’Herstory’, ode aan de vele vrouwen die de universiteit deden bloeien

’Herstory’, ode aan de vele vrouwen die de universiteit deden bloeien
Demi Falkman (l), docent Nynke Feenstra en Puck Gerkema.
© Foto Leidsch Dagblad
Leiden

Vrouwen hebben altijd een belangrijke rol gespeeld in de tot nu toe 444-jarige geschiedenis van de Universiteit Leiden. Niet altijd als student, docent of onderzoeker, maar wel als hoogleraarsvrouw, koffiejuffrouw, als bibliothecaresse of als laboratoriummedewerker. ,,Zij hebben’’, zegt docent kunstgeschiedenis Nynke Feenstra (28), ,,zich net zo goed voor de universiteit ingespannen en bijgedragen aan haar groei en bloei.’’

In het beeld dat de universiteit van haar roemrijke verleden geeft, komen vrouwen echter nog heel weinig voor. De tentoonstelling ’Herstory’, die vanaf morgen te zien is in het bestuursbureau van de universiteit aan het Leidse Rapenburg, wil dat beeld bijstellen.

Herstory is een Engels woordgrapje dat speelt met de woorden ’her’ en ’his’. Nog altijd is ’history’ maar al te vaak ’his story’, ’zijn verhaal’. Onder leiding van docent Feenstra bedachten 25 masterstudenten van de opleiding ’Museums and Collections’ een tentoonstelling die helemaal in het teken zou staan van de vele vrouwen die opduiken in de academische geschiedenis.

De nadruk ligt op de laatste anderhalve eeuw, toen zich voor het eerst vrouwelijke studenten inschreven aan de Universiteit Leiden. Dat waren geen Nederlandse studenten, maar twee jonge Russinnen uit Sint Petersburg, die zich in 1873 inschreven voor een studie geneeskunde. Olga von Stoff en Fanny Berlinerblau vertrokken echter al snel toen bleek dat hoogleraar geneeskunde Abraham Simon Thomas hen niet als student wilde accepteren. Uiteindelijk slaagden ze er wel in om arts te worden. In 1878 pas begonnen twee vrouwen aan een studie in Leiden: Maria Slothouwer en Johanna Bischop. Dat was zeven jaar nadat Aletta Jacobs in Groningen aan een opleiding geneeskunde begon.

Erg welkom waren vrouwen aanvankelijk niet. De mannelijke studentenverenigingen en disputen wilden ze niet als lid accepteren. Daarom begonnen ze hun eigen studentenvereniging, de roemruchte V.V.S.L., de Vereeniging van Vrouwelijke Studenten in Leiden. Daar, zegt student Demi Falkmann, ,,konden ze elkaar steunen, voor elkaar opkomen en vriendschappen opdoen.’’

Iets vergelijkbaars was de ’Vrolec’, een vereniging van hoogleraarsvrouwen. Hoogleraren kwamen uit hele land naar Leiden, en de partners en het gezin kwamen ’uiteraard’ mee. De in 1913 opgerichte ’Vrolec’ bood de vrouwen een sociaal netwerk en gezelligheid. Ze deden aan amateurtoneel, ze tuinierden en ze deden aan gymnastiek. Gaandeweg begonnen zij ook activiteiten te ondernemen om de universiteit vooruit te helpen.

In de tentoonstelling is een aardige collectie menukaarten van diesvieringen opgenomen. Student Puck Gerkema haalt zo’n kaartje uit de vitrine. In de karige jaren ’50 van de vorige eeuw waren de vrouwen van hoogleraren al heel tevreden met een bord doperwten, feestelijk opgedist als ’petit pois au beurre sauté’. De Vrolec heeft lang bestaan; in 2017 fuseerde zij met Vereniging van Hoogleraren (Holec) tot ProParte - ’voor alle hoogleraren en hun partners’.

Een wel heel bijzonder tijdsbeeld geeft een vitrine die is ingericht rondom student Marijke P.J. Schoone. Bij haar vertrek uit Leiden doneerde zij de complete inboedel van haar studentenkamer aan het Academisch Historisch Museum. Zonnebril, make-up, haar complete kledingkast, tot en met het warmhoudpannetje in haar keuken - ’dozen vol spullen’, zegt Gerkema. Schoone was in 1965 lid van Augustinus, maar wat ze precies studeerde, konden de studenten niet achterhalen.

’Herstory’, Oude UB, Rapenburg 73, Leiden, vanaf 25 april t/m 23 mei 2019. Open ma t/m vr tijdens kantooruren.

Meer nieuws uit Leiden