Meer onderzoek nodig in zaak wurgmoord Ter Aar; verdachte echtgenoot van het slachtoffer ontkent

Maarten Bakker
Ter Aar

Het zal nog zeker tot begin 2021 duren voordat de wurgmoord op een 34-jarige vrouw in een woning in Ter Aar door de rechter inhoudelijk behandeld kan worden. Het onderzoek van politie en justitie is nog niet afgerond.

Dat bleek maandag op een tussentijdse zitting van de Haagse rechtbank over de zaak. Op 30 mei dit jaar werd in een woning aan de Reigerlaan in Ter Aar het lichaam van de gedode vrouw uit Egypte gevonden. Het Openbaar Ministerie gaat ervan uit dat haar 46-jarige echtgenoot D. verantwoordelijk is voor haar dood.

Maandag was het eerste keer dat de man uit Soedan voor de rechter verscheen. Hij ontkende zijn echtgenote vermoord te hebben. „Ik heb het echt niet gedaan”, fluisterde hij op de zitting. Zijn advocate vroeg eerder al om extra onderzoek van politie en justitie. Ze wilde dat zussen van de vrouw, die nog in Egypte wonen, ondervraagd zouden worden. Ze kunnen misschien vertellen of het slachtoffer een andere relatie had. Door de coronacrisis is het echter nog niet mogelijk geweest de zussen te ondervragen.

Sporen

Ook wilde de advocate van D. dat er onderzoek zou komen naar de wurgsporen in de nek. Daaruit zou blijken dat de Soedanese man de wurgmoord niet gepleegd kan hebben. De officier van justitie verklaarde maandag dat het onmogelijk is om vast te stellen welke handen bij een wurgspoor horen. „Zo werkt het niet in forensisch onderzoek”, zei ze. Op aandringen van de rechtbank, gaat ze echter toch nog een poging doen.

Verder wachten politie en justitie nog op informatie uit de Verenigde Staten, van het bedrijf Google. D. wordt ook nog opgenomen in het Pieter Baan Centrum, waar wordt gekeken of de man lijdt aan een psychische stoornis.

Op 18 januari is er een nieuwe tussentijdse zitting, maar dan wordt de wurgmoord nog niet inhoudelijk behandeld.

Meer nieuws uit Leiden

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.