Column 60 seconden: De PVV-toon is ook wel eens raak

Column 60 seconden: De PVV-toon is ook wel eens raak
Loman Leefmans

Als volksvertegenwoordigers iets willen weten van een bestuurder, kunnen ze hem of haar gewoon even bellen of mailen. Hoeft verder niemand te weten.

Maar soms willen politici juist laten zien dat ze vragen stellen. Om meer aandacht voor het onderwerp én zichzelf op te eisen, en in de hoop dat media het item oppikken.

Daarvoor bestaat het fenomeen ’schriftelijke vragen’. Die bestaan doorgaans uit zinsneden als ’bent u het met ons eens dat’ of ’het kan toch niet zo zijn dat’ , en dan vaak gevolgd door ’zo ja; waarom?’ en ’zo nee; waarom niet?’

Heel soms wijkt het voorspelbare taalgebruik af. Bijvoorbeeld in de kwestie rond de raadsleden uit de regio’s Rotterdam en Den Haag. Zij krijgen van de gemeente een lijstje met tips over hoe ze zich moeten gedragen op borrels en partijen. Ook krijgen ze een tabel met standaardcitaten mee, voor als ze met een biertje of wijntje in de hand op een receptie staan.

De Zuid-Hollandse PVV-fractie vindt dat ’ri-di-cuul’ en stelde daar schriftelijke vragen over aan het provinciebestuur. ’Klopt het dat de communicatie-afdeling werkt aan standaardzinnen voor gemeenteraadsleden? Zo ja, zijn ze helemaal van de pot gerukt?’

Ik geef toe, bovenstaand taalgebruik is diplomatiek noch deftig. Maar dat in dit krankzinnige geval de toon boven de inhoud is verkozen, valt zeker te verdedigen.

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws