Premium

De ’glans van het genie’ Rembrandt straalde vanaf de achtergracht

1/3
Leiden

Met zo’n lucht in aantocht had iedere molenaar de zeilen allang gestreken. De voorstelling die Rembrandt in 1650 maakte van een molen in tegenlicht, is niet realistisch bedoeld, ook al niet omdat de wieken zo zijn opgezeild, dat ze rechtsom draaien.

Zou molenaarszoon Rembrandt niet hebben geweten dat wieken linksom draaien? Natuurlijk wist hij dat wel, zei biograaf en neerlandicus Onno Blom afgelopen donderdag in het Klein Auditorium van Academiegebouw in Leiden.

Blom gaf de jaarlijkse P.J. Bloklezing van het Leidsch Dagblad, de Universiteit Leiden en de Historische Vereniging Oud Leiden over ’Rembrandt van Rijn, gesjeesde student’.

Rembrandt gebruikt zijn ’machtige geest’ om de standerdmolen (’precies zo’n molen als zijn vader had’), een diepe symbolische en moralistische lading mee te geven. Alles op De Molen, dat nu hangt in The National Gallery of Art in Washington, is ’verkeerd om’; wat bezielde de molenaar?

In zijn biografie ’De jonge Rembrandt’ toonde Blom aan dat Rembrandt van Rijn (1606-1669) door zijn ouders was voorbestemd voor een positie in het Leidse stadsbestuur. Zij hoopten dat hij zich daar met een studie aan de Latijnse School en de Leidse universiteit voor zou kwalificeren. Uit een document dat begin dit jaar werd gevonden in de Leidse Universiteitsbibliotheek, blijkt dat Rembrandt twee, misschien wel drie jaar heeft gestudeerd, voordat hij zich op de Langebrug meldde als leerling bij kunstschilder Jacob van Swanenburg.

Die relatief lange academische vooropleiding maakte van Rembrandt een geleerde kunstschilder, iemand die de mythische verhalen die hij uitbeeldde, in het Latijn kon lezen. De inspiratie voor één van zijn vroegste schilderijen, ’De roof van Proserpina’ (1631), haalde hij uit het epos ’De raptu Proserpinae’ van de Grieks-Romeinse dichter Claudius Claudianus (370-404).

Boeken

Rembrandt leefde dus in een omgeving waarin veel van boeken werd verwacht. Kennis, wijsheid, verlossing zelfs, als het om de Bijbel ging. In hun denken en doen stonden de humanistische geleerden van Rembrandts tijd zoals Daniël Heinsius (1580-1655), nog dicht bij de studieuze monniken van twee generaties eerder. Ze onttrokken zich zoveel mogelijk aan de politiek en leefden teruggetrokken, huiselijke levens, waar zij zich ongestoord aan studie wijdden.

Rembrandt richtte zijn leven ook zo in. Net als de geleerden die zijn voorbeeld waren, merkte Blom op, ’leefde hij het gewone dagelijkse leven van de achtergracht, maar wel met de glans van het genie. De politiek, de grote historische gebeurtenissen van zijn tijd, boeiden hem niet.’’

Dat ideaal van de teruggetrokken geleerde, die de wereld begrijpt door zijn boeken, komt bijna letterlijk aan het licht in ’De apostel Paulus aan zijn schrijftafel’ uit 1629-’30. Hoog licht valt door een bovenraam links, maar het gelaat, en bij implicatie de geest van de apostel, worden verlicht door een warme gloed uit het boek zelf.

Meer nieuws uit Leiden

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.