Exacte replica van Rijnlandse roede

Exacte replica van Rijnlandse roede
© Alex Pietrow..

Toegegeven, de eerste aanblik is teleurstellend. Onder de vensterbanken van twee ramen in het bezoekerscentrum van de Leidse Oude Sterrewacht hangt een lange meranti paal met een koperen strip er op. Een onoplettende bezoeker kan er zo overheen kijken. Toch is dit niet zomaar een paal. Het is een exacte replica van de Rijnlandse roede, 3,767358 meter lang.

In 1816 verruilde het pas gevestigde Koninkrijk der Nederlanden de Rijnlands roede definitief voor de meter. De Leidse sterrenkundestudent Alex Pietrow, die twee jaar geleden ’Einsteins wasbak’ in het Kamerlingh Onneslaboratorium veiligstelde voor het nageslacht, vond dat dit moment niet onopgemerkt voorbij mocht gaan. Hij vroeg hoogleraar sterrenkunde Ivo Labbé, die het bezoekerscentrum beheert, of hij daar een nauwgezette, geijkte replica van de roede mocht ophangen. Daar had Labbé wel oren naar, mede omdat zo’n replica erg goedkoop bleek. ,,De meranti balk kostte bij Noordman Hout 70 euro en de koperen strip 150 euro’’, zegt Pietrow, terwijl hij de facturen er nog eens bij pakt. ,,De fijnmechanische dienst van de universiteit heeft er de duim- en de voetlijntjes in gegraveerd.’’

Succes

Tot de invoering van de meter was de Rijnlandse roede een groot succes in het standaardiseren van lengtes. De lengtemaat was sinds de 14de eeuw dé standaard in Rijnland, maar werd ook gebruikt in delen van Duitsland, België, Nederlands Indië en Zuid-Afrika. Om ervoor te zorgen dat alle handelaren konden beschikken over de juiste maat, bevestigde het Leidse gemeentebestuur aan het eind van de 17de eeuw een geijkte roede aan de gevel. Tegenwoordig werken alleen bollentelers nog met Rijnlandse roedes. Ze berekenen er de maat van hun bollenvelden in: 700 RR2 is één hectare.

Ook de Leidse Sterrewacht had een geijkte roede. De Leidse wiskundige Willibrord Snellius (1580-1626) berekende de omtrek van de aarde in roedes. Hij kwam uit op 10.260.000 roedes. Daarmee zat hij er volgens Pietrow maar 3,6 procent naast. ,,Best goed dus.’’ Hoogleraar astronomie Johan Lulofs (1711-1768) gebruikte de roede om de schaduw van een zonnewijzer te meten. ,,Op die manier wilde hij de positie van de zon door het jaar heen meten en er achter komen of die van jaar op jaar steeds hetzelfde was’’, legt Pietrow uit. De geijkte Rijnlandse roede van de Oude Sterrewacht bestaat nog steeds en maakt nu deel uit van de collectie van Museum Boerhaave. In de praktijk was het niet zo’n handig instrument. ,,Hij is van messing en dus temperatuurgevoelig.’’ Nee, dan is een meranti roede toch beter, zegt Pietrow tevreden. ,,Hout is temperatuurvast.’’

www.oudesterrewacht.nl/bezoekerscentrum

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws