In HUBspot wordt de toekomst geboren

In HUBspot wordt de toekomst geboren
© foto Leidsch Dagblad
Kijk, daar verschijnt Jasper. Jasper is een jongetje van een jaar of 10; hij heeft rood haar en een grijze driekwart broek aan. Jasper is een vriendje met wie andere kinderen een spelletje gaan spelen. Eerst is het spelletje leuk; Jasper legt uit hoe het moet en hij moedigt de kinderen aan. Maar al snel wordt hij vervelend. Hij zegt dingen als: ’Je bent het aan het verprutsen!’ en ’Ik heb niks aan je’! Uiteindelijk gebeurt het onvermijdelijke: het kind dat met Jasper speelt, wordt kwaad. En dat is precies de bedoeling.

Jasper is geen echt jongetje, maar een figuurtje in een virtual reality-spelletje. Studenten Nesse van der Meer en Pieter Rohrbach hebben hem gecreëerd op basis van een gratis poppetje van Adobe. Virtual reality geeft spelers het gevoel dat zij daadwerkelijk ’in’ een spel zitten. Daarvoor moeten zij wel een speciale virtual realitybril dragen. Virtual reality - de spelontwikkelaars spreken liever van ’VR’ - is nog erg nieuw. Toch zijn er al voorbeelden van opgedoken in de consumentenelektronica, zoals het Albert Heijn-spel ’Terug naar de dino’s’. Vorig jaar was dat, vooral onder kinderen, een grote hype.

Project

De Honours Academy van de Universiteit Leiden vroeg studenten om in twee maanden een virtual realityspel te ontwikkelen dat geschikt zou zijn voor onderwijs of onderzoek. Bij de uitvoering werkten zij samen met Robin de Lange en Donna Schipper van het gloednieuwe Leidse bedrijfje VR Learning Lab, dat sinds gisteren een kantoortje heeft in bedrijfsverzamelgebouw HUBspot aan de Langegracht. Gisteren presenteerden vier werkgroepen van de Honours Academy het eindresultaat van hun project in HUBspot.

Van der Meer en Rohrbach bedachten hun VR-spelletje op verzoek van de onderzoeksgroep ’Focus on Emotions’ van de Leidse hoogleraar psychologie Carolien Rieffe. De psychologen willen een therapie ontwikkelen voor kinderen die snel driftig worden en die er dan op slaan. Andere kinderen sluiten hen om die reden vaak buiten en ze hebben minder vriendjes. Met een VR-spelletje, zo is de gedachte, zouden driftige kinderen manieren kunnen aanleren om hun boosheid te beheersen. ,,Daarvoor moeten we ze wel eerst boos maken’’, legde Van der Meer gisteren uit. Veel tijd ging zitten in nadenken over de vraag: hoe dan?, want het spelletje moest wel ethisch verantwoord zijn. Uiteindelijk kwamen ze uit op Jasper, die eerst aardig en behulpzaam lijkt, maar die uiteindelijk een naar, pesterig ventje blijkt te zijn.

Virtual realityspelletjes zijn experimenteel en vernieuwend. Technologie die wij over twintig jaar routineus zullen gebruiken, wordt hier geboren. Maar het is ook duidelijk dat de spelletjesmakers zitten aan de grens van wat processoren, internetverbindingen en software aankunnen. Niemand deed dan ook erg moeilijk over het feit dat de spelletjes tijdens de presentaties verre van vlekkeloos werkten. Robert de Lange van VR Learning Lab vindt het zelfs onredelijk om van digitale technologie te verlangen dat die het altijd goed doet. ,,Dat verwachten we van oude technologie evenmin, terwijl we daar veel meer ervaring mee hebben. Neem treinen. Die hebben we al bijna twee eeuwen, maar als het stormt, rijden ze ook niet.’’

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws