Premium

Onderzoek Naturalis: zonnepark is niet slecht, maar juist goed voor de natuur

Onderzoek Naturalis: zonnepark is niet slecht, maar juist goed voor de natuur
Shell legde in maart dit jaar een zonnepark aan met 76.000 panelen.
© Publiciteitsfoto Shell
Leiden / Moerdijk

Zonneparken blijken een grote biodiversiteit te kunnen herbergen. Onderzoekers van Naturalis Biodiversity Center in Leiden ontdekten dat een 39 hectare groot zonnepark op het terrein van Shell Moerdijk heel geschikt is voor planten en insecten. Volgens wetenschappelijke directeur Koos Biesmeijer van Naturalis kunnen zonneparken een ’veilige haven’ voor veel planten, insecten en dieren zijn.

Een team onderzoekers onder leiding van Biesmeijer besloot afgelopen voorjaar om de biodiversiteit te onderzoeken op een nieuw zonnepark van Shell. Op een bedrijsterrein in industriegebied Moerdijk opende het energiebedrijf in maart een terrein met 76.000 panelen. Hier wekt shell op piekmomenten 27 Megawatt elektriciteit op. Dat is in principe genoeg voor 9000 huishoudens, maar Shell gebruikt de energie in een chemische fabriek op het eigen terrein.

Op de bodem van het zonnepark zaaide het team van Naturalis mengsels van verschillende planten in. Zo wilden ze, naar eigen zeggen ’een basis leggen voor het jonge ecosysteem’. Tegelijkertijd was de afwisseling bedoeld om te onderzoeken welke plantenmengsels ander dierenleven aantrekken - en daarmee goed zijn voor biodiversiteit - en welke dat niet of minder doen.

Beter

Biesmeijer trekt de conclusie dat mits goed ingericht, zonneparken beter zijn voor biodiversiteit dan de meeste landbouwgrond. ,,Zo bieden ze een mix van zon en schaduw, worden paden nauwelijks bewandeld door mensen en zijn ze vrij van kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Dit geeft planten en insecten ruim spel.’’

De conclusies van het Naturalis-onderzoek gaan daarmee in tegen het standpunt van het Louis Bolk Instituut in Wageningen. Dat stelde vorig jaar mei dat zonneparken juist slecht zijn voor biodiversiteit. Volgens onderzoeker Nic van Eekeren werpen de panelen zoveel schaduw op de bodem, dat de fotosynthese, en dus het groeivermogen van de planten, tot wel 92 procent kan afnemen.

Daar is Biesmeijer het niet mee eens. Hij stelde juist vast dat ’de schaduw van de zonnepanelen nauwelijks een belemmering is voor de plantengroei en de bestuivers’. ,,Schaduw biedt juist variatie in het landschap. Ook onder de panelen waren planten te vinden.’’ Wel is het zo dat de insecten die planten bestuiven, ’vooral te vinden zijn in de ruimtes tussen de panelen, waar de zon scheen’.

Nu de stikstofproblematiek boeren stevig dwars zit, rijst de vraag of zij hun aardappelen en koeien misschien beter kunnen inruilen voor zonnepanelen. LTO Nederland heeft zijn bedenkingen. De organisatie vreest dat voor zonneparken ’kostbare landbouwgrond’ wordt opgeofferd. Ze zouden ten koste gaan van de voedselproductie en de waarde van grond zo opdrijven dat familiebedrijven niet meer kunnen uitbreiden.

Biesmeijer begrijpt ’dat de energietransitie veel van ons vraagt’. Maar hij verwacht ook dat zonneparken ’steeds meer onderdeel van ons landschap gaan vormen’. ,,Het is belangrijk om nu kennis op te doen om te leren hoe ze goed ingericht worden en kunnen bijdragen aan het herstel van de biodiversiteit.”

Meer nieuws uit Leiden

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.