Gelukkig is verschroeide aarde vruchtbare grond voor een nieuw begin | column

Richard Kemper

De vulkaanuitbarsting op Tonga staat symbool voor de chaos die deze week ook in Nederland ontplofte. Zorgde de lava-eruptie 10.000 kilometer verderop in Peru voor een tsunami, ook in Nederland stond iedereen op springen.

Het begon met de chaos in de Tweede Kamer waar Kamerleden elkaar te lijf gingen als kleuters met teveel suiker op in een ballenbak van prikkeldraad. Alsof middelbare scholieren tijdens de les broodjes pindakaas uitsmeerden over het schoolbord en ondertussen riepen dat de juf nu echt eens orde moest houden. Het debat over de regeringsverklaring bestond uit toneelstukjes waarin iedereen vooral bezig was met het kiezen van het juiste moment om naar voren te rennen om ingestudeerde interruptie-zinnetjes te kwelen. Alles voor Instagram.

Ook Albert Verlinde bleek besmet met dit ’ik-roep-gewoon-iets-om-de-boel-op-te-schudden-en-we-zien-later-wel-of-het-waar-is’-virus toen ie Humberto betichtte van onwenselijke appjes. Iedereen die ooit bij Humberto te gast is geweest kwam meteen in het verweer. En ik maar denken dat het bijzonder was als ik zo’n keurig bedank-appje kreeg. Ik was gewoon een van de velen. Gadver.

Ondertussen zorgt het aankomende weegmoment over versoepelingen voor spanningen. Zo gaat het hier thuis elke morgen bij mijn weegmoment. Vooraf hoop je op lagere cijfers zodat je mag versoepelen, achteraf valt het altijd weer tegen. Gelukkig was daar de liefste actie aller tijden: #KapsalonTheater! Nou, daar gingen de burgemeesters eens stevig op handhaven. Een beetje grapjes maken op 1,5 meter afstand in een bijna leeg theater voor mensen met een QR-code, dat gaat zomaar niet! Het is geen demonstratie waarin 15.000 ongevaccineerden elkaar de mond volspugen met 2G-leuzen! Gelukkig luisterde geen enkele BOA naar zijn burgemeester en ging #KapsalonTheater gewoon door.

Als we ze nou maar niet op ideeën hebben gebracht. Wij hebben in alle varianten in het theater gestaan afgelopen twee jaar, maar spelen op 1,5 meter was de ergste. Dat is een zwemwedstrijd in een pierenbadje, de finale van Wimbledon tafeltennissen, het is Maarten van Rossem als cliniclown: het werkt niet! Ik zeg: theaters pas open als het helemaal kan.

Ik hoor u denken: „Kemper, allemaal leuk en aardig maar zit je niet heel erg om iets heen te draaien? Staat er niet een gigantische olifant in deze column?” Klopt. Maar ik heb er niks nieuws over te zeggen. Ik vind wat iedereen ervan vindt. Ik ben net zo misselijk. Net zo geschrokken. En ik sta met m’n bek vol tanden.

Daarin lijk ik dan weer de enige. Want als ik op sociale media kijk, lijkt iedereen al jaren precies te weten hoe het zit met de verhouding tussen mannen en vrouwen. Wat wel en niet kan. Waar een grap eindigt en een belediging begint. Wat een troostrijke knuffel is of juist een ongepaste aanraking. Wanneer een onschuldig bedoelde flirt complimenteus voelt en waar -ie grensoverschrijdend wordt. En ik wist het ook. Dacht ik. Tot deze week dus. Want ook al is het van een totaal andere orde dan alles wat over ons heen is uitgestort, het zet je als man toch aan het denken. Heb ik onder de noemer ’moet kunnen’ ooit ongepaste grapjes gemaakt? Absoluut. Heb ik insinuaties gedaan die ondeugend bedoeld waren maar net iets te ver gingen? Waarschijnlijk. Heb ik zelfs weleens iemand gehugd die dat als iets te lang kan hebben ervaren? Grote kans. Allemaal zonder ’overschrijdend’ te willen zijn natuurlijk. Maar als er een ding deze week duidelijk is geworden, is het wel dat wij mannen daar helemaal niet over gaan. Dat we wat dat betreft nog veel moeten leren. Zodat wij het onze zonen kunnen leren. Maar daarvoor moeten we eerst maar eens echt luisteren. Niet meteen naar een interruptiemicrofoon rennen, maar luisteren. Gelukkig is verschroeide aarde vruchtbare grond voor een nieuw begin. Tenminste, dat zeggen ze in Tonga. Daar houden we ons dan maar aan vast.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.