Nederlandse olympiërs die ’vreemdgaan’. Top 5 van overstappers: van goud in het rood-wit-blauw naar brons in het zwart-geel-rood

Bart Veldkamp kwam op de Olympische Spelen 1998 (Nagano), 2002 (Salt Lake City) en 2006 (Turijn) voor België uit.© Foto EPA

Robert Toret

Nederlandse olympiërs die op de Spelen onder de vlag van een andere natie uitkwamen, zijn geen zeldzaamheid. In wintersportverband betrof het vooral schaatsers die hun sportieve heil elders zochten. De top vijf ’vreemdgangers’:

Bart Veldkamp

Deze ’Hagenees’ won in 1992 in het rood-wit-blauw goud op de 10.000 meter in Albertville, om daar twee jaar later in Lillehammer op diezelfde afstand nog brons aan toe te voegen. Ondertussen nam de concurrentie in ons land sterk toe en werd de interne selectiestrijd voor de internationale toernooien steeds zwaarder. Het bewoog de stayer in 1996 tot een opmerkelijk besluit: Veldkamp besloot om voor onze zuiderburen uit te komen. Als ’schaatsbelg’ pakte hij in 1998 in Nagano het brons op de 5.000 meter, achter Gianni Romme en Rintje Ritsma.

(Tekst gaat onder de foto verder)

Hans van Helden

De primeur had Veldkamp trouwens niet. Beginjaren tachtig ging Hans van Helden hem al voor. Hij trouwde met de Franse schaatsster Marie-France Vives en nam de Franse nationaliteit aan. Zo omzeilde het ’enfant terrible’ de concurrentie en kon hij probleemloos aan EK’s, WK’s en de Spelen meedoen. Heel succesvol was hij als ’Haantje’ overigens niet. Waar hij in 1976 voor Nederland in Innsbruck nog drie keer brons veroverde, kwam de Brabantse stilist in 1984 in Sarajevo als Fransman niet verder dan een vierde plek op de 1.500 meter.

(Tekst gaat onder de foto verder)

Fausto Marreiros

De in Velserbroek geboren Fausto Marreiros gold als groot schaatstalent, maar vroeg in zijn carrière sloeg het noodlot toe. Bij een val liep hij snijwonden aan zijn been op. Hij hield er een klapvoet aan over en wist zijn belofte niet meer in te lossen. Omdat hij er in Nederland niet aan te pas kwam, besloot hij voor zijn vaderland Portugal uit te komen. Zo stond hij in 1998 in Nagano toch nog op de Spelen, al kwam hij op de 5.000 meter niet verder dan de 31e plek. In het marathonschaatsen was Marreiros succesvoller. Hij won twee keer het Open NK op (Oostenrijks) natuurijs en eindigde bij de laatste Elfstedentocht, op 4 januari 1997, knap als tiende.

(Tekst gaat onder de foto verder)

’TJ Flowers’

Erg rouwig waren ze niet bij de KNSB toen Ted-Jan Bloemen in 2014 besloot om zijn geluk als Canadees te beproeven. De vader van de geboren Leiderdorper zag het levenslicht aan de andere kant van de oceaan en zo beschikte hij over een dubbele nationaliteit. Onder leiding van een andere Nederlander, Bart Schouten, groeide ’TJ Flowers’ echter uit tot wereldtopper op de lange afstanden. Wat zuur werd er hier naar hem gekeken toen hij vier jaar terug in Pyeongchang titelverdediger Jorrit Bergsma - die in 2009 nog een vergeefse poging deed om schaatskazach te worden - naar het zilver verwees.

(Tekst gaat onder de foto verder)

Marnix ten Kortenaar

Als junior was Ten Kortenaar talentvol, maar bij de ’grote mannen’ bleef een doorbraak uit. En dus keerde hij ons land de rug toe. Omdat de Zwitserse vreemdelingenpolitie dwars lag, sloot hij aan bij Oostenrijk. Richting de Spelen van 1998 in Nagano maakte Ten Kortenaar naam. Niet zozeer op het ijs, maar als ’schaatschemicus’. De Voorburger was als assistent in opleiding verbonden aan de TU Delft en samen met zijn studenten ontwikkelde de ’professor’ aerodynamische strips, die op het schaatspak aangebracht werden. Veel helpen deed het niet: een tiende plek op de 5.000 meter was zijn beste resultaat. Tegenwoordig heeft hij zijn eigen bedrijf, Dr. Ten. Daarmee ontwikkelde hij onder meer een duurzame zeezoutbatterij.

olyspread_top5_1702.pdf

Meer nieuws uit Sport

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.