Feenbrothers maken hun rentree in Leiden, maar met één broer minder

Mark en Paul van der Feen.

Mark en Paul van der Feen.© Foto Tilmann Bötthcher

Ken Vos
Leiden

In de jaren negentig waren de Feenbrothers een mediafenomeen, omdat het hele kwartet uit één familie afkomstig was. Ze zijn vrijdag in Leiden terug op het podium, maar met een broer minder.

Op verzoek van Sijthoff spelen de broers als ’Feenbrothers Light’, zonder oudste broer Matthijs op drums. De cultuurzaal, ook gebruikt voor exposities is nu eenmaal klein en matig geïsoleerd.

Op papier bestaat de band sinds 1992. Bassist Clemens en saxofonist Paul waren toen nog minderjarig. Nog voordat ze echt bekend werden, traden de broers Van der Feen al in 1993 op tijdens het North Sea Jazz Festival.

Enkele jaren na de veelbelovende start groeiden de broers muzikaal uit elkaar. Matthijs (1971) was de jazzpurist, Mark de ambitieuze leider. De band spiegelde zich aan het Dave Brubeck Quartet met saxofonist Paul Desmond die veel thuis werd gedraaid. Nu is Paul de regelaar van het kwartet.

Paul: ,,Het is vooral aan mijn moeder als organisator te danken dat we voor het eerst op een podium stonden. Mijn vader was het die thuis veel klassiek en jazz draaide, vooral de grote namen als Coltrane. Mark (1972) was de eerste die naar het conservatorium ging en vermaakte het publiek graag door rock’n roll-associaties in zijn solo’s te stoppen. We traden toen veel op in Duitsland. Clemens en ik waren toen ook zijn project.’’

Metropole Orkest

De combinatie van cool jazz, heldere ritmiek en toonbeheersing van Brubeck beviel ook altsaxofonist Paul (1978) die net als zijn voorbeeld Desmond op klarinet is begonnen. Paul is nu vaste saxofonist bij het Metropole Orkest waarin hij ook meebeslist over met wie ze de altijd bijzondere samenwerkingsprojecten aangaan.

De jongste, Clemens (1980) woont in Leiden en behalve met zijn eigen band is hij vooral actief in verschillende formaties van nieuwere jazz- en improvisatiesignatuur. ,,Toen hij in de band begon, speelde hij baspartijen nog op een in kwarten gestemde cello. In de beginjaren van onze band zong hij wel eens Elvis Presley-liedjes. Hij heeft een heel goede stem. Later werd hij steeds meer een echte bassist, meer op de achtergrond. Clemens en ik lijken het meest op elkaar, alleen wil hij graag wat minder opvallen en is hij zeer integer. Ik ben wat extraverter en wil het publiek blij maken. Mark is anders dan wij, hij is nog steeds een soort ruwe diamant, niet iemand die bewust verschillende stijlen hanteert. Toen we ouder werden, kregen we onze eigen muzieksmaak en gingen we meer onze eigen dingen doen. Het was een moeilijke periode als band en we hebben dan ook jaren niet samengespeeld.’’

,,Nu spelen we al enige tijd weer wat vaker samen en dat voelt als een overwinning. Er is nu geen enkele druk.’’ Met de opname van ’Feenbrothers Play Dave Brubeck’, een audiofiele opname uit 2018, werd de Feenbrothers nieuw leven ingeblazen.

Lyrisch

Voor volgend jaar staat een project op basis van Ellington-materiaal op stapel. In dezelfde kamerjazzsfeer, ook daarin komt eigen werk in het verlengde van de bekende composities. Paul wordt lyrisch als hij het over de toon van Paul Desmond heeft. ,,Ik kan hem niet naspelen, maar ik ben ook een kind van mijn tijd waarin ik luisterde naar saxofonisten als Michael Brecker en David Sanborn. Je moet als saxofonist van het Metropole ook van alles kunnen spelen.’’ In zijn streven zijn toon bij te schaven is het zover gekomen dat hij nu experimenteert met dubbellipstechniek waarin de bovenlip net als bij de hobo de boventanden op het mondstuk vervangt, iets wat Desmond en de oude klarinettisten ook konden.

Het optreden morgen in Leiden is een soort experiment met die andere bezetting. ,,Als Mark de geest krijgt, kan het zomaar een nieuwe kant opgaan.’’

Feenbrothers, vrijdag 26 november, 20.00 uur, Sijthoff, Leiden, www.sijthoff-leiden.nl

Meer nieuws uit Leiden

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.