Premium

Gewoon is stadsgeluid niet

Gewoon is stadsgeluid niet
De Leidse hoogleraar Auditieve Cultuur Marcel Cobussen.
© Foto Leidsch Dagblad
Leiden

Het is 14.00 uur. Uit een bestelwagen laadt een chauffeur een kar met dik in plastic verpakte eieren. Hij trekt de kar rammelend over de kinderkopjes naar supermarkt Zam Zam, even verderop. In de ruisende linden aan de kant van gebouw ’t Kruitschip klinkt een vinkenslag. Een knetterend brommertje tuft over het Steenschuur. Voetstappen klinken. Vanuit de bouwput die ooit een parkeergarage moet worden, komt gebonk en gedreun. Ja, zo klinkt de Garenmarkt in het hartje van Leiden.

Tenminste - zo klinkt hij nu. Het plein kan ook anders klinken, zegt de Leidse hoogleraar Auditieve Cultuur Marcel Cobussen (57). ,,Tot nu toe is er bij stadsplanning zelden nagedacht over het geluid in een nieuwe buurt of bij de herinrichting van een gebied. Er valt weinig aan te plannen, was altijd de gedachte. Geluid, dat ís er gewoon. Maar geluid valt wel degelijk te manipuleren.’’

Op dit moment wordt nog hard gewerkt aan de parkeergarage onder de Garenmarkt. Straks, als het dak erop ligt, richt de gemeente het plein opnieuw in. Cobussen moet glimlachen als hij zich het programma van eisen voor de geest haalt. ,,Het park moet een oase zijn in de drukke stad, waar bewoners de hond kunnen uitlaten en op bankjes kunnen zitten. Maar het moet ook een evenementenplein zijn met livemuziek. Een allegaartje van functies eigenlijk. Dat gaat niet altijd allemaal samen.’’ Een groepje bewoners van appartementencomplex ’t Kruitschip, die geluidsoverlast vrezen, vroegen Cobussen om ’aanbevelingen’ te doen, zodat ’toekomstige gebruikers en omwonenden er met plezier kunnen vertoeven’.

Afwisseling

Cobussen ging aan de slag, samen met onderzoeker Irene van Kamp en geluidskunstenaar Cilia Erens. Hij besloot zichzelf eerst de vraag te stellen welke geluidsomgeving wij als prettig ervaren. ,,Stadsbewoners denken vaak dat natuurgeluiden de ideale geluidsomgeving vormen: ruisende bomen, vogelzang, kabbelend water. Maar zo eenvoudig is het niet. Na verloop van tijd kunnen zulke geluiden ook saai worden, dan snakken ze bijna naar een rolkoffer over de keien of een knetterend brommertje. ’Ha, mensen!’, denken ze dan. ’O, ik leef op een diverse plek waar veel gebeurt, maar waar toch ook een zekere rust heerst’. We houden juist van contrasten. Afwisseling is ideaal.’’ Op basis van hun bevindingen schreven de drie het rapport ’Hoe klinkt de Garenmarkt?’, dat inmiddels aan de bewoners is aangeboden.

Het is nu al goed toeven op de Garenmarkt. Dat blijkt als Cobussen de oren spitst. ,,Wij kunnen makkelijk met elkaar praten.’’ Er zijn zowel natuur- als stadsgeluiden. Niets klinkt echt hard. Verkeersgedruis waait aan vanaf het Levendaal en de Korevaarstraat. De klok van het Leidse stadhuis slaat. Hoog op een dakrand koert een duif fanatiek.

Die geluiden zijn er ook na de herinrichting van het plein. Maar het gerammel van een karretje met eieren? Misschien niet. Een glooiend heuveltje in het park, een divers assortiment loofbomen, geluidsarm asfalt in plaats van kinderkopjes, houtsnippers in plaats van grind, dat alles maakt een groot verschil.

Voor concerten adviseert Cobussen een ringleiding, waar geluidsboxen op strategische plekken op de Garenmarkt op kunnen inpluggen. Dan hoeven er geen hoge torens met boxen meer aan weerszijden van het podium te staan. ,,Het volume kan lager zijn, terwijl bezoekers de muziek toch goed kunnen horen. Tegelijkertijd is er geen hinderlijke galm meer die van de gevels kaatst.’’

Meer nieuws uit Leiden

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.