Een goede parasiet richt schade aan maar laat zijn gastheer in leven | Column

Nico van Straalen

Egmond aan Zee was onlangs twee dagen het centrum van de biologie in Nederland. Het Nederlands Instituut voor Biologie hield haar jaarlijkse congres voor biologieleraren en ik mocht daar een lezing houden. Ik zag een groot aantal jonge enthousiaste biologen die hadden gekozen voor het vak van docent aan een middelbare school. Ik ontmoette bovendien verschillende ex-studenten, wat het extra leuk maakte.

Maar zelf leerde ik ook weer iets. Een van de lezingen ging over parasieten, een onderwerp dat mij mateloos interesseert en waarover ik zelf ook college gaf in de tijd dat ik aan de universiteit werkte. De spreker had het over de noodzaak om parasieten te beschermen, ze te zien als bedreigde diersoorten. Hoezo beschermde diersoorten? Ik dacht dat parasieten beesten waren waar je vanaf wilt, die je eigenlijk wilt uitroeien.

Het schoolvoorbeeld van een parasiet die uitgeroeid mag worden is de guineaworm, een dier van enkele decimeters lang dat zich opgerold nestelt onder de huid en daar een blaar veroorzaakt. Ze zitten vooral in de onderbenen en voeten. De patiënt krijgt een branderig gevoel en wil de plek afkoelen door in het water te lopen.

Eenmaal in het water komt de worm met zijn kop naar buiten en spuwt dan een menigte kleine wormenlarven uit. Die zoeken naar een kreeftje waarin ze zich nestelen. Als mensen vervolgens water drinken waarin deze kreeftjes zitten komt de parasiet weer in de mens terecht, de larven zwerven door het lichaam en zoeken een plek waar ze uitgroeien tot een volwassen vrouwtje.

Zoals het een goede parasiet betaamt richt de guineaworm wel schade aan, maar laat de gastheer in leven. Je gaat niet dood aan een infectie, maar je voelt je beroerd en de blaren zijn zeer pijnlijk. Daarom heeft de Wereldgezondheidsorganisatie in 1981 besloten om de guineaworm uit te roeien. En dat lijkt te lukken. In de jaren tachtig kwamen er nog duizenden gevallen voor, verspreid over twintig landen, de meeste in Afrika. Maar in 2020 werden er nog slechts 27 gevallen gerapporteerd.

Met behulp van eindeloos speurwerk in de laatste afgelegen Afrikaanse dorpen gaan we waarschijnlijk meemaken dat deze wormensoort door een bewuste actie van de mens tot uitsterven is gebracht. Bij mijn colleges parasitologie vertelde ik dit verhaal altijd als een succes van de biomedische wetenschap: hoe je met kennis van zaken en organisatietalent de wereld kunt verlossen van een akelige ziekte.

Maar op het biologencongres had de spreker het over de bescherming van parasieten. En zo raar is dat eigenlijk niet. Parasieten in het milieu controleren de gastheren waarin ze zitten. Hun aantallen nemen toe naarmate er meer gastheren zijn, dus ze zijn in staat om de populatie van hun gastheer in toom te houden. Parasieten vervullen een regulerende rol in het ecosysteem.

Om die controlerende functie te behouden moeten we voorkomen dat ze uitsterven. Natuurlijk moet je een uitzondering maken voor parasieten die een gevaar vormen voor de mens en voor parasieten die van dieren op de mens kunnen overspringen. Maar parasieten in het milieu zijn het waard om beschermd te worden, samen met hun gastheren.

Dus ik heb de neiging om mijn mening over parasieten bij te stellen: van uitroeiing naar bescherming. Maar eerst moeten we weten welke parasieten van nature in dieren voorkomen. Voor het boek over bodemdieren waar ik aan werk, heb ik een tabel opgenomen van alle parasieten die bekend zijn, van wormen, pissebedden, spinnen, slakken en insecten.

Ik kwam op een lijst van 686 soorten. Waarschijnlijk zijn er nog veel meer. Bijna elk dier in de bodem heeft wel een parasiet: een worm, een mijt, een schimmel, of een eencellige. Nu moeten we nog bedenken hoe we de kennis over parasieten kunnen inzetten voor de gezondheid van zowel mens als natuur.

Meer nieuws uit Opinie-Column

Net Binnen

Ombudsteam

Ons Ombudsteam springt in de bres voor de consument.