Docenten gaan terug naar de studiebanken

Docenten gaan terug naar de studiebanken
© Hielco Kuipers
Amaranth Feuth en Thijs Jan van Schie.

Minister Bussemaker van onderwijs wil dat meer docenten promoveren. Daarom stelt ze elk jaar 4,5 miljoen euro beschikbaar, zodat dertig leerkrachten promotieonderzoek kunnen doen. Vandaag reikt ze op het Marecollege in Leiden dertig nieuwe beurzen uit aan leraren uit het hele land.

Tijdens de uitreiking is een belangrijke rol weggelegd voor Thijs Jan van Schie, docent op het Marecollege. Bussemaker interviewt hem over het onderzoek dat hij gaat doen met de beurs die zij hem geeft. Van Schie is niet de eerste op het Marecollege die gaat promoveren. Zijn collega Amaranth Feuth ontving vorig jaar al een beurs. „Het is best bijzonder dat er op deze relatief kleine school twee docenten zijn die promoveren”, vindt Van Schie.

Promoveren is voor de twee docenten een manier om zich te ontwikkelen. „Rudolf Steiner heeft gezegd: een leraar die op routine werkt, krijgt ook leerlingen die zo werken”, zegt Feuth. „Leren is eng, want het haalt je uit je comfortzone. Als ik ploeter, weet ik hoe moeilijk mijn leerlingen het hebben. Dat schept een band.” Van Schie: „Wij promoveren, een andere docent doet iets anders. Het belangrijkste is dat je aan jezelf blijft werken.”

Onderwereld

Het onderzoek levert hen bagage op die ze goed kunnen gebruiken bij hun werk. Feuth geeft Engels en is docent klassieke talen. „Mijn onderzoek is niet onderwijskundig, maar wel relevant voor mijn lessen.” Ze vergelijkt oude en moderne literatuur met hetzelfde thema: de afdaling in de onderwereld. „Die verhalen gaan over helden die een confrontatie met de dood aangaan en er wijzer uit komen.”

Feuth geniet enorm van het onderzoek, wat haar enthousiasme voor haar vak alleen maar aanwakkert. „Verder onderzoek ik het beeldgebruik in deze verhalen. Als je kinderen iets uitlegt met behulp van een beeld, komt het heel anders binnen dan wanneer je het technisch uitlegt. Die kennis neem ik mee naar mijn lessen.”

Promovendus

Van Schie gaat als promovendus onderzoek doen naar vrijeschoolonderwijs op de Filipijnen. „Vrijescholen bestaan sinds de 20ste eeuw. Sinds het begin van de 21ste eeuw worden er ook vrijescholen opgericht in niet-westerse landen. Als cultureel antropoloog wil ik weten waarom, en wil ik onderzoeken hoe ze het onderwijs op de Filipijnen vormgeven.”

De kennis die hij bij zijn veldwerk opdoet vindt hij nuttig voor zijn werk als klassenleraar en docent maatschappijleer op vrijeschool het Marecollege in Leiden. „Ik zie het onderzoek als spiegel. Door vanuit een andere culturele context naar ons eigen onderwijs te kijken, kunnen we dat wat normaal lijkt toch kritisch bekijken. Op die manier kunnen we onszelf verbeteren.”

Promotiebeurs

Wie als docent een promotiebeurs wil bemachtigen, heeft allereerst toestemming nodig van zijn directie. Feuth en Van Schie kregen dat zonder problemen. „Ze zijn hier erg voor persoonlijke ontwikkeling.” Daarna beoordeelt de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) het onderzoeksplan. „Er worden heel wat mensen afgewezen”, weet Amaranth Feuth.

Dankzij de beurs kunnen de twee hun werkweek op school halveren, wat tijd oplevert om onderzoek te doen. Het combineren is niet altijd makkelijk. „Lesgeven is een dynamisch gebeuren, elke les is een deadline. Het onderzoeksproces is een zaak van langere adem”, vertelt Van Schie.

Feuth: „Ik heb altijd in mijn vrije tijd gestudeerd. Dat ik nu betaald mag leren, vind ik geweldig.”

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws