Bij Pabo Leiden voelen de jongens zich thuis

Bij Pabo Leiden voelen de jongens zich thuis
© Foto Hielco Kuipers
Pabostudent Jan van Duijn legt aan studenten uit hoe zij moeten tennissen.

Het basisonderwijs heeft een tekort aan meesters. Pabo Leiden slaagt er echter wel in om mannelijke studenten te werven. Vijf jaar geleden begon de opleiding met een sportvariant, waarvoor veel jongens zich aanmelden. Zij moeten er voor zorgen dat er weer een evenwicht komt tussen het aantal mannelijke en vrouwelijke leerkrachten. Die balans is er niet en dat leidt ertoe dat afgestudeerde meesters al snel weer stoppen.

Op zes tennisbanen bereiden dertig pabostudenten hun oefeningen voor. Op deze zonnige dinsdag houden zij een toernooi op Tennisclub Unicum en Tennisvereniging De Merenwijk. Achterin het tennispark van Unicum wachten 200 basisschoolleerlingen van elf Leidse scholen gespannen op het begin van de sportdag. Nadat de laatste groep kinderen enthousiast op de tribune is gaan zitten, leggen de studenten uit wat de bedoeling is. Een fluitsignaal klinkt. De lessen gaan beginnen.

Instroom

Pabo Leiden heeft de afgelopen vier jaar een constante instroom van mannelijke studenten van ongeveer 25 procent. Landelijk bedraagt dat percentage ongeveer 10. Volgens onderwijsmanager Jan Jaap Hubeek komen er meer jongens naar Pabo Leiden door het grotere aantal mogelijkheden. ,,Ze behalen bij ons niet alleen een diploma waarmee ze voor de klas kunnen staan. Bij de sportvariant kunnen ze bijvoorbeeld een certificaat halen op het gebied van sport en gezondheid. Ook kunnen ze in het vierde jaar een bijvak bewegingsonderwijs doen, waarmee ze gymles mogen geven aan alle groepen van de basisschool. In plaats van één diploma, halen ze er dus eigenlijk drie’’, aldus Hubeek.

Met een brede glimlach loopt pabostudent Stan van der Kroon van de baan. Hij is blij met de inzet van de leerlingen. ,,Ik heb altijd al met kinderen willen werken’’, zegt hij. Als hij weer aan het werk is, laat hij zien hoe de kinderen de bal het beste kunnen raken. De kinderen luisteren aandachtig en slaan er vervolgens weer op los.

,,Uit onderzoek is gebleken dat een team van meesters en juffen sterker is dan een team met oververtegenwoordiging van een van de seksen’’, zegt onderzoeker Koen de Jonge van Hogeschool Leiden. ,,Een goede balans zorgt ervoor dat leerlingen beter presteren.’’

Het schelle gegil van sportende kinderen galmt over de tennisbanen. Pabostudent Dion van Zundert kijkt tevreden naar hun spel. Na omzwervingen is hij terechtgekomen op de sportvariant van de pabo. ,,Ik heb zelf hoog gesport, dus toen ik deze opleiding ontdekte, dacht ik: Dit is het. Ik kan met deze opleiding zowel normaal lesgeven als gymles geven.’’ Dion gaat net als veel van zijn medestudenten voor de combinatie van leerkracht en gymleraar.

Hubeek is tevreden over het aantal jongens op de opleiding, maar maakt zich zorgen over wat de afgestudeerden daarna gaan doen. ,,Ons doel is dat de geslaagde studenten in het onderwijs blijven’’, aldus Hubeek. Dat gebeurt vaak niet. Veel mannelijke afgestudeerden stoppen na verloop van tijd omdat ze op een school werken met alleen vrouwelijke leerkrachten. ,,Wij raden onze mannelijke studenten aan om te zoeken naar een school met een goede balans van meesters en juffen.’’

Die ongelijke verdeling is in elk geval niet terug te zien in de sportklas van Pabo Leiden. ,,Ik zit met elf jongens in de klas’’, zegt Dion.

De lessen zijn bijna voorbij. De kinderen zijn hun concentratie kwijt. Ze luisteren niet meer naar de instructies van de pabostudenten. Tennissen doen ze zien meer; in plaats van de oefeningen doen ze vooral hun eigen ding. Met een korte brul krijgt Dion toch weer de aandacht. Dan volgt er een fluitsignaal. De sportdag is voorbij.

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws