De lokale partijen hebben het in Kaag en Braassem voor het zeggen

De lokale partijen hebben het in Kaag en Braassem voor het zeggen
Ger van Emmerik en Kees uit den Boogaard.
© Foto Taco van der Eb

In een serie verhalen kijkt verslaggever Gijs Korevaar naar de lokale partijen in Leiden en omgeving. Vandaag: Samen voor Kaag en Braassem.

De overheersing van de christelijke partijen was zo groot in de raden van de gemeenten die nu samen Kaag en Braassem vormen, dat inwoners met andere ideeën vanzelfsprekend een eigen partij oprichtten. Dat gebeurde lang voordat er landelijk sprake was van lokale partijen al in Woubrugge en Hoogmade.

De club noemde zichzelf Gemeentebelangen. In de voormalige gemeente Alkemade duurde het langer voordat er een lokale partij kwam. Na de gemeentelijke fusie tot de gemeente Kaag en Braassem gingen de partijen samen verder onder de naam Samen voor Kaag en Braassem.

De lokale partijen hebben het in Kaag en Braassem voor het zeggen. De twee partijen PRO Kaag en Braassem (PRO) en Samen voor Kaag en Braassem (SvKB) vormen een meerderheid in de gemeenteraad. Ook zonder andere partijen zouden zij een college kunnen vormen. Het is echt een samenwerking van alle partijen geworden op één na: het CDA heeft de oppositie gekozen.

Van de twee lokale partijen is PRO een beetje een vreemde eend in de bijt. Voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 stapte PvdA-wethouder uit zijn partij, richtte PRO op en voerde campagne voor die nieuwe partij, die zich lokaal ging noemen.

Maar ook SvKB heeft een van de landelijke ontwikkelingen afwijkende voorgeschiedenis. In de voormalige gemeente met de kernen Woubrugge en Hoogmade is al in 1949 Gemeentebelangen opgericht. ‘Dat was uit onvrede met de zwaar christelijke omgeving. De nieuwkomers zetten zich af tegen de gevestigde orde’, zegt Ben Beukenholdt, die voor Gemeentebelangen in de Raad heeft gezeten.

Jaren later in de vroege jaren tachtig ontstond in gemeente Alkemade een beweging die zich eveneens tegen de overheersing van de christendemocraten verzette. ‘In de Raad zat een CHU’er, een lid van de ARP en de rest was KVP’, weet Kees Uit den Boogaard, voorzitter van SvKB. Ook PvdA’ers en VVD’ers sloten zich aan, want iedereen apart was een te kleine club om aan verkiezingen mee te doen.

Maar al na korte tijd spatte de beweging uiteen en gingen PvdA en VVD hun eigen weg. Maar in 2001 kwam Mooi Alkemade als lokale partij terug. En hoe: van niets naar een partij met acht van de vijftien zetels. ‘De drie bestaande raadspartijen, CDA, PvdA en VVD, werden stuk voor stuk afgestraft.

Ook de PvdA, die tot die tijd in de oppositie zat. De verkiezingsuitslag en Mooi Alkemade haalde het landelijke nieuws’, aldus Kees Uit den Boogaard, die in 2002 namens zijn partij wethouder werd.

Over die oprichting bestaat overigens een mooie anekdote, gniffelt de partijvoorzitter. ‘Ik was uit de VVD gestapt en een vriend belde me op. Hij had in de bus naar Leiden nagedacht over een lokale partij. We spraken af dat we samen zouden komen. We zouden lijstjes meenemen met zaken die we wilden regelen. Dat ging over een gemeentelijke monumentenlijst, de rol van de tuinbouw, recreatie. Dat was het begin van een nieuwe partij’, aldus Uit den Boogaard.

In 2009 fuseerden de gemeenten Alkemade en Jacobswoude tot Kaag en Braassem en dus gingen ook Gemeentebelangen en Mooi Alkemade samen. ‘Gemeentebelangen was een stabiele partij. Al jaren lid van de coalitie.

Dat was Mooi Alkemade nog lang niet’, vertelt Ger van Emmerik, fractievoorzitter van SvKB. Hij vervolgt: ‘Mooi Alkemade was een nieuwe creatie. De clubs waren heel verschillend en er volgde een integratieproces. De partijen zijn langzaam steeds dichter bij elkaar gekomen’.

De verkiezingen van vorig jaar verliepen goed voor de partij: van vijf naar zes zetels. En bovendien zit de lokale partij in het college. SvKB moet dan ook gaan nadenken over de toekomst. Want het is leuk om te beginnen met to-do-lijstjes, maar nu is er meer nodig. Mensen binden om stemmen vast te houden, jongeren aansporen mee te doen. Zorgen dat mensen kijken naar politieke standpunten en niet alleen naar kandidaten. ‘Een fractie zit erg snel op reageren.

Het college stelt voor en wij reageren. Dat moeten we omdraaien. We moeten als fractie zelf een groenbeheersplan maken. Actief worden in plaats van reactief’, aldus Van Emmerik. Dat groen is een van de ‘pijlers’ van de partij, zoals ook blauw (het vele water), recreatie en duurzaamheid hoog in het vaandel staan.

Kees Uit den Boogaard: ‘Maar we hebben ook een vergezicht nodig. Wie willen we zijn als gemeenten. Groter? Kleiner? En als we kiezen voor groter, met wie dan wel? Ons verkiezingsprogramma is nu een jaar oud. We moeten een lijstje maken van wat wij belangrijk vinden’.

Dergelijke lijstjes moeten ook van de inwoners komen, vinden de twee SvKB’ers. Inwonersavonden houden, dorpsraden raadplegen, ‘het moet van onderop komen’, aldus Van Emmerik. Zoals het bij landelijke partijen volgens hem ‘van boven’ – van de landelijke partijen – komt. ‘Haal het op bij gewone mensen. Let op signalen van de inwoners, die een groene gemeente willen’, vult hij aan.

‘Een politieke partij heeft zieners nodig’, denkt ondernemer in ruste Kees Uit den Boogaard. ‘Zieners, mensen die afstand hebben, los staan van de dagelijkse praktijk, maar die er wel een mening over hebben. Dat soort inwoners moet nadenken over waar we over tien jaar, misschien zelfs 20 jaar, staan. Dat vergezicht betekent keuzes maken. Want een beetje recreatie, een beetje tuinbouw, een beetje wonen, een beetje bedrijventerrein, dat kan natuurlijk niet meer. Daar is het geld niet voor’.

Ger van Emmerik: ‘We moeten voor de partij een kader aangeven waar we naar toe willen. Oals bij voorbeeld op ons aandringen in de meerjarige structuurnota staat dat windmolens niet alleen langs snelwegen mogen staan’.

Kees Uit den Boogaard: ‘Een ziener is ook iemand die de mensen vraagt: volg mij maar op dit pad. Er zijn ook duwers. Die vragen de mensen wat willen jullie dat we gaan doen, welk pad we moeten volgen. Daarom zeg ik: we hebben zieners nodig. Die weet mensen te binden. Dat is geen volgen van de wensen van de inwoners zonder eigen visie’.

De overige partijen in de gemeenteraad

PRO Kaag en Braassem heeft net als SvKB zes zetels in de gemeenteraad maar is nipt de grootste gebleven bij de verkiezingen van vorig jaar. PRO wil onder veel meer extra aandacht voor sociale woningbouw, ouderenwoningen dichtbij het centrum om doorstroming te bevorderen, lagere lokale lasten, opbrengst zonneveld of windmolen moet ten goede komen aan lokale gemeenschap, slimme groei van Schiphol.

Het CDA zit met vier zetels in de oppositie. Enkele belangrijke punten van de partij zijn het helpen van mantelzorgers, stimuleren van diverse woonvormen voor ouderen, land- en tuinbouw opnieuw centraal in het gemeentelijke beleid plaatsen, versterken van het centrum voor jeugd en gezin.

D66 heeft drie zetels in de raad. De partij stelt in het programma onder meer dat geen nieuwe ‘inbreilocaties’ (de open plaatsen in de dorpen vol bouwen) moeten worden toegestaan: wat groen is moet groen blijven, aldus de Democraten. Verder: toestaan dat recreatiewoningen permanent worden bewoond, windenergie vooral door windmolenparken op zee, en versterken van het Centrum voor jeugd en gezin.

De VVD heeft twee raadszetels. De partij wil kleinschalige bouwprojecten in de dorpen wel toestaan, is voor behoud van voorzieningen zoals de bibliotheek en het zwembad, is tegen verhoging van de OZB en steunt de economische ontwikkeling van Schiphol.

Dit artikel is onderdeel van een serie over lokale politieke partijen, mede mogelijk gemaakt door het Leids Media Fonds.

Meer nieuws uit Leiden

Keuze van de redactie