Bouwcenter Goedhart leerde in de coronacrisis hoe kwetsbaar het bedrijf is: ’Je kan mensen geen twaalf uur per dag laten werken, dan moet je sluiten’

Nico de Haan, vestigingsmanager bij Bouwcenter Goedhart.© Eigen foto

Rutger de Quay
Alphen aan den Rijn

Nu de coronacrisis zo goed als ten einde is, is het tijd om de balans op te maken. Hoe hebben ondernemers in Alphen aan den Rijn de coronacrisis doorgemaakt, en hoe kijken ze erop terug? Met vandaag: Nico de Haan, vestigingsmanager bij Bouwcenter Goedhart.

Hoe lang werk je nu al bij Bouwcenter Goedhart?

„Ik werk er nu tweeënhalf jaar.”

Je bent in covidtijd begonnen? Hoe was dat?

„Tweeënhalve maand nadat ik begon, barstte corona los. Het is één van de weinige zekerheden in het leven: er verandert áltijd iets. Dat was hier ook het geval. Corona kwam step by step. Het begon met dat er in China iets gaande was, en opeens volgden zo allerlei landen. Algauw dachten we: het zal ook wel in Nederland uitbreken. In een periode van een paar weken wordt corona opeens een feit. Na een tijdje wist je: het zal niet lang meer duren.”

Was je bang dat de winkel dicht moest?

„Als bedrijf mochten we openblijven, zo bleek spoedig. De overheid was er veel aan gelegen dat de bouw doorging. We waren dus niet zo bang dat we dicht moesten. Wel zijn onze openingstijden destijds tijdelijk aangepast, omwille van onze personeelsbezetting. We zijn een tijdje de dag een uurtje eerder geëindigd, zodat we verantwoord open konden blijven. Het getuigt van goed werkgeverschap dat je alert bent op de zorg voor de klanten en je eigen mensen.”

Waren er andere manieren waarop je ervoor zorgde dat de zaak bleef draaien?

„We hielden ons aan de overheidsregels… desinfectiemiddel, afstand houden, mondkapjes, alle dingen die we horen te doen, hebben we gedaan. We hadden nog het geluk dat we open mochten blijven.”

(Tekst gaat door onder de foto)

Het pand van Bouwcenter Goedhart in Alphen aan den Rijn, aan de Tankval.© Cyclomedia

Het concern waartoe uw bedrijf behoort, beheert ook andere bedrijven zoals de Gamma in Alphen. Was het niet verleidelijk om de klanten die daar – door de winkelsluiting – niet terecht konden naar uw bedrijf te lokken?

„Economisch gezien zou dat heel misschien een goede keuze zijn. We hebben echter ook een maatschappelijke plicht naar onze klanten toe. Dus besloten we alleen mensen toe te laten die daadwerkelijk bij ons mochten winkelen. Dat was ook wat de overheid van ons heeft gevraagd.”

Zijn er dingen die je door de crisis anders bent gaan doen?

„Niet veel, behalve dat we uiteraard het online vergaderen zijn gaan doen en dat nog steeds doen. Het is wel zo efficiënt, in een aantal gevallen gaat het prima. Voor corona hadden we waarschijnlijk nooit stilgestaan bij de mogelijkheden die digitaal vergaderen biedt. Voor een vergadering zouden we waarschijnlijk, voor corona, allemaal in een auto zijn gestapt om naar een locatie te rijden voor een overleg. Soms zit je dan één uur heen en één uur terug in de auto. Fysiek vergaderen heeft natuurlijk zijn meerwaarde op bepaalde momenten, maar als er een overleg is dat digitaal kan, dan doen we dat – nog steeds – digitaal. Het is efficiënter en is een blijvend ding gebleven.”

Waren er ook nog positieve kanten aan de pandemie?

„Tijdens de pandemie zijn we uitgebreid, ook in personeel. Gelukkig hebben we kunnen investeren, we hebben ook onze kansen gezien. Sommige dingen kun je niet, want je bent overgeleverd aan overheidsmaatregelen en de grillen van de economie. Maar er zijn ook dingen waar je wél invloed op hebt, en daar kun je ook over nadenken. Dat moet je trouwens altijd doen, wel of geen corona. Daar zijn we wel verder meegegaan, want we zijn blijven ondernemen. We zijn op zoek gegaan naar de dingen die wel kunnen, in welke periode je ook zit.”

Onderaan de streep, hoe kijk je terug op de crisis?

„Tsja… dan kom je nu toch wel een beetje in de acceptatiefase. Nu denk je: het is er, het is er nog steeds. Het virus heeft doet je toch wel wat meer nadenken over vragen zoals ’houden we afstand?’ en ’letten we nu meer we nu meer op elkaars hygiëne?’. Het is niet dat we dat normaal niet deden, maar het bewustzijn ervan is toegenomen. We hebben een magazijn, waar heftruckbestuurders een vergunning nodig hebben. Als van de vijf man in een magazijn er drie ziek zouden worden, dan heb je een gigantische uitdaging. Die situatie hebben we gelukkig weten te voorkomen, maar het besef dat je je bedrijf zou moeten sluiten, daar ben ik mij nu bewust van. Het kan zomaar gebeuren, iedereen ziek. Je kunt mensen één keer tien of twaalf uur per dag laten werken, maar dat kan je niet lang doen. Je kwetsbaarheid als bedrijf is met deze crisis wel aangetoond… daar ben ik mij wel bewust van geworden.”

Lees ook: Traktatiekoningin Marleen had als eigenaar van een webshop had ’veel stress’ door de coronacrisis. Toch dacht ze: ’Ik bijt even door, we zien wel waar het schip strandt’

In de serie De winnaars en verliezers van de coronacrisis maakt Alphen CC de balans op: hoe kijken ondernemers terug op de crisis, en wat hebben ze ervan geleerd? Heeft u tips of wil u reageren? Stuur een e-mail aan r.de.quay@mediahuis.nl.

Deze serie is mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van de Kwaliteitsimpuls Zuid-Hollandse Journalistiek.

Nico de Haan is vestigingsmanager bij Bouwcenter Goedhart in Alphen aan den Rijn en heeft achttien medewerkers in dienst. Een deel van de medewerkers werkt als parttimer. Tijdens de pandemie is er niemand ontslagen.

Meer nieuws uit Alphen

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.