Jacht op de publiekstrekker

Jacht op de publiekstrekker
© Foto J. van Bennekom
Hans Cornelissen

Trots liep hij door het theater. Begrijpelijke trots, want de bejubelde voorstelling over Adéle Bloemendaal, Conny Stuart en Jasperina de Jong was zijn idee. Van theaterproducent Hans Cornelissen, dus. Via ’Zeg ns Aaa’ schopte hij het tot invloedrijke theaterbobo achter de schermen. „Ja, we richten ons op veertig-plussers. Nou en?”

Hans Cornelissen was acteur in de theaters en tv-series. Zo speelde hij de rol van dokter Gert-Jan in de komedie Zeg ’ns Aaa, die twaalf jaar een publiekstrekker was. Later bracht hij de serie naar het theater. Dat concept trok twee seizoenen uitverkochte zalen en werd de daarmee basis voor zijn werk als producent. Inmiddels is hij creatief directeur van theaterbedrijf DommelGraaf & Cornelissen Entertainment, waar hij de ontwikkeling van nieuwe voorstellingen voor zijn rekening neemt. Denk aan musicals als ’De Zangeres zonder Naam’, ’Op hoop van zegen’, ’Het meisje met het rode haar’ en ’Wat zien ik?’. Ook het concept voor de musical rond de Volendamse palingsound kwam uit zijn koker. Hij bracht Nederlandse klassiekers als ’De Jantjes’ en ’Heerlijk duurt het langst’ opnieuw in de theaters, net als Nederlandse versies van Broadway-successen als ’Nonsens’ , ’Cabaret’ en ’A Chorus Line’. Daarnaast ontwikkelen hij en zijn compagnons Suzanne van Dommelen en Ruud de Graaf toneelstukken en theaterconcerten.

Club

Dat wil zeggen: het bedrijf koopt de rechten en Hans Cornelissen benadert schrijvers, regisseurs, componisten en vormgevers en zoekt de acteurs bij de rollen. Verder bemoeit hij zich met de aankleding en de promotie. Is de club makers eenmaal gevormd, woont hij regelmatig repetities bij. „Ik voel me verantwoordelijk voor het geheel en heb vast omlijnde ideeën over de voorstellingen en de promotie daarvan. Daarom hou ik graag zicht op alle aspecten van zo’n productie. Van de pruiken tot het ontwerp van de affiches en het decor.”

Wat is het succesrecept van een muziekvoorstelling als ’Adéle, Conny, Jasperina: De Grote Drie’ „De liedjes zijn heel belangrijk. Adéle, Conny en Jasperina hebben ongelooflijk sterk repertoire, dus het publiek weet dat het op dat gebied kwaliteit kan verwachten. De kunst is dan vooral om het verrassend te brengen. Met een nieuwe orkestratie bijvoorbeeld of door het op een bijzondere manier te zingen. Daarom is ook het script is van groot belang. Je moet net die ene invalshoek hebben om het verhaal geloofwaardig en toch bijzonder te maken. Ook de casting is cruciaal. De acteurs moeten het maken. Alleen een leuk typetje neerzetten is in zo’n personalitymusical niet genoeg. Daarvoor moet een acteur het vermogen hebben om een transformatie te maken die twee uur lang geloofwaardig en boeiend is.”

Klankbord

Bij de ontwikkeling van nieuwe producties hebben hij en zijn compagnons de schouwburgen als klankbord. „Omdat het aantal bezoekers onder druk staat, hebben de Nederlandse theaters het niet makkelijk. Daarom is het belangrijk om de theaterdirecteuren in een vroeg stadium te raadplegen bij het ontwikkelen van nieuwe voorstellingen, want zij kennen de markt en kunnen ook inschatten waaraan het publiek behoefte heeft. Dus nodigen we de theaterdirecties regelmatig uit om met ons om de tafel te zitten.”

De theaters in het land zagen een deel van hun publiek wegstromen naar megavoorstellingen als ’Soldaat van Oranje’, ’The Bodyguard’ , die voor lange perioden achter elkaar in vaste, grote theaters staan. Dommelgraaf & Cornelissen kiest er bewust voor om met hun voorstellingen de theaters in het land op te zoeken. „Wij blijven reizen naar Den Helder en Delfzijl, want het publiek blijkt nog steeds graag naar een schouwburg in hun eigen omgeving te gaan. Ook voor de acteurs houdt dat zijn charme. Dit is uiteindelijk een vak van rondreizende komedianten.”

Ouder

Met beproefd buitenlands repertoire als ’My Fair Lady’ , ’Adéle, Conny, Jasperina: De Grote Drie’ en de musical ’Liesbeth’ over Liesbeth List lijkt hij vooral te mikken op een ouder publiek. „Ja, en? Inderdaad: we richten ons daarmee bewust op de doelgroep van veertig plus. Dat is nu eenmaal de groep die tijd heeft om naar het theater te gaan en die het zich kan permitteren. Jongeren gaan nu eenmaal vaak liever naar evenementen en festivals. Hoewel ik zag dat een musical als ’Watskebeurt?!’, met de liedjes van De jeugd van tegenwoordig wél veel jongeren trekt. En ook onze voorstelling ’A Chorus Line’ scoort goed bij een jong publiek . Ik denk dat dat komt omdat de audities op het podium lijken op de talentenshows die ze van de tv kennen. Die droom van de doorbraak spreekt jongeren aan. Zeker als het voor hun ogen gebeurt. Daarom zal theater altijd blijven. Omdat het leeft.”

Wil je niks missen van Leidsch Dagblad? Like ons dan op Facebook!

Het laatste nieuws