'Red de wasbak van Einstein'

In een hoekje van de De Sitterzaal van het Huygens Laboratorium staat een kleinood te kwijnen: 'Einsteins wasbak'. Nu ja, we hebben het over een wasbak uit het Kamerlingh Onnes Laboratorium in Leiden, maar sterrenkundestudent Alex Pietrow weet het zeker: hierin waste Albert Einstein het krijt van zijn handen.

'Einsteins wasbak' had ook Lorentz' wasbak of Ehrenfests wasbak kunnen heten. Hij werd in 1920 geïnstalleerd in de toen gloednieuwe 'grote collegezaal' van het natuurkundige laboratorium aan het Steenschuur.

Alle grote fysici uit het interbellum gaven in deze collegezaal les, toen de Universiteit Leiden één van de belangrijkste natuurkundige laboratoria ter wereld had.

De kwantummechanica en de relativiteitstheorie werden hier dagelijks besproken en de grootste geleerden kwamen hier college geven, van Niels Bohr en Erwin Schrödinger tot Robert Oppenheimer en Albert Einstein. Die laatste was van 1920 tot 1946 zelfs bijzonder hoogleraar in Leiden.

De wasbak was een onderdeel van de werktafel waarop de hoogleraren proeven deden en waarop ze hun collegeaantekeningen legden. Hij bevatte sponswater, zodat ze na afloop van het college het krijt van hun schoolborden, de sponzen en hun handen konden wassen.

Eerstejaars

Alex Pietrow raakte in de wasbak geïnteresseerd toen hij hem in een hoekje van de De Sitterzaal zag staan in het Oortgebouw aan de Wassenaarseweg. In deze zaal krijgen alle eerstejaars studenten colleges natuur- en sterrenkunde. Elke eerstejaars krijgt het verhaal te horen van 'de wasbak van Einstein', maar Pietrow was er niet van overtuigd dat het verhaal waar was.

,,Voor mij was dit genoeg aanleiding om het eens uit te zoeken, zeker na de oprichting van de historische commissie van het Leidsch Astronomisch Dispuut F.Kaiser.''

Pietrow deed navraag naar de herkomst van de wasbak. ,,Uiteindelijk belandde ik bij emeritus hoogleraar Rudolf de Bruyn Ouboter, die bevestigde dat hij uit het Kamerlingh Onnes Laboratorium kwam.'' Wie de wasbak uit het gebouw heeft gesloopt, kon Pietrow niet achterhalen. Wél dat het in 1997 moet zijn geweest. In dat jaar verliet de faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen het oude onderkomen.

Nageslacht

Op verzoek van Pietrow gingen directeur Dirk van Delft van Museum Boerhaave en hoogleraar geschiedenis van de natuurkunde Frans van Lunteren op zoek naar foto*s van de grote collegezaal van het Kamerlingh Onnes Laboratorium. ,,Daarop was de wasbak te zien in al zijn glorie'', zegt hij.

De natuurkundestudent wil graag dat de wasbak voor het nageslacht behouden blijft. Zolang de De Sitterzaal in gebruik blijft, is er niets aan de hand: hij is, hier en daar een beetje vergeeld en verkleurd, nog heel en functioneel. Maar over een jaar of vijf kan dat anders zijn, waarschuwt Pietrow.

De faculteit bouwt aan een nieuwe 'unilocatie', die de bestaande Gorlaeus-, Huygens- en Kamerlingh Onnes Laboratoria moet vervangen. Pietrow is bang dat dit unieke erfgoed dan alsnog wordt weggegooid.

Daarom heeft hij een petitie opgesteld met een oproep aan het faculteitsbestuur: 'red de Einsteinwasbak, geef hem een plekje in het nieuwe gebouw voor de natuur- en sterrenkundigen'. Tot nu toe hebben negentig mensen de petitie ondertekend. Pietrow weet niet hoe het faculteitsbestuur over zijn actie denkt.

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws