Premium

Nasrdin Dchar en de strijd om zijn vrouw

Nasrdin Dchar en de strijd om zijn vrouw
Nasrdin Dchar.
© Foto Janey van Ierland

In de interviewserie ’Ziel en zaligheid’ wekelijks de ontboezemingen van een smaakmaker.

Vandaag: acteur Nasrdin Dchar.

Hij wist meteen dat zij de ware was. Die ene avond in die bar zei toch genoeg? Toch duurde het nog vijftien jaar voor Nasrdin Dchar en zijn vriendin trouwden. Vijftien jaar: een eeuwigheid voor wie verlangt naar de liefde. In zijn nieuwe solovoorstelling ’Ja’ vertelt hij waarom het zo lang heeft geduurd.

Kijk, daar zit-ie. Vellen met teksten om zich heen. Overal notities. In zijn telefoon een strakke agenda. Want zo werkt dat, bij een acteur in de aanloop naar een première. Nasrdin Dchar bereidt zich voor op zijn derde solovoorstelling. Vertelde hij in zijn voorgaande twee programma’s over zijn ouders, nu richt hij de blik op zichzelf. En zijn vriendin, dus. „Omdat het ons eigen verhaal is, wordt de voorstelling heel intiem en kwetsbaar. Eigenlijk hou ik mezelf de hele avond een spiegel voor.”

De kern is dat hij zijn publiek voorhoudt hoe belangrijk het is om te praten en te luisteren, wil je de liefde een kans geven. Want: „Zonder communicatie geen relatie.” Maar het blijft niet alleen bij zijn liefdesverhaal. „Ik trek de lijn naar het grotere geheel, naar de samenleving van vandaag. Ook daar kan de communicatie vaak wel een opfrisbeurt gebruiken, want vaak hangt er een negatieve sfeer in de manier waarop mensen elkaar benaderen. Dat gaat soms vol wantrouwen. Kijk maar hoe er wordt gedacht over vluchtelingen en migranten. Zonder iets van elkaar te weten, gaan de oordelen al over de tafel. Maar zo’n oordeel wordt anders als we elkaars verhalen aanhoren en we elkaar leren begrijpen. Natuurlijk mag je kritisch zijn, maar luister eerst.”

Voor hij verder gaat met repeteren beantwoordt hij eerst tien vragen over zijn ziel en zaligheid.

Welke karaktertrekken heb je van je ouders?

„Mijn vader is een goede man, maar hij kan soms een beetje doemdenken. Dat heb ik ook. Het strijdbare in me heb ik van mijn moeder. Zij liet me zien dat je iets moet afmaken als je er eenmaal aan begint. Mijn talent om verhalen te vertellen heb ik ook van de kant van mijn moeder.”

„Mijn vader was begin twintig toen hij uit Marokko naar Nederland kwam om bij de Enka-fabriek te werken. Zijn generatie dacht toen dat je hier heel veel geld kon verdienen, maar dat gebeurde natuurlijk niet. Mijn ouders waren destijds al getrouwd in Marokko. Daar is mijn oudste zus geboren. Later kwamen mijn moeder en mijn zus ook naar Nederland. Ik ben hier geboren. De verhuizing naar Nederland vond mijn moeder fantastisch. Ook al kende ze de taal en de cultuur niet en ook al miste ze haar familie, toch vond ze het heerlijk om hier in vrijheid te kunnen leven.”

Aan welke ervaring uit je jeugd denk je nog wel eens terug?

„Ik groeide op in Steenbergen, in Brabant. Daar heb ik een heerlijke jeugd gehad. Voetballen met jongens uit de buurt en ontdekkingstochten houden in de weilanden. Altijd buiten. In ons dorp woonden maar een paar Marokkaanse gezinnen. Mijn ouders voedden me op met Marokkaanse normen en waarden. In het dorp voelden we ons daardoor exotisch en anders. Zo was ik me als klein kind al bewust van de verschillen. Dat anders zijn is heel bepalend voor me geweest. Eigenlijk is dat nooit echt opgehouden.”

Wat was de beste beslissing van je leven?

„Ik ben heel blij dat ik op een dag besloot om alles te doen om mijn vriendin terug te krijgen.” Dan valt hij even stil. In het besef dat die zin om een aanvulling vraagt, weegt hij zijn woorden. „Laat ik het erop houden dat we een moeilijke tijd hebben gehad. Een hele moeilijke tijd. Het komt erop neer dat ik heb moeten vechten om haar weer terug te krijgen. Ik kon wel juichen toen dat was gelukt. Nu zijn we een paar jaar verder en hebben we twee prachtige kinderen. Daar ben ik heel blij mee.”

„Een andere goede beslissing was dat ik mijn hart heb gevolgd door acteur te worden. Dat lag niet voor de hand, want in Steenbergen kende ik niemand die zijn brood verdiende met acteren. Op school vond ik het altijd leuk om toneel te spelen, maar het kwam niet in me op dat ik daar mijn beroep van kon maken. Toen ik een studiekeuzetest deed, kwam eruit dat ik iets cultureels moest gaan doen. Daarom deed ik een toelatingsexamen voor de toneelschool in Utrecht, maar daar wezen ze me af.”

„Ik ben goed in cijfers. Daarom ben ik bedrijfseconomie gaan studeren. Maar buiten schooltijd bleef ik toneel spelen. Eerst als amateur, later professioneel. Zo zat ik op twee sporen. In 2006, het jaar waarin ik mijn eerste grote acteerklussen in het theater en voor de televisie kreeg, studeerde ik af als bedrijfseconoom. Maar met die studie heb ik nooit wat gedaan. Het hoefde niet, want ik heb altijd kunnen leven van het acteren.”

Wat had je beter anders kunnen doen?

„Achteraf had ik liever een toneelschool willen volgen. Want ze zullen je bij audities altijd naar je opleiding vragen en ze nemen je in dit vak altijd serieuzer als je de toneelschool hebt gedaan. Als ongediplomeerd acteur moet je altijd extra je best doen om te bewijzen dat je het kan. Maar ik heb nergens spijt van. Dit is nu eenmaal de weg die ik moest volgen om te worden wie ik nu ben. Soms heb je hobbels nodig om je doel te bereiken en om te ontdekken wat je écht wilt. En het is nooit weg om een diploma als bedrijfseconoom op zak te hebben.”

Wat heb je nodig om gelukkig te zijn?

„Liefde. Gelukkig krijg ik daar veel van. Van mijn kinderen, van mijn vrouw, van mijn familie en van mijn vrienden. Ik kan enorm genieten van een gezellig etentje met mijn familie of mijn vrienden. Ook mijn werk maakt me heel gelukkig. Soms slokt het me op, maar de voldoening is altijd groot.”

Wat heb je geleerd van je leven tot nu toe?

„Dat je moet genieten van elke dag die je gegeven is. Om me heen heb ik vaak genoeg gezien dat mensen plotseling uit het leven werden gerukt. Dus wacht niet tot morgen, maar pak je geluk en maak er wat van.”

Wat zou je aan jezelf willen veranderen?

„Ik zou graag wat opgeruimder willen zijn. Wat zou ik mijn vrouw daar blij mee maken! Maar het lukt me gewoon niet. Ik ben nogal een tobber en daar kom ik maar niet van af. Ook zou ik graag wat meer een ochtendmens willen zijn. Zeker omdat onze kinderen vaak vroeg wakker zijn, zou dat handig zijn. Maar omdat ik vanwege mijn werk vaak pas ’s avonds laat thuiskom, ben ik ’s ochtends nooit op mijn best.”

„Nu ik veertig ben, merk ik dat het lijf aan onderhoud toe is. Ik ben altijd mager geweest, maar krijg nu een klein buikje. Misschien zou ik het lijdzaam onder ogen moeten zien, maar zo zit ik niet in elkaar. Dus om het verval tegen te gaan, ben ik hard aan het trainen.”

Wat is het grootste verdriet van je leven?

„In mijn schooltijd is een vriendje van me verongelukt. Hij zat op de fiets en werd door een automobilist aangereden. Die chauffeur werd verblind door de zon en zag mijn vriend niet. Die jongen was nog maar zeventien. Zijn overlijden had een enorme impact op me. Het verdriet sloeg bij me naar binnen en heeft me nooit meer losgelaten. Het is 21 jaar geleden, maar ik schiet nog altijd vol als ik eraan denk.”

„Het verlies van mijn grootouders vond ik ook verschrikkelijk, maar dat was anders. Omdat ze oud waren, zagen we dat aankomen. Bij hun overlijden veroorzaakte de afstand de pijn. Omdat overledenen in Marokko meteen na hun dood worden begraven, konden mijn ouders niet bij de plechtigheid zijn. Daar hebben ze veel verdriet van gehad. Als kind voel je die pijn.”

Bid je wel eens?

„Ik wil graag weer gaan bidden. Vroeger - bij ons thuis - hoorde het gebed bij de dagelijkse rituelen. Nu ik dat heb losgelaten, mis ik het. Wat me tegenhoudt om weer te gaan bidden, is de angst dat ik het toch weer laat zitten.”

„Mijn ouders hebben me opgevoed met de gedachte dat het geloof verplicht is. En dat je - als je het loslaat - problemen krijgt met God. Op die manier wil ik het niet aan mijn kinderen opdringen, want dan voed je ze op met angst. Het liefst zou ik daarom kiezen voor een tussenweg, waarbij we de kinderen vertrouwd maken met de rituelen en het vertrouwen van het geloof, zonder dat het een gedwongen karakter krijgt. Daar praat ik nu veel over met mijn vrouw. Zij is niet Marokkaans en niet islamitisch. Daarom zoeken we voortdurend naar wegen om onze twee werelden te laten versmelten.”

Wat zijn je plannen?

„Op Valentijnsdag is de première van mijn voorstelling. Daarna volgt een tournee langs de theaters, tot de zomer. Als het een succes wordt, ga ik tot de winter door. Verder speel ik in het vervolg van de tv-serie ’Mocro Maffia’ en heb ik een rol in ’Morten’, een dramaserie over politiek. Daarin speel ik de spindoctor van een ambitieuze politicus, gespeeld door Peter Paul Muller. Die serie is vanaf april op tv te zien. Ik voel me bevoorrecht dat ik voor zulke mooie dingen wordt gevraagd.”

De voorstelling ’Ja’ van Nasrdin Dchar gaat op 14 februari (Valentijnsdag) in première in het Internationaal Theater in Amsterdam. Daarna te zien in theaters in o.m. Bussum (16/2), Alphen aan den Rijn (21/2), Purmerend (1/3), Alkmaar (7/3), Den Helder (8/3), Zaandam (14/3), Leiden (26/3), Haarlem (27/3), Hoofddorp (10/4), Almere (24/4) en Baarn (17/5). www.nasrdinspeelt.nl

Meer nieuws uit Lifestyle

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.