Deeltijdbaan roept veel emoties op

Deeltijdbaan roept veel emoties op
© Foto Hielco Kuipers
Jet Bussemaker geeft vanavond de Annie Romein-Verschoorlezing van de Leidse universiteit. ,,Vrouwen komen economisch bijna altijd slechter uit een scheiding dan mannen.’’

Op Internationale Vrouwendag (8 maart) wordt elk jaar de Annie Romein-Verschoorlezing gehouden. Bussemaker, die dit jaar voor de lezing werd gevraagd, had onder meer journalist Sheila Sitalsing, onderzoeker Eveline Crone en politica Femke Halsema als haar voorgangers. Bussemaker wil in haar lezing ingaan op de economische zelfstandigheid van vrouwen in Nederland; bijna de helft van de Nederlandse vrouwen is economisch niet zelfstandig. ,,Veel vrouwen werken in Nederland, daarmee staan we zelfs aan de top van Europa,’’, stelt ze. ,,Maar ze hebben hoofdzakelijk deeltijdbanen.’’

Er zijn geen discussies - behalve misschien die over Zwarte Piet - die in Nederland meer emoties oproepen dan de discussie over de invloed van deeltijdwerken op de emancipatie van vrouwen, aldus Bussemaker. Ze bekent dat zij zich heeft verwonderd over de emotionele toon van het debat over de arbeidsparticipatie van vrouwen. ,,In het buitenland wordt zo’n discussie veel zakelijker gevoerd’’, zegt ze erbij.

Keuzes

Bussemaker benadrukt dat ze vindt dat vrouwen hun eigen keuzes moeten maken. ,,Ik heb niets tegen deeltijdbanen. Ik vind het zelfs een groot goed dat wij in Nederland hebben’’, zegt ze. ,,Het kan individueel een goede keuze zijn om deeltijd te gaan werken.’’

Toch baart het Bussemaker ook zorgen, vooral als het gaat om deeltijdbanen waarbij vrouwen maar een paar uur per week werk hebben. Met deze banen verdienen vrouwen vaak niet genoeg om zelfstandig rond te komen en ook doorgroeimogelijkheden zijn er bijna niet. Een werkgever breidt niet snel het aantal uren uit als een vrouw meer wil werken en promotie zit er ook veelal niet in. Bovenal zijn vrouwen die economisch niet zelfstandig zijn kwetsbaar, zeker als zij te maken krijgen met het wegvallen van een partner of een echtscheiding. ,,Vrouwen komen bijna altijd economisch slechter uit een scheiding dan mannen’’, merkt Bussemaker op.

Kostwinnaar

Al sinds het einde van de vorige eeuw doen meisjes en vrouwen het beter in het onderwijs dan jongens en mannen. Ze zijn hoger opgeleid, stoppen minder snel met hun opleiding en studeren sneller af in het hoger onderwijs. Toch weten vrouwen deze voorsprong in het onderwijs ten opzichte van mannen niet te vertalen naar een betere positie op de arbeidsmarkt. In januari werd deze zogenaamde emancipatie-paradox nog uitgebreid belicht in een rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau.

Bussemaker is niet verbaasd over de bevindingen van het rapport. Ze was als minister verantwoordelijk voor het vormgeven van het emancipatiebeleid. In de lezing blikt ze daarop terug. Zo stelt dat ze eigenlijk had gehoopt dat ze grotere stappen had kunnen zetten met betrekking tot de emancipatie en zelfstandigheid van de Nederlandse vrouw.

Diep geworteld

Ze gaat tegelijkertijd ook in op de vraag of beleid wel kan bijdragen als culturele opvattingen zo diep geworteld zijn. Volgens Bussemaker is er in Nederland lange tijd vastgehouden aan het maatschappelijke ideaal van de man als kostwinnaar. Hoewel de arbeidsparticipatie van vrouwen vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw is toegenomen, blijft het vandaag de dag nog ongelijk verdeeld tussen mannen en vrouwen als het aankomt op het aantal arbeidsuren dat we maken: mannen hebben vaak een voltijdbaan of werken vier dagen, vrouwen zijn vaak de deeltijdwerkers en werken soms maar één of twee dagen.

Begrip

,,In Nederland zijn we ook gehecht aan het idee dat we kinderen thuis kunnen opvoeden’’, zegt Bussemaker. ,,Kinderen naar de crèche brengen wordt in Nederland zelfs weleens gezien als een mindere optie.’’ Ze heeft begrip voor vrouwen met jonge kinderen die er bewust voor kiezen om slechts een paar uur per week te werken, maar ze vindt ook dat werkgevers de optie op meer arbeidsuren voor ze moeten openhouden. Als deze vrouwen meer willen werken, bijvoorbeeld omdat hun kinderen naar school gaan, dan is de mogelijkheid er nu vaak niet.

Toch zijn het niet alleen vrouwen met kinderen die vaak een deeltijdbaan hebben. Uit het rapport van het SCP blijkt dat ook relatief veel jonge vrouwen, die nog geen kinderen hebben, voor een deeltijdbaan kiezen. Volgens Bussemaker is de deeltijdbaan voor vrouwen bijna gemeengoed geworden. Ze zou daarom graag zien dat werkgevers het aantrekkelijker maken voor vrouwen om juist te kiezen voor meer arbeidsuren.

Een deeltijdbaan is vaak een individuele keuze, maar ook een politieke kwestie. Volgens Bussemaker is het beleid van de Nederlandse overheid in de afgelopen dertig jaar wispelturig geweest en bood het vrouwen geen zekerheid als het aankwam op goede verlofregelingen en kinderopvang. Dankzij belastingvoordelen voor gezinnen van wie slechts één gezinshoofd werkte, was het in het verleden zelfs financieel onaantrekkelijk voor sommige vrouwen om te gaan werken. Dit is inmiddels afgeschaft en ook andere zaken, zoals vaderschapsverlof en opvang, worden opgepakt. Bussemaker: ,,We zetten stapjes vooruit, maar het gaat langzaam.’’

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws