Dijkhoff coulant bij asielaanvraag

Staatssecretaris Dijkhoff (Veiligheid en Justitie) heeft achter de schermen een minder streng asielbeleid gevoerd dan zijn voorgangers. Vreemdelingen die eerst afgewezen werden, kregen van de VVD-minister vaak persoonlijk alsnog een verblijfsvergunning.

Als een rechter het verzoek om een verblijfsvergunning van een asielzoeker afwijst, kan een minister gebruik maken van zijn discretionaire bevoegdheid. De minister kan dan in stilte alsnog een vergunning verlenen.

Uit opgevraagde cijfers blijkt dat Dijkhoff in die gevallen relatief vaak met zijn hand over zijn hart streek. In zijn missionaire periode (maart 2015 tot 2017) werden hem 780 zaken voorgelegd en verleende hij 240 keer een vergunning. Oftewel: in 30 procent van de gevallen.

Vergeleken met zijn voorgangers is Dijkhoff opvallend ruimhartig. Partijgenoot Teeven verstrekte in 26 procent van de gevallen alsnog een vergunning, een procent meer dan CDA’er Leers. Nog groter is het verschil met de periode maart 2007 tot april 2010, toen PvdA’er Albayrak en CDA’er Hirsch Ballin het bewind voerden. Zij verstrekten het papiertje slechts in 22 procent van de gevallen.

In absolute zin heeft Rita Verdonk echter nog het meest gebruik gemaakt van haar discretionaire bevoegdheid. In drieënhalf jaar tijd deed ze dit duizend keer. Die cijfers zijn echter moeilijk te vergelijken. Tijdens Verdonks periode als bewindsvrouw werd er een generaal pardon aangekondigd, waar 26.000 mensen onder vielen, en daarbij werd direct beloofd ruimhartig om te gaan met degenen die buiten de boot zouden vallen. Doordat er toen op een andere manier werd geregistreerd, valt niet na te gaan hoeveel zaken er zo zijn afgehandeld.

Dat VVD’er Dijkhoff zo ruimhartig blijkt, is opvallend omdat zijn partij niet veel op heeft met deze discretionaire bevoegdheid. Partijgenoot Azmani noemde het systeem vorig jaar in de Kamer ’niet passend’ en bepleitte afschaffing ervan.

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws