuwen: ,,Bij ons mogen ze in altijd aankloppen.’’© Eigen foto

Voor de andere grote verenigingen geldt dit niet, maar Quintus laat namens vicevoorzitter Josephine Dupont weten, dat de vereniging sinds haar oprichting tolerantie hoog in het vaandel heeft staan. „Wij voeren actief en open gesprekken met onze leden over behoeften binnen de vereniging. Zo zijn wij ooit als een van de eersten begonnen met het toelaten van hbo-studenten.” Vooralsnog worden evenwel alleen studenten aan de universiteit of hogeschool toegelaten tot Quintus, omdat dit in de statuten staat.

Minerva en Augustinus nemen een meer afwachtende houding in en zetten het onderwerp niet actief op de agenda. ,,Voordat toelating mogelijk wordt, moet eerst de ledenvergadering instemmen met een statutenwijziging”, zegt bijvoorbeeld Minerva-voorzitter Philip Ackermans. „Als onze leden van mening zijn dat we mbo-studenten moeten toelaten tot de vereniging, dan zal dat daar besloten worden.” Augustinus wijst er verder op dat de wetswijziging nu nog alleen in naam van kracht is: ,,In het studiejaar 2020-2021 zal het ook daadwerkelijk in de wet vastgelegd worden dat mbo’ers studenten zijn.”

SSR geeft op dit moment de minste openheid van zaken. Ze bespreken mogelijke veranderingen intern, maar geven in een schriftelijke reactie aan dat er nog geen concrete plannen zijn die ze naar buiten kunnen brengen.

Traditie

Van Leeuwen (Catena) noemt de geschiedenis van de studentencultuur als een belangrijk obstakel voor de toelating van mbo’ers bij andere studentenverenigingen. „Traditionele studentenverenigingen, zoals de verschillende corporale verenigingen in Nederland, zijn van origine opgericht door en voor studenten die studeerden aan de toenmalige academies. Dat waren onderwijsinstellingen die gericht waren op het onderwijzen van veelal wetenschappelijke onderwerpen. Hbo en wo zijn de hedendaagse onderwijsinstellingen die zich focussen op dit soort onderwijs”, legt hij uit. „Omdat de meeste studentenverenigingen grote waarde hechten aan tradities, is het logisch dat een verandering van interne gemeenschap samenstelling een onderwerp is dat op z’n minst de discussie zal doen aanwakkeren.”

Galed El Saoeaf (20): ,,Nee, geen behoefte aan. Dan krijg je ook extra verantwoordelijkheden.’’

Galed El Saoeaf (20): ,,Nee, geen behoefte aan. Dan krijg je ook extra verantwoordelijkheden.’’© schermafdruk UL

Het traditionele aspect noemt ook Annemijn te Velde, voorzitter van Augustinus. „Het blijft een uitdaging voor studentenverenigingen om mee te gaan met de tijd. Tradities vormen toch de kern van een vereniging. Het is een interessante discussie en we zijn benieuwd hoe dit zich zal gaan ontwikkelen.”

Los van traditionele oorsprong kunnen ook verenigingsgebruiken een obstakel vormen bij de toetreding van mbo studenten tot de verschillende verenigingen. Een voorbeeld hiervan is het feit dat binnen verschillende verenigingen de leden gevraagd wordt het Io Vivat, een Latijns studentenlied, uit het hoofd te leren. Dit soort tradities kan een flinke drempel opwerpen voor de mbo-student.

Colleges skippen

De reacties van de mbo’ers zelf zijn wisselend. Babs (19) en Lisa (20) -ze willen hun achternaam niet in de krant- studeren Horeca en Bakkerij aan het Mbo Rijnland. Ze hebben gehoord van het politieke besluit en zien er wel voordelen in. „Soms voelen we ons als mbo’ers buitengesloten, bijvoorbeeld als we de Next (Leidse club, red.) niet binnen mogen omdat we geen studenten-collegekaart hebben. Dat is het fijne aan de verandering, dat we daar straks gewoon heen kunnen. Of naar een bar, of sporten met studentenkorting. Dat willen we wel!”

Maar een vereniging? „Nee, het idee om bij zoiets te gaan, doet me niks”, zegt Lisa. „Ik begrijp de voordelen, zoals connecties maken, maar het past niet bij onze studiecultuur. Wij hebben geen colleges die we kunnen skippen omdat we het de avond ervoor te laat hebben gemaakt. We moeten elke dag vroeg op en praktisch werk doen, dat sluit gewoon niet aan bij het lid zijn van een vereniging.”

Moeten studentenverenigingen dan veranderen of speciaal rekening houden met mbo’ers? „Nee, ik denk dat dat te veel gedoe wordt. Ook met hun tradities, dat werkt gewoon niet. Als ze me nou grote kortingen op mijn studieboeken of hun drankvoorraad boden, misschien dat ik dan wel even zou komen kijken”, grapt Babs. „Het gaat altijd weer over geld bij jou, hè? Je bent echt zo’n enorme Hollander”, lacht Lisa.

Voorzitter Ackermans van Minerva ziet nog een andere belemmering voor het toelaten van mbo’ers tot de vereniging:. „Mbo-studenten beginnen op jongere leeftijd aan hun studie, vaak al als ze 16 zijn. Onze minimumleeftijd is 18 jaar, waardoor ze pas in hun derde studiejaar lid kunnen worden. Dit is een probleem waar we het eerst goed over moeten gaan hebben.”

Voorlopig lijkt er nog niet veel beweging te komen in de zaak, beaamt Van Leeuwen (Catena). „Wij verwachten dat het nog even zal duren voordat mbo’ers op elke vereniging worden toegelaten. Omdat verenigingen hun eigen aannamebeleid mogen bepalen, is er ook vrij weinig te zeggen over de rechten van mbo’ers met betrekking tot deze zaak. Bij ons mogen ze in ieder geval altijd aankloppen om een kijkje te komen nemen.”

Dit artikel is een productie van Bademba Barrie, David Bierman, Elyse van den Brink, Joy Leering en Bejna Yildiz, masterstudenten Journalistiek en nieuwe media aan de Universiteit Leiden.

Meer nieuws uit Leiden

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.