Toen er op 25 juni nog wél werd gesport: Een ’goed stel’ voetballers rekent eindelijk af met demonen uit het verleden [video]

’Dit is een goed stel hoor’, sprak Theo Reitsma terwijl de spelers en stafleden van het Nederlands elftal een feestje vierden met de beker.
© ArchieFfoto AFP

Het coronavirus heeft de sportwereld tot stilstand gebracht. In deze rubriek gaan we terug naar de tijd waarin er nog volop gesport werd. Dezelfde datum als vandaag, maar dan mét sport. Vandaag: 25 juni 1988, de dag waarop Oranje het EK in West-Duitsland wint.

’Zijn we er toch weer ingetuind’, ’Timmertje, Timmertje, Timmertje, wat ga je doen?’ en natuurlijk ’Hij staat!’: eens in de zoveel jaar doet een commentator eens een gevleugelde uitspraak die voor de eeuwigheid aan een historisch sportmoment verbonden blijft.

Ook Evert ten Napel en Theo Reitsma hebben zo’n memorabele oneliner, tijdens het EK ’88 in West-Duitsland. Een toernooi waarin Oranje eindelijk afrekent met het verleden.

De wond die de verloren WK-finale van 1974 in en tegen West-Duitsland heeft achtergelaten, is nog altijd niet geheeld als Nederland - net als toen onder leiding van bondscoach Rinus Michels -op dinsdag 21 juni in Hamburg opnieuw aantreedt tegen de aartsrivaal, met als inzet een plek in de eindstrijd.

Van euforie onder het legioen is in de aanloop naar het treffen met onze Oosterburen geen sprake. Oranje heeft ternauwernood de groepsfase overleefd en de linke Duitsers, met namen als Lothar Matthäus, Jürgen Kohler, Rudy Völler en Andy Brehme, worden gevreesd.

In een duel dat bol van de onvriendelijkheden staat, komt het gastland kort na rust op 1-0. Scheidsrechter Igna trapt in een ’schwalbe’ van Jürgen Klinsmann, waarna Matthäus het presentje vanaf de stip gretig uitpakt.

Uitschakeling dreigt, maar dan schiet de Roemeen te hulp. Ronald Koeman benut een door Marco van Basten versierd ’goedmakertje’. Een verlenging lijkt in de maak, tot de 89e minuut. Jan Wouters steekt Van Basten weg, die - in duel met Kohler - al glijdend de 2-1 achter Eike Immel frommelt: naar de finale! ’Het Volksparkstadion is van ons’, zijn de legendarische woorden die Ten Napel de natie toevoegt.

Vier dagen later, op zaterdag 25 juni, speelt Oranje de finale in München. Tegenstander is de Sovjet-Unie. Met een snoeiharde kopbal brengt Ruud Gullit Oranje voor rust aan de leiding.

Dat breekt de 54e minuut aan. Een voorzet vanaf de linkerflank van Arnold Mühren bereikt Van Basten in het vijandelijke strafschopgebied. Vanuit een schier onmogelijke hoek neemt de spits de bal ineens op de pantoffel.

De tijd lijkt even stil te staan als het leer richting het doel van de aan de grond genagelde Rinat Dasajev zeilt en in de verre kruising ploft. Met een 2-0 voorsprong kan het niet meer misgaan, zeker niet als Hans van Breukelen ook nog zijn momentje grijpt en een strafschop keert.

Dan klinkt het laatste fluitsignaal: Nederland is Europees kampioen. Maar misschien nog wel belangrijker: er is afgerekend met de demonen uit het verleden. ’Dit is een goed stel hoor’, geeft Reitsma de tv-kijker mee terwijl Michels, Gullit, Van Basten en consorten feest vieren met de beker. De rest is geschiedenis.

Meer nieuws uit Sport

Ombudsman

Ombudsmannen Durk Geertsma & Ed Brouwer springen in de bres voor de consument.