’Die aanslag op de Duitsers in 1945 had nooit mogen gebeuren. Ze waren al op weg terug naar de Heimat’

’Die aanslag op de Duitsers in 1945 had nooit mogen gebeuren. Ze waren al op weg terug naar de Heimat’
Jan Adrichem in de jaren ’50.
Heemskerk

Omdat het 75 jaar na de bevrijding is, plaatsen we nogmaals een artikel uit 2013.

Lees hier alle verhalen over 75 jaar bevrijding

,,Helden waren wij niet in de oorlog. Wij wilden graag hier blijven. We deden het ook uit eigenbelang.''

Zo besluit oud-verzetsman Jan Adrichem een gesprek over Heemskerk in de oorlog. Hij is bescheiden, maar trots op zijn dikverdiende verzetsherdenkingskruis.

Jan Adrichem is 94 jaar. Met zijn flinke postuur maakt hij nog steeds indruk, ook al is hij aan de rollator. Praten doet hij wel, loslippig is hij niet. Zeker niet als het gaat over overvallen. ,,Dat is gebeurd, er zijn slachtoffers gevallen. Er is weinig over gesproken. Het is klaar. Dat neem ik mee in mijn graf.''

Hij is de zoon van smid Piet Adrichem, geboren in de Wijkweg, de huidige Maerten van Heemskerckstraat, hoek Muilmanslaan. De smederij stond op de plek van het vroegere postkantoor, nu zit er een tandarts.

,,Toen ik klein was kwam de buurt bij ons water halen. Wij hadden een aansluiting. De meesten hadden alleen een regenput.''

Toen hij van de mulo kwam, was er geen werk. ,,Jongens van mijn leeftijd konden overal aan de gang, maar voor noppes.'' De jonge Adrichem deed her en der klusjes, haalde meer diploma's en vroeg vervroegde dienstplicht aan. Dan had hij dat alvast gehad. Zo gezegd, zo gedaan.

Op 10 mei 1940 brak de oorlog uit. Hij liep als onderofficier wacht bij de marine in Den Helder. ,,We zijn gebombardeerd, verschillenden van ons zijn gesneuveld. Onder wie Gerard Dekker uit Beverwijk. We werden gedemobiliseerd. Terug in Heemskerk ben ik in het verzet beland.''

’Die aanslag op de Duitsers in 1945 had nooit mogen gebeuren. Ze waren al op weg terug naar de Heimat’
Jan Adrichem in 2013.

Met onder meer Wim Neuteboon richtte hij een brandweerkorps op. ,,Er was wel een brandweer in Heemskerk, twee man met een handpomp. Wij begonnen een korps, volgens het Duitse systeem.''

Het had een bijbedoeling. ,,Je kreeg een Ausweis, je was vrijgesteld van uitzending naar Duitsland, je mocht na acht uur op straat. Dat kwam altijd van pas.''

Hij kwam bij de verzetsgroep Cor ('wij zeiden Cees') Kooijman. ,,Hij was mijn baas. Ik was technisch. Ik repareerde wapens voor het verzet, van die oude troep. Ik gaf ook wapeninstructie. Dat was riskant ja. Als je gesnapt werd, ging je kop er af. Als je je verstand gebruikt, doe je het niet. Dat is achteraf. Ik had het gevoel dat het moest.''

,,Aanslagen deden wij niet, wel overvallen Je had mensen die vlees voor veel geld verkochten. Dat accepteerden we niet. Wij haalden het op. We kwamen het stelen, op zijn Hollands gezegd. Dat ging naar mensen die het eten harder nodig hadden.''

Smokkel

Ook trad hij menigmaal op als koerier voor kapelaan Huijboom.

,,De kapelaan verzorgde brieven aan de jongens die in Duitsland te werk waren gesteld. Om ze moed in te praten, een hart onder de riem te steken. Die brieven bracht ik naar 's-Heerenberg. Vandaar werden ze over de grens gesmokkeld. Zo ontliepen we de censuur. Ik bracht ook brieven van de bisschop naar de kerken. Heemskerk, Castricum, Limmen. Je moest door de sluis bij Castricum. Er waren ook anderen die dit deden. Je kon het niet te vaak doen, dat viel op. Kapelaan Huijboom is overgeplaatst. Dat moest wel, anders hadden ze hem doodgeschoten.''

,,De Duitsers zaten vooral in de duinen en op kasteel Marquette. Daar hadden ze een weerstation onder leiding van Dr. Koch. Het verzet wilde hem gevangen nemen. Over mijn lijk. Koch was de kwaadste niet. Hij gaf aardappelen aan de kerk. Het verzet zorgde voor het bombardement op Marquette'', aldus Adrichem. Het kasteel bleef gespaard.

Kluis

,,In Heemskerk zijn geen schrikbarende dingen gebeurd. De verhalen zijn vaak groter dan het was. Je kon niet altijd thuis slapen. Ik heb wel eens op de tuinderijen tussen de bonen gelegen. We kregen een Duitsgezinde burgemeester, het bevolkingsregister is weggehaald. De Grüne Polizei kwam erbij, ik moest de kluis openmaken. Gemeentesecretaris Van Benthem stond er bij. 'Ze hebben ook mijn geld meegenomen', hoorde ik hem zeggen.”

Een van de ergste gebeurtenissen was de dood van drie leden van de familie Cnossen aan de Rijksstraatweg. Een represaille van de Duitsers na een actie van het verzet. ,,Dat was een andere verzetsgroep. Dit had nooit mogen gebeuren. Het was in de laatste oorlogsdagen. De Duitsers waren al op weg terug naar de Heimat.''

Honger

,,Als je honger leed, was de oorlog een hel. Hier werd groente verbouwd. Er is veel illegaal geslacht. Ik moest af en toe in de smederij de messen slijpen. Dan kreeg ik als beloning een stuk vlees. Wat ik altijd heel moeilijk vond: wie kun je vertrouwen en wie niet. Enkele bewoners zijn voor mij altijd een mysterie gebleven.''

Na een aanslag van een verzetsgroep op de spoorlijn bliezen de Duitsers enkele boerderijen in het Hofland op. Adrichem was ter plaatse als brandweerman. Daar werd hij geraakt door een granaatscherf.

,,Ik voelde niets, maar het bloed liep langs mijn been. Ik werd in een bakfiets naar het ziekenhuis gebracht. Annie de Wildt gaf mij een glaasje cognac. Drink op. De scherf heb ik altijd bewaard.'' Hij haalt hem uit een doosje. ,,Hij weegt 99 gram. Kijk uit, hij is scherp.''

Jan Adrichem bleef na de oorlog nog korte tijd bij de brandweer. Hij ontliep op het nippertje uitzending naar Indonesië ('mijn ransel was al onderweg'). Hij voltooide zijn diensttijd, had met zijn broer een eigen bedrijf in de kassenbouw, werkte als leraar lastechniek en ging daarvoor door heel Nederland en eindigde als boekhouder bij het onderwijsbureau. ,,Ik heb een geweldig leven gehad.''

Meer nieuws uit Extra

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.