Premium

’Dit kattencafé verbindt mensen met elkaar’

’Dit kattencafé verbindt mensen met elkaar’
Chantal Vijlbrief in haar eerste en enige Leidse kattencafé aan de Haarlemmerstraat: ,,Ik hoop dat, als het nieuwe er af is, mensen het óók leuk blijven vinden…..’’
© Foto Taco van der Eb

Chantal Vijlbrief (29 jaar jong) is sinds begin dit jaar uitbaatster van het eerste en enige kattencafé van Leiden. De klanten kunnen er, terwijl ze iets eten of drinken, de acht katten aaien, knuffelen of gewoon bewonderen. Het loopt de eerste weken storm. Chantal combineert in het pand aan de Haarlemmerstraat haar liefde voor katten en de horeca en maatschappelijke bevlogenheid.

Droom die uitkomt

„Dit is voor mij een droom die uitkomt. Het kattencafé brengt zoveel bij elkaar van wat voor mij belangrijke dingen in het leven zijn: het maatschappelijke – dit is een ontmoetingsplek, zeker ook voor eenzame mensen – mijn liefde voor goed en gezond eten en de liefde voor katten. Alle ervaringen uit het verleden hebben mij en dit café gemaakt tot wat het nu is. Er waren veel tegenslagen, ook rond de verbouwing, maar uiteindelijk is het gelukt! Soms kan ik het nog niet geloven.”

Jong ’maatschappelijk’ (1)

„Ik heb een heel gelukkige jeugd gehad met hele lieve en betrokken ouders in een gewoon Leids gezin. Ik was al jong ’maatschappelijk’ bezig. Nooit zo over nagedacht, dat ging altijd vanzelf. Zo ben ik jarenlang als begeleidster mee geweest met de reizen die het Rode Kruis organiseert voor meervoudig gehandicapten. Dankbaar werk, maar ook fijn: elk jaar hadden we dezelfde groep vrijwilligers en troffen we meestal dezelfde gasten. Op m’n vijftiende was ik koffiedame bij Topaz, in een tehuis voor demente bejaarden.

Ik heb ook een maand in Thailand als vrijwilligster gewerkt bij een olifanten-opvang. Ik mocht de olifanten wassen en eten geven. Later ben ik in Sri Lanka geweest om schildpadden in een opvang te verzorgen. Want ik vind: als je in een land te gast bent, moet je er ook iets aan teruggeven.”

Je bent wat je eet

„Voeding heeft altijd mijn interesse gehad, vandaar dat ik de opleiding voeding en diëtetiek ben gaan doen. Je bent wat je eet. Zo had mijn vader ooit een te hoge bloeddruk, waar hij medicijnen voor moest slikken. Tijdens mijn studie heb ik hem tips gegeven om zijn voeding aan te passen. Daardoor heeft hij tot de dag van vandaag geen hoge bloeddruk meer en hoeft hij geen medicijnen meer te slikken. Zelf heb ik in die tijd ook de omslag naar gezonder eten gemaakt en zo ben ik dertien kilo afgevallen.”

En toen: burn-out

„In het derde jaar van de opleiding diëtetiek, een jaar of drie geleden, kreeg ik een burn-out en heb ik een tijd thuis gezeten. Ja, waar komt zoiets vandaan? Ik ben iemand die onwijs creatief is en continu van alles wil bedenken. Maar uit wat ik doe, moet je dan wel genoeg energie kunnen putten. En om de een of andere reden kostte die opleiding op een gegeven moment alleen maar energie. Die was niet iets waar ik van droomde of juist enthousiast van wakker lag. In die tijd hoorde ik voor het eerst over het fenomeen kattencafé en ik dacht: jeetje, hier kan ik dat maatschappelijke stukje van me combineren met de liefde voor katten en de horeca. Wat lijkt me dat geweldig! In die tijd ben ik een ondernemersplan gaan schrijven.”

Crowdfundactie

„Ik had wel wat spaargeld en mijn ouders wilden me wat geld lenen, maar dat was bij lange na niet genoeg om een pand te huren, te verbouwen en in te richten. Toen ben ik met een crowdfundactie begonnen. Heel spannend. Want de vraag was: is Leiden hier klaar voor? Zit de stad op een kattencafé te wachten?

Maandenlang heb ik alles uit de kast gehaald om genoeg geld bij elkaar te krijgen. Ik heb er heel hard aan moeten trekken. Een veiling gehouden, bedrijven in en om Leiden benaderd, een high tea georganiseerd, op markten gestaan. Het belangrijkste is dat mensen van je weten. Zo’n actie is pas succesvol als mensen de idee hebben dat ze aan ’iemand’ doneren, niet aan ’iets’. Uiteindelijk had ik ruim 22.500 euro binnen. Zonder die crowdfunding, alle lieve vrienden en familie en mijn vader – hij loopt hier al maanden te klussen – was het niet gelukt.

Heb ik een gunfactor? Dank u wel! Dat hoor ik inderdaad vaker. Daar bof ik dan maar mee.”

Betaalbaar pand

„Toen begon de zoektocht naar een betaalbaar pand waar ook nog een horecabestemming op zat. Veel panden waren voor mij niet te betalen. Om met mijn vader te spreken: als je elke maand 3000 euro huur betaalt, moet je heel wat kopjes koffie verkopen wil je alleen de vaste lasten al kunnen betalen.

Wat méé zat, was dat het Centrummanagement en de gemeente Leiden net in die tijd besloten de leegstand onder winkelpanden aan te pakken door dit gedeelte van de Haarlemmerstraat vrij te geven voor horeca. Uiteindelijk heb ik dit pand (Haarlemmerstraat 241, red.) gevonden, met een schappelijke huur. Dat moest ook weer zo zijn. De eigenaar is zelf ook enthousiast over deze nieuwe bestemming.”

Katten gezocht

„Ja en toen moest ik natuurlijk nog katten hebben! Ik wilde per se katten uit het asiel of een andere dierenopvang in plaats van dure raskatten – dat is weer dat maatschappelijke stukje van mij. Dus ben ik eerst naar het Leidse asiel gegaan en heb daar van mijn plan verteld. Maar daar konden ze me niet helpen. Ze vonden hun katten niet geschikt, niet sociaal genoeg of niet goed met kinderen.

Via-via hoorde ik van het bestaan van Pieter Erades, een Leidenaar die op het Griekse eiland Kreta een kattenasiel runt – het wemelt daar van de straatkatjes. Pieter vangt er zo’n honderd op en kon genoeg geschikte katten aanwijzen. Nadat hij het nodige papierwerk voor me had geregeld, ben ik er zelf vijf gaan halen. ’s Avonds heen met het vliegtuig, de volgende ochtend vroeg weer terug. Pieter is de andere drie komen brengen. Kon hij met eigen ogen zien hoe het hier met zijn ’kindjes’ ging.”

Katten-proof

„De Voedsel- en Warenautoriteit stelt natuurlijk eisen. De keuken moet volledig afgeschermd zijn, waar eten en drinken wordt bereid mogen de katten nooit komen. Er is een cat’s only-ruimte gemaakt waar de katten zich even kunnen terugtrekken als alle aandacht ze teveel wordt. Er is een aparte ruimte waar de kattenbakken staan. En tussen de voordeur en het café is een sluis aangebracht om te voorkomen dat ze naar buiten zouden kunnen glippen. Niet zielig hoor, ze zijn gewend om binnen te blijven, dat is ook een van de dingen waar we op hebben geselecteerd.”

Thuisfront

„Mijn partner komt zelf ook uit de horeca. Wesley is een ’man van de keuken’ en, al blijft hij op de achtergrond, hij vindt waar ik mee bezig ben superleuk.

Of hij een kattenliefhebber is? Gelukkig wel, haha, anders zou het niet werken tussen ons. Waarom ik zelf zo gek op katten ben? Nou, ze blijven boeiend om naar te kijken. Katten zijn bijzonder omdat ze allemaal hun eigen karakter hebben – net als mensen.”

’Waarom geen Leidse’

„Ik hoop, doordat in het café katten uit een asiel rondlopen, dat mensen enthousiast worden om nu eens niet te kiezen voor een kat uit een nestje of een dure raskat, maar een adoptiekat. Dat is zo dankbaar.”

Gebarend naar de kat die bij haar op schoot zit te spinnen en met ogen dicht zichtbaar geniet: „Kijk nou naar Chloé. Ze kan niet praten, maar ze lijkt wel echt dankbaar, vindt u ook niet?

De gasten die tot nu toe kwamen, zijn enthousiast. Het enige puntje van kritiek is weleens dat klanten me oprecht vragen waarom ik geen katten uit het Leidse asiel heb gehaald. Nou, dat leg ik dan uit.

Het gaat goed, het café zit al heel vaak vol. Omdat de katten moeten wennen, moeten de klanten de eerste tijd vooraf reserveren. Als ik nu kijk naar februari, zijn er al heel wat middagen en weekenden ’uitverkocht’.”

Unique selling point

„Het fenomeen kattencafé komt oorspronkelijk uit Azië. Daar is het wijd en zijd bekend. Waarschijnlijk omdat de mensen daar te klein behuisd zijn om zelf huisdieren te hebben. In Nederland zijn er nu een stuk of vijftien.

Er komen regelmatig nieuwe kattencafés bij, maar er verdwijnen er ook weer. Want de katten zijn een unique selling point, maar uiteindelijk komen mensen alleen maar terug als het gezellig is, de koffie en het eten goed zijn en ze een stukje persoonlijke aandacht krijgen. Dat probeer ik.

Ik ben van plan om allerlei leuke dingen te gaan organiseren: van film- en bingoavonden tot Italiaanse avonden-met- zoveel-gangen en workshops. Ik heb wat dat betreft eindeloos veel ideeën.”

Geen andere katten

„Mensen vragen weleens of ze hun eigen kat kunnen meenemen, maar dat is niet de bedoeling. Een kat is heel erg gehecht aan zijn eigen plek, groep en omgeving, dat moet je niet willen verstoren.

Mijn favoriet? Die heb ik niet, nou ja, eigenlijk is Sprinkle dat, omdat hij zo verlegen lijkt. Chloé is de favoriet van iedereen. Die springt meteen bij de gasten op schoot. Maar ook de anderen komen aandacht halen, willen geaaid worden en geknuffeld, nou ja, dat heeft u gemerkt!”

1 + 1 = 3

„Alle hulp die ik heb gehad, heeft gemaakt dat het is gelukt, maar het heeft me meer gebracht. Dit café verbindt zoveel mensen. Doordat de hele familie is bijgesprongen, zie ik mijn ouders en zusje veel vaker dan vroeger. Dat vinden we alle vier geweldig. Mijn eigen vriendengroep is er hechter door geworden en de vrienden van mijn zusje, die ook massaal kwamen helpen, zijn ook mijn vrienden geworden.

Ik heb natuurlijk ook de zórg voor de acht katten die in het café wonen, maar er hebben zich spontaan al zoveel vrijwilligers gemeld die me willen helpen. En als klap op de vuurpijl heeft Tijssen, de groothandel in diervoeders uit Hazerswoude, aangeboden me te sponsoren met kattenvoer en grind. Zo tof.”

’Soort’ klanten

„Heel grappig: tachtig procent van wat hier tot nu toe komt, is vrouw. Misschien omdat vrouwen meer met elkaar op stap gaan dan mannen?

Er komen veel expats die zelf geen huisdieren kunnen hebben, maar hun kinderen met huisdieren willen laten opgroeien. Er is een woonzorggroep die terugkomt. En ik wil me ook op eenzame mensen gaan richten. Ik heb een leestafel: al ben je alleen, je maakt hier snel een praatje met een vreemde. De katten zijn verbindend.

Oud-collega’s uit het LUMC zijn ook al geweest. Heel schattig: er zijn er een paar die bang zijn voor katten, maar ze zijn toch gekomen.”

’Wel genieten hoor!’

„Of het leven me aan alle kanten toelacht? Dat kun je wel zeggen, ja! Alleen sta ik nu op de automatische piloot, want in deze beginperiode is het druk, druk, druk. De laatste weken vragen mensen weleens aan me: Chantal, geniet je er wel van? Daar heb ik even geen tijd voor, het is nu keihard werken. En ik moet nuchter blijven. Dit kattencafé is nieuw voor Leiden. Dit is maar het begin. Ik hoop dat, als het nieuwe er af is, mensen het óók leuk blijven vinden.”

Miep Smitsloo

Meer nieuws uit Leiden

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.