Commentaar: Poldercrash

Wonderbaarlijk hoe ’goed’ de crash van het toestel van Turkish Airlines, maandag precies tien jaar geleden, afliep. Zeker, met negen doden en meer dan honderd gewonden klinkt dat misschien wrang, maar wanneer een toestel in stukken breekt op de zompige klei verwacht je erger. Veel erger.

Om nog maar te zwijgen van de mazzel dat op de grond geen slachtoffers vielen. Het toestel crashte op een steenworp afstand van een paar boerderijen, vlak voor de A9.

Na de Bijlmerramp werden we zo opnieuw ruw geconfronteerd met het feit dat de prijs voor de aanwezigheid van een luchthaven in de overvolle Randstad, niet alleen bestaat uit geluidhinder en vervuiling, maar ook de veiligheid meegerekend moet worden.

Alleen omdat een neerstortend vliegtuig gelukkig een zeldzaamheid is, staan we daar minder bij stil.

Ten onrechte bewijst de poldercrash. De na de crash genomen maatregelen als het slopen van woningen onder start- en landingsbanen bieden alleen schijnveiligheid. Wanneer een vliegtuig in problemen komt kiest de luchtverkeersleiding immers steevast voor het belang van het toestel.

Ook als dat betekent dat het vliegtuig over bewoond gebied moet worden omgeleid. In de Bijlmer kent men de gevolgen. Het risico is weliswaar niet groot, maar wonen rond een luchthaven is ook niet ongevaarlijk.

Lees hier alle verhalen over de poldercrash.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.