Lezersdilemma: Word ik na twintig jaar te oud voor schoolreisje?

Op deze plek leggen lezers een dilemma voor. Anderen reageren hierop. Vandaag: Word ik na twintig jaar te oud voor schoolreisje? Reageren of heb je zelf een dilemma? Stuur een (anonieme) e-mail naar dtv@mediahuis.nl

Carola is al twintig jaar vrijwilliger bij de jaarlijkse kampeerweek van de buurtschool. Het was altijd leuk, maar na het laatste reisje kwam ze teleurgesteld terug. Nu de mentaliteit van de kinderen verandert, twijfelt ze of ermee moet doorgaan.

Carola (55): „Toen onze zoon twintig jaar geleden met zijn klas op schoolreisje ging, vroeg de juf of ik tijd en zin had om mee te gaan, met de groep. Ze kende me al als leesmoeder en begeleider van de avondvierdaagse, dus we wisten wat we aan elkaar hadden. Dat eerste schoolkamp was een groot succes: we bakten samen pannenkoeken, ik zette met een andere moeder een speurtocht uit, was jurylid bij de talentenjacht en plakte pleisters bij valpartijen. Natuurlijk boden we tussendoor troost aan een klasgenootje met heimwee en een luisterend oor aan kinderen met grote en kleine verdrietjes.

Na vier drukke dagen en drie onrustige nachten in de slaapzak reden we met de bus terug, met de hele klas. Doodmoe, maar helemaal voldaan. Want toen was iedereen bevriend met iedereen en wist je dat ze hun hele leven aan die kampweek zouden terugdenken. Dan vergat je dat het bakken energie had gekost en dat je er snipperdagen voor moest opnemen.

Dus toen de school het jaar daarop vroeg of ik weer meeging op schoolkamp, zei ik ja. Ook al zaten onze eigen kinderen toen al op het voortgezet onderwijs. Ze hadden me nodig, zei de juf. Intussen ben ik al twintig jaar de kampmoeder en lijkt mijn jaarlijkse reisje al vanzelfsprekend.

Maar intussen geniet ik er niet meer zo van als voorheen. Dat ligt deels aan mezelf, want nu ik twintig jaar ouder ben, heb ik niet meer het enthousiasme waarmee ik begon. Maar het ligt ook aan de veranderde mentaliteit van de kinderen. Want nu ze na de spelletjes meteen met hun telefoontjes in de slaapzaal gaan liggen, is het groepsgevoel minder sterk. En nu bijna de helft van de groep met speciale dieetwensen komt, is het koken ingewikkeld geworden. Van veel kinderen zijn de ouders uit elkaar, wat betekent dat we als begeleiders van zowel vader als moeder instructies krijgen over allergie, bedtijd en gevoeligheden. Daar komt bij dat de kinderen het niet meer vanzelfsprekend vinden, dat een volwassene het voortouw neemt. Over ieder kleinigheidje moet je in discussie, wat ten koste gaat van de sfeer. En dat het voor mij allemaal vrijwilligerswerk is, lijken kinderen en ouders over het hoofd te zien. Toen we vorige week bij de school terugkwamen, liepen de leerlingen rechtstreeks van de bus naar de auto van hun ouders. Sommigen zwaaiden nog even, maar de tijd dat ze ons met een knuffel of een vriendelijk woord bedankten, lijkt voorbij.

Daarom aarzel ik of ik volgend jaar weer mee moet gaan. Mijn man zegt dat kinderen juist in deze tijd behoefte hebben aan saamhorigheid en buitenlucht en dat ik daarom moet volhouden. Maar ik ben minder gemotiveerd. Doorgaan of tijd om te stoppen?”

Meer nieuws uit Lifestyle

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.