Gerda van Uffelen: ’Planten lopen niet weg’

Gerda van Uffelen: ’Planten lopen niet weg’
Gerda van Uffelen. ,,Het lijkt wel alsof ik het drukker heb dan ooit!’’
© Foto Hielco Kuipers

Wie verdient de titel Man/Vrouw van 2019? De redactie van het Leidsch Dagblad selecteerde negen mannen en vrouwen. Interviews met hen staan deze dagen in de krant. Tot en met 12 januari kunt u uw stem uitbrengen via het formulier in de krant of op onze website. In deze aflevering Gerda van Uffelen, die de afgelopen decennia haar stempel drukte op de Hortus botanicus en onlangs met pensioen ging. Althans... ze werkt er nu als ’gastmedewerker’ gewoon door.

Met een feestelijke lunch op maandag 9 december luidde de Hortus botanicus haar uit. Gerda van Uffelen, sinds 1993 ’hoofd collectiebeheer’ van de universiteitstuin, is met pensioen. Maar de dag na het afscheid was ze alweer present in het Hortuskantoor aan de 5de Binnenvestgracht. ,,Het lijkt wel alsof ik het drukker heb dan ooit’’, zegt ze. ,,Mijn werkkamer moet leeg, en daar ligt nog een hoop! Wat moet naar de UB, wat kan naar Naturalis, wat is voor mijn opvolger?’’, dubt ze. ,,Wat kan weg?’’

Met planten maakte Van Uffelen al jong kennis, want ze komt uit een familie van tuinders en tuiniers in Loosduinen. Als specifieke reden om zich binnen de biologie nu juist op planten te richten, geeft ze een nuchtere reden op: planten lopen niet weg. ,,Ze zijn redelijk groot en goed zichtbaar. Je kunt er ook als amateur aan werken, ik was op de middelbare school al met planten bezig.’’

Stemmen kan hier.

Tijdens haar studie biologie aan de Universiteit Leiden specialiseerde ze zich in varens. Ze promoveerde op structuren die nu juist niet ’redelijk groot’ zijn, maar die hun geheimen alleen prijsgeven als ze worden bekeken onder een rasterelektronenmicroscoop: de sporen. ,,De oppervlaktestructuren van sporen zijn heel erg mooi’’, zegt ze. ,,Als je ze onder de microscoop bekijkt, zie je soms complete planeetjes, en elke soort is anders.’’

Wind

Waarom varens zoveel energie steken in zulke gecompliceerde structuren, is niet goed bekend. Ze verspreiden hun sporen op de wind, en de gedachte is dat de oppervlaktestructuren de sporen helpen om verder te komen. De wind zou er zo zo meer ’grip’ op krijgen. Maar het is de vraag of het echt zo is; er zijn ook varens die gladde sporen hebben.

Van Uffelen citeert de grote botanicus Cornelis van Steenis (1901-1986) die opperde dat de natuur soms ’speelt’, op terreinen waar weinig evolutiedruk op ligt. ,,De gedachte is vaak: Het is er, dus het zal wel ergens voor zijn. Maar de uitkomst van evolutionaire processen hoeft niet altijd nut te hebben.’’

Tijdens haar studie ontmoette ze ook haar man Peter Hovenkamp, die zich ontwikkelde tot een groot varenkenner. Hij schreef onder meer voor Heukels’ Flora van Nederland, die biologen in het veld gebruiken om planten mee te herkennen. Hij kwam op vrijdag 12 juli dit jaar om in Gunung Mulu National Park in Sarawak toen een grot die hij tijdens een groepsexcursie bezocht, onverwacht onder water kwam te staan na hevige regenval. Zelf overleefde ze de ramp ternauwernood.

Registreren

Na haar promotie in 1993 ging Van Uffelen aan de slag als hoofd collectiebeheer van de Hortus. Zoals ze erover vertelt, klinkt het vooral als een administratieve functie. ,,Registreren van alles wat binnenkomt, doodgaat en wat aangeschaft mag worden.’’ Maar in de loop der jaren kreeg ze de ruimte om, samen met het team en de vele vrijwilligers, een stevig stempel op de Hortus te drukken. Aan een tafeltje in het Hortuscafé haalt ze een kladpapiertje tevoorschijn. ,,Ik ben niet zo goed in dit soort cijfers, dus ik heb even een lijstje gemaakt.’’ Ze noemt de Systeemtuin, die in 2005 werd aangelegd en die in 2017 werd herzien. ,,Het plan en de invulling zijn echt van mijn hand.’’ De herinrichting van de Clusiustuin in 2009 is grotendeels haar werk. In 2015 richtte ze de Chinese kruidentuin in, die nu tot wasdom begint te komen. Ze herinnert zich tentoonstellingen. ,,2009, het Linnaeusjaar. 2013, Planten van 1001 nacht, samen met arabistiek, heel leuk! 2015, 425 jaar Hortus, met een mooi boekje. 2019, Beter met planten.’’

En nu is ze dan zelf gastmedewerker. ,,Ik trek me terug op een terrein waar ik wat van weet, maar waar ik de organisatie niet in de weg loop.’’

De komende jaren wil ze, samen met andere botanici en kunsthistorici, een overzicht maken van de plantennamen in de Clusiustuin. De eerste prefect Carolus Clusius (1526-1609) maakte wel lijsten, maar veel is onduidelijk. ,,Het is een leuk project. Professioneel val ik niet in een zwart gat; persoonlijk is het een ander verhaal.’’

Stemmen kan hier.

Lees hier alles over de verkiezing M/V van het Jaar 2019

Meer nieuws uit Leiden

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.