’Totaalboek’ over iconische familie Blaeu die de wereld veroverde met kaarten en atlassen

De 125 kilo zware ’Atlas van Blaeu’ die de Engelse koning Karel II cadeau kreeg van de Amsterdamse kooplieden.© Illustratie uit ’De wereld van de familie Blaeu’

Peter Schat
Haarlem

Al in tijd waarin ze vervaardigd werden, waren de kaarten en globes van Blaeu symbolen van status en macht. Sultans, tsaren en koningen kregen ze ten geschenke. Schepen met kaarten van Blaeu in de stuurhut waren onontbeerlijk voor de expansie van wereldrijken, Nederland zelf voorop.

Amsterdam was op gebied van boekdrukkunst en kaartmaken het ’Silicon Valley van de zeventiende eeuw’, zegt historicus Kees Zandvliet. Van zijn hand verschijnt woensdag wat hij omschrijft als ’een overzichtsstudie’ naar de befaamde kaartenmakersfamilie met wortels in Noord-Holland: ’De wereld van de familie Blaeu’.

Over de Blaeus, hun producten en hun ’iconisch belang voor de boekhandel in Amsterdam’ is door de eeuwen heen veel gepubliceerd, maar altijd slechts over partjes van de familiegeschiedenis. Of als catalogus bij tentoonstellingen. Midden jaren negentig kwam Zandvliet de familie Blaeu nadrukkelijk tegen toen hij promotieonderzoek deed naar de rol van kaarten in de expansie van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. ,,Omdat ze kaartenmakers voor de VOC waren en de wereldmarkt beheersten qua publicaties.’’

Auteur Kees Zandvliet.© Annemieke van der Togt

Zandvliet, sinds een jaar of tien woonachtig in Haarlem, is emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam en was hoofd presentatie van het Amsterdam Museum en hoofd van de afdeling Geschiedenis van het Rijksmuseum. Daarvoor werkte hij 21 jaar bij het Algemeen Rijksarchief in Den Haag, de laatste tien jaar als hoofd afdeling kaarten en tekeningen. Dan ontkom je niet aan de familie Blaeu.

Glorietijd

Zijn pensionering drie jaar geleden, deed hem teruggrijpen op al die fiches die hij gedurende zijn wetenschappelijke carrière over de Blaeus verzamelde. Omdat hun glorietijd 350 jaar geleden eindigde met het overlijden van Joan Blaeu en een totaalboek eigenlijk niet bestaat, besloot Zandvliet dat te gaan maken. ,,Je denkt op een zeker moment, hoeveel boeken ga ik nog schrijven? Dit vond ik heel leuk om naar terug te gaan.’’

,,Door mijn werk bij het Rijks weet ik vrij veel over familieverbanden in de zeventiende eeuw. De combinatie tekst en beeld vind ik ook een heel spannende. Je ziet bij historici, van huis uit bent ik er ook een, dat het beeld er achteraf bij wordt geplaatst. Kunsthistorici baseren zich traditioneel op het beeld en veel minder op schriftelijke bronnen. Voor mij is de uitdaging beide te gebruiken. Een kaart is veel complexer dan een tekst, want het is kleur, lijn, symbolen én tekst. Dat gecomprimeerd presenteren van informatie, is wat mensen als Blaeu en consorten doen.’’

Kaart van Blaeu op het schilderij van Johannes Vermeer ’De soldaat met het lachende meisje’.© Illustratie uit ’De wereld van de familie Blaeu’

Met sierlijke teksten gevulde cartouches op kaarten zijn uitingen van dat complexe spel. Er wordt aan beschermheren eer betoond. Of met afgebeelde dieren satire bedreven. Of toch niet? ,,Daar dacht ik aan bij de chimpansees op de aan geneesheer Nicolaas Tulp opgedragen kaart van Guinee. Dat kan ook eerbetoon zijn, want hij schreef over chimpansees. Het is lastig te bepalen wat hier de bedoeling is. Dat spel is heel leuk, daar heb ik lol in.’’

Blauwe Willem

De familie Blaeu dankt zijn naam aan voorzaat Willem Jacobsz, bijgenaamd Blauwe Willem en rond 1500 geboren op Wieringen. Hij begon een haringpakhuis aan de Nieuwendijk in Amsterdam, dat met de achterzijde aan het IJ stond. Zijn kleindochter Anna Jacobsdr was getrouwd met Cornelis Pietersz Hooft, een latere burgemeester van Amsterdam en vader van de beroemde dichter. De in 1571 geboren Willem Jansz was een volle neef van Anna Jacobsdr en met hem begon de dynastie van kaartmakers.

(Tekst gaat door onder de foto)

Willem Jansz Blaeu, portret gemaakt door Jeremias Falck.© Illustratie uit ’De wereld van de familie Blaeu’

Willems hart lag niet bij de haring- en graanhandel. Na een opleiding bij de Deense astronoom Tycho Brahe trouwde hij in 1597 in Alkmaar met Maritgen Cornelisdr van Uitgeest. Een paar jaar later verhuisde het paar naar Amsterdam om er aan het Damrak een winkel in boeken, globen, zeevaartkundige instrumenten en kaarten te beginnen. Hier, aan een van de kades van wereldhaven Amsterdam, begon de dynastie van de illustere kaartenmakers. De klanten meerden als het ware af voor de winkel, maar ook de aanvoer van materialen als inkt, koper, papier en perkament was door de gekozen plek eenvoudig.

In 1598 werd hun zoon Joan geboren, die zijn vader op zou volgen en het bedrijf uit zou bouwen. Hun kostbaar ingebonden atlassen werden prestigeobjecten, kernactiviteit was echter het drukken van boeken. Zoals katholieke boeken, die de remonstrant Blaeu drukte onder schuilnaam en voorzag van valse adressen in roomse bolwerken als Keulen en Antwerpen. Vanuit kerkelijke en wetenschappelijke hoek was hier kritiek op, die Blaeu niet deerde. En ook het stadsbestuur trad er niet tegen op, dat luisterde maar één dag in de week naar de dominees: op zondag.

Magere ossen

De familie slalomde tussen politieke en religieuze twisten van die tijd door. De lijst personen met wie zij warme banden onderhielden lijkt op een straatnaamboek van Amsterdam: Vondel, Vossius, Van Baerle, Hondius, Hooft, Reael, De Lairesse, Bredero, Huydecoper, Lastman... Onroerend goed dat de familie kocht werd verpacht, bijvoorbeeld aan boeren die Deense magere ossen vetmesten. Werden die verkocht, dan ging de opbrengst deels naar de Blaeus, die van de huiden vervolgens perkament voor hun kaarten lieten maken. En zo drie keer aan het vetmesten van ossen verdienen.

Een ramp trof het bedrijf in het Rampjaar, op 3 februari 1672, toen brand uitbrak in de gloednieuwe drukkerij op het huidige Blaeu Erf nabij de Dam. Door de vorst was er amper water en bevroren de brandspuiten. De brandweer kon er door de smalle straten amper bij. Alles ging verloren, waarbij tragisch was dat een groot deel van de inventaris van de oude drukkerij aan de Bloemgracht net naar het Blaeu Erf was overgebracht. De gerechtvaardigde verwachting dat prijzen van boeken en kaarten van de firma Blaeu vanwege hun zeldzaamheid nu met een derde zullen stijgen, werd al direct geuit.

Gekroonde Hoppezak

In december 1673 overlijdt Joan Blaeu en wikkelt de weduwe Geertruit Vermeulen met haar zonen de nalatenschap en gevolgen van de brand af. De oudste, Willem Blaeu II, het zwarte schaap van de familie, had zich weliswaar als advocaat gevestigd maar bleef ook actief in de drukkerij. Mogelijk door speculatie met aandelen, raakte hij aan de bedelstaf. Het huis met geroemde schilderijenzaal aan de Brouwersgracht moesten zijn vrouw en hij aan het eind van zijn leven verruilen voor een kamer in herberg De Gekroonde Hoppezak in de hoerenbuurt, wat hun sociale duikvlucht tekent. Ze overleden in Hillegom, Willem in 1701, waar hun grafsteen nog steeds aanwezig is in de Hervormde Kerk.

(Tekst gaat door onder de foto)

Joan Willemsz Blaeu, geschilderd door Michiel van Musscher.© Illustratie uit ’De wereld van de familie Blaeu’

In financieel beter opzicht verging het broer Pieter Blaeu. Hij werd dijkgraaf van Nieuwer-Amstel en liet een buiten bouwen langs de Amstel. Begraven ligt hij in het hoogkoor van de Nieuwe Kerk in Amsterdam, op de duurste plek die de kerk kon bieden.

,,Het is het romantische beeld van Willem die de zaak opbouwde, Joan die het uitbouwde en Willem II die de teloorgang meemaakt.’’ Zandvliet toont met zijn boek aan dat het complexer ligt. En dat de familie nog lang in goeden doen bleef omdat ze de bakens verzetten. ,,Het is soms ook een romantische neiging, we vinden het prettig als Van Gogh arm blijft, want dat geeft onze ontdekking van zijn talent meer glorie.’’

Diefstal

Zandvliet heeft geen kaarten van Blaeu in bezit. ,,Nee, ik heb niks. Ik verbaas me over medewerkers van musea die zelf verzamelen. Dan is het lastig hobby en het belang iets te verwerven voor het museum gescheiden te houden. Je moet oppassen dat je als medewerker niet gaat denken beter voor de spullen te kunnen zorgen dan een museum of archief. Dat kan zelfs tot diefstal leiden.’’

Een onderzoek zoals Zandvliet deed naar een roemruchte familie met al zijn verbanden, vertakkingen en relaties, zou eind vorige eeuw tijdrovender zijn geweest dan nu en misschien zelfs onmogelijk.

,,Kon ik toen tien, vijftien procent van mijn onderzoek via digitale bronnen doen, nu misschien wel 75. En dat dankzij amateurs en liefhebbers van het project VeleHanden, die bij voorbeeld uit het kilometers lange - gedigitaliseerde - notariële archief van alleen al Amsterdam de kerngegevens halen. Of de mensen van de historische verenigingen in Hillegom en Uitgeest, van wie je vaak sneller antwoord krijgt dan van een hoogleraar bij de universiteit. Zij zijn gedreven, hebben er lol in en hebben veel verstand van hun terrein. Dat is de fijnmazigheid die in Nederland heel prachtig is en waar ik van genoot die in de archieven tegen te komen. Waar ik in feite als krullenjongen ben begonnen.’’

Familie Blaeu

’De wereld van de familie Blaeu’, door Kees Zandvliet, uitgever Walburg Pers, 384 pagina’s, ISBN 9789462499416, € 49,99.

Meer nieuws uit Uitgelicht

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.