Leids sportbeleid is een hindernisbaan vol ruzies en succes

Leids sportbeleid is een hindernisbaan vol ruzies en succes
Leiden

Steeds meer Leidenaars sporten regelmatig en bewegen in voldoende mate. Dat percentage lag enkele jaren geleden nog op 61 procent, maar volgens schattingen van de gemeente is dat naar ongeveer 75 procent gestegen.

Sportwethouder Paul Dirkse (D66) maakte deze cijfers bekend. Volgens de stadsbestuurder heeft het sportbeleid van de gemeente, beschreven in de nota ’Verleiden tot bewegen 2013-2018’, daar zeker een positieve bijdrage aan geleverd.

Er ligt ook een nieuw ambtelijk rapport voor de komende vier jaar dat de titel draagt ’Sport en gezondheid 2019-2022.’ Of de daarin gestelde doelen het percentage verder gaat opkrikken, wordt betwijfeld. Althans, enkele Leidse sportorganisaties die het rapport inmiddels hebben ingekeken, vinden dat de nadruk veel meer op gezondheid is komen te liggen dan op sport. Later dit voorjaar buigt de gemeenteraad zich over de nota.

Wat de Leidse sport in ieder geval een stimulans gaat geven, is de bouw van een nieuw sportcentrum aan de Telderskade en een gecombineerd schaats- en zwemcomplex bij De Vliet. Maar ook in de aanloop naar die nieuwe accommodaties ontstond hommeles. Waterpolo-organisaties ZVL 1886 kreeg geen eigen ruimte en verbrak daarom begin dit jaar alle overleg met de gemeente. En een groep sportclubs meldde later dat ze zich niet langer gerepresenteerd voelden door de lokale sportfederatie LSF. Bij beide conflicten wordt inmiddels een vredespijp gerookt, zo wordt bevestigd.

Meer nieuws uit Leiden